Melanoom: behandeling

Als blijkt dat u een melanoom heeft, dan brengt dat veel vragen en onzekerheid met zich mee. Het heeft invloed op uw leven en dat van de mensen om u heen.

Om u de best mogelijke zorg te geven, maken we samen met u een plan voor uw behandeling. Hoe zo'n behandelplan eruitziet, hangt af van uw situatie. Het behandelteam kijkt bijvoorbeeld naar de plaats, grootte en kenmerken van de tumor. En naar mogelijke uitzaaiingen.

Meerdere gesprekken

Voordat uw behandeling begint heeft u altijd eerst een paar afspraken om de behandeling(en) te bespreken. U krijgt daarvoor brieven en uitgebreide informatie.

Doel van de behandeling

Een behandeling voor kanker kan bedoeld zijn om u te genezen. Als dat niet mogelijk is, behandelen we om uw levenskwaliteit te verbeteren. En/of, als dat kan, ​om uw leven te verlengen.​

Mogelijke behandelingen

Er zijn verschillende mogelijkheden om een melanoom te behandelen:

  • Om de diagnose te kunnen stellen, is een melanoom meestal al weggehaald tijdens een excisie. Tijdens een nieuwe operatie haalt de chirurg mogelijk achtergebleven kankercellen of eventuele uitzaaiingen in de huid vlak bij het melanoom weg. Dit heet een re-excisie.


  • Vaak haalt de chirurg tegelijkertijd de schildwachtklier(en) weg. Dit is de schildwachtklierprocedure.


  • Soms adviseert uw behandelteam u alle lymfeklieren te laten weghalen. Dit heet een lymfeklierdissectie​.​ Dit kan bijvoorbeeld een halsklierdissectie​, okselklierdissectie of liesklierdissectie​ zijn.


  • Als er in een been of arm erg veel uitzaaiingen zijn, kan iemand chemotherapie in alleen dat been of die arm krijgen. Deze behandeling heet een geïsoleerde ledemaatperfusie​.

    Uitzaaiingen in bijvoorbeeld de longen, darmen, milt of hersenen halen we soms ook weg met een operatie. Meestal doen we dit om de kanker te remmen en klachten te verminderen.


  • Bestraling kan kankercellen die mogelijk zijn achtergebleven doden. Dit maakt de kans dat de kanker terugkomt kleiner. We bestralen soms ook bij uitzaaiingen van het melanoom in bijvoorbeeld de botten of de hersenen. Ook kan bestraling soms klachten verminderen als iemand niet meer beter wordt.​


  • Soms is opereren niet mogelijk of is er een betere manier om het melanoom weg te halen. Bijvoorbeeld bevriezing van de plek met vloeibare stikstof. Dit kan bijvoorbeeld bij uitzaaiingen in de huid of het onderhuidse vetweefsel op de plek waar het melanoom zat. Deze uitzaaiingen behandelen we soms ook met een laserbehandeling. De hoge energie in het laserlicht zorgt ervoor dat de uitgezaaide cellen kapot gaan.


  • Een andere manier om oppervlakkige uitzaaiingen te behandelen is talimogene taherparepvec (T-VEC)​. Een afgezwakt menselijk virus, het humaan herpesvirus, wordt in een paar uitzaaiingen gespoten. Dit zorgt ervoor dat uw eigen afweersysteem de kankercellen aanvalt en kapot maakt.


  • Als er veel uitzaaiingen zijn die we niet weg kunnen halen met een operatie of een plaatselijke behandeling, geven we vaak immunotherapie​.


  • Bij veel uitzaaiingen is doelgerichte therapie​ soms ook mogelijk. Die is meestal gericht op het afremmen van het BRAF-eiwit. Dit afwijkende eiwit zorgt ervoor dat melanoomcellen groeien en de kanker zich uitbreidt.​ We kunnen in het laboratorium onderzoeken of een melanoom een BRAF-mutatie heeft waardoor het BRAF-eiwit gemaakt wordt. Dit is zo bij ongeveer de helft van de patiënten met veel uitzaaiingen van melanoom.


  • Bij een melanoom met veel uitzaaiingen geven we soms ook chemotherapie​.​


Behandelteam

Alle in melanomen gespecialiseerde zorgverleners zijn vanaf het begin bij uw behandeling betrokken. Samen komen zij tot de juiste diagnose en een behandelplan op maat. Altijd in nauw overleg met u, uw huisarts en de verwijzende specialist. Door op deze manier samen te werken, bieden we u de beste zorg.

Bekijk het behandelteam

Samen beslissen

Voordat een behandeling begint krijgt u in een gesprek uitgebreid uitleg en informatie. Over de verschillende mogelijkheden en over de voor- en nadelen van een behandeling. Het gesprek gaat ook over wat een behandeling voor u betekent en wat u zelf wilt. Dit noemen we 'samen beslissen’.

‘We zien dat er niet alleen voor levensverlenging wordt gekozen, maar net zo vaak voor onafhankelijkheid‘
Prof. dr. Barbara van Leeuwen
  • Als u kanker heeft of heeft gehad, kan er veel veranderen in uw leven en dat van uw naasten. Niet alleen lichamelijk, maar ook emotioneel krijgt u veel te verwerken. Angst, onzekerheid, woede en verdriet zijn emoties die daarbij kunnen horen. De ziekte kan ook vragen oproepen als: 'waarom ik, wat gebeurt er met mijn partner, mijn kinderen, hoe moet ik verder?'

    Praten met een maatschappelijk werker, psycholoog of geestelijk verzorger kan u helpen om te gaan met uw vragen en emoties. U kunt contact opnemen met een van de psychosociale medewerkers van het UMCG als u bijvoorbeeld moeite heeft met:

    • het verwerken en accepteren van uw ziekte
    • problemen in de relatie met uw partner, kinderen en/of familie
    • het aanpassen aan de nieuwe (sociale) situatie
    • het maken van keuzes rondom uw behandeling
    • de communicatie met de zorgverleners in het ziekenhuis
    • problemen bij studie, werk of uitkering
    • het omgaan met verlies en rouw
    • vragen met betrekking tot spiritualiteit en geloof
    • met seksualiteit of uw zelfbeeld

    Ook uw partner of andere familieleden kunnen deze medewerkers benaderen met een hulpvraag.

  • Als u ziek bent, wilt u de best mogelijke zorg krijgen. En het liefst bij u in de buurt. Ook als de zorg die u nodig heeft, ingewikkeld is. Daarom werken we als UMCG zoveel mogelijk samen met andere ziekenhuizen en zorgverleners zoals huisartsen, fysiotherapeuten en psychologen. Door steeds meer samen te doen, gaan we slimmer om met de zorg in de regio en krijgt u de zorg die u nodig heeft. Een voorbeeld hiervan is HartNet, waarin we samenwerken voor de hartzorg in Noord-Nederland.


‘Mooie herkenbare verhalen geven je het gevoel dat jij niet de enige bent met deze problemen.‘
Ellen Brakel

Heeft u nog vragen?

U kunt ons bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur. Het telefoonnummer staat in de afspraakbrief. U kunt ook een e-mail sturen.