T-VEC

T-VEC is een vorm van immunotherapie. Bij deze behandeling krijgt u medicijnen die het afweersysteem helpen kankercellen te herkennen en kapot te maken​.

T-VEC is een behandeling bij uitzaaiingen van een melanoom​ in de huid, onder de huid of in de lymfeklieren. De afkorting T-VEC staat voor talimogene laherparepvec. Het T-VEC-medicijn is een bewerkte vorm van het herpes-simplexvirus, beter bekend als het koortslipvirus.

Als T-VEC voor u een mogelijke behandeling is, bespreken we dit met u.

Hoe werkt T-VEC?

Het virus is zo bewerkt dat het zich in kankercellen sneller uitbreidt dan in gezonde cellen. Kankercellen gaan daardoor dood en scheuren open. Zo verspreidt T-VEC zich naar omliggende kankercellen. T-VEC helpt uw afweersysteem ook kankercellen in het hele lichaam te herkennen en te kapot te maken.

De behandeling stap voor stap

  1. U krijgt een brief en informatie van ons. Hierin staat hoe u zich op de behandeling voorbereidt.

    Voordat u met T-VEC begint, onderzoeken we uw bloedwaarden. Dit doen we voor elke T-VEC-injectie opnieuw. U gaat daarvoor bloed prikken bij de Prikpoli. 

  2. We spuiten T-VEC met een injectienaald direct in 1 of meer uitzaaiingen. U krijgt de T-VEC-injecties volgens een vast schema in een bepaalde periode. Meestal is dit minstens 6 maanden.

    Tussen de 1e en de 2e injectie zitten 3 weken. Daarna krijgt u om de 2 weken een injectie. Dit gebeurt in het ziekenhuis. Als de injecties pijn doen, kunt u een verdoving krijgen of paracetamol nemen. Na iedere behandeling bedekken we de huid waar u de injecties heeft gekregen met een lucht- en waterdicht wondverband.

    Tijdens een T-VEC-behandeling kunt u anderen besmetten met het koortslipvirus. U hoort van ons wat u moet doen om dit te voorkomen. Bijvoorbeeld het verband goed op de injectieplaatsen houden en vervangen als het loslaat, seks hebben met een condoom en alleen uw eigen tandenborstel en bestek gebruiken, tot een maand na de laatste injectie.

    Als iemand in uw omgeving toch verschijnselen van een koortslip of herpesinfectie krijgt, moet diegene direct contact opnemen met een arts.​​

  3. Als u T-VEC krijgt, beoordelen we regelmatig het effect van de behandeling. U krijgt dan bijvoorbeeld een PET-scan​ of biopsie​. We bespreken van tevoren met u of, wanneer en hoe dit bij u gebeurt. 

  4. Hoe vaak, hoelang en bij wie u na de behandeling onder controle blijft, hangt af van uw situatie. Soms krijgt u na T-VEC een andere vervolgbehandeling. Het kan ook zijn dat uw behandeling klaar is. Dit hangt af van uw situatie. U bespreekt dit met uw arts.

Bijwerkingen en risico's

Of u last van bijwerkingen krijgt en zo ja, van welke, is niet te voorspellen. Dit verschilt per persoon. Bijwerkingen die kunnen voorkomen, zijn:

  • griepachtige verschijnselen, zoals koorts en koude rillingen
  • moeheid
  • misselijkheid
  • pijn op de plek van de injecties
  • een bacteriële infectie op de plek van de injecties

​Het is belangrijk dat u bij bijwerkingen direct contact met ons opneemt.

Het UMCG heeft een werkgroep bijwerkingen immunotherapie, die bestaat uit specialisten die expert zijn in het herkennen en behandelen van de bijwerkingen van immunotherapie.

Leefstijladvies

Hoe uw lichaam reageert op T-VEC, kunnen we niet voorspellen. U kunt wel dingen doen om de kans dat u de behandeling goed doorstaat en ervan herstelt te vergroten.

Goede voeding

Goede voeding en een stabiel lichaamsgewicht zijn belangrijk. Goede voeding:

  • is gevarieerd
  • heeft voldoende energie
  • heeft voldoende eiwitten
  • heeft voldoende vocht
  • heeft vitamines en mineralen

Vragen over voeding kunt u bespreken met uw behandelaar. Vertel ook of u voedingssupplementen gebruikt. Sommige hebben namelijk invloed op de behandeling. Heeft u voedings- of gewichtsproblemen, of een grote kans daarop? Uw behandelaar kan u naar een diëtist verwijzen.

Bewegen

U krijgt of houdt een goede conditie door regelmatig te bewegen voor, tijdens en na uw behandeling. Dit helpt ook bij uw herstel na de behandeling. Overleg met uw behandelaar welke activiteiten voor u geschikt zijn. Een fysiotherapeut kan u daar misschien bij helpen.

Werken

Werken tijdens en na de behandeling kan goed zijn voor uw welzijn en herstel. Het kan afleiding en houvast bieden. Ook kan het contact met collega’s fijn zijn. Of u kunt werken en hoeveel hangt wel af van bijwerkingen en uw soort werk. Het is goed om uw situatie te bespreken met uw behandelaar.

Heeft u nog vragen?

U kunt naar Medische Oncologie bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur.