Voor de behandeling gaat u onder narcose. U krijgt een slangetje in de blaas om de urine op te vangen. Ook krijgt u een slang in de slokdarm, zodat we de hartecho via de slokdarm kunnen maken.
We plaatsen eerst een buisje (katheter) in de lies. Door dit buisje brengen we een dun, soepel slangetje in de ader. In de katheter zit de clip. Via de katheter in de lies brengen we de clip naar de juiste plek in het hart. Bij de mitralisklepbehandeling gaat de katheter ook nog door het tussenschot van de boezem naar de juiste plek in het hart.
Tijdens het plaatsen controleren we met een hartecho via de slokdarm de juiste plaats voor de clip. Als we op de juiste plek zijn, plaatsen we de clip. Als we zeker weten dat de clip goed zit, maken we deze vast op de hartklep met een klemmetje. Soms moeten we 2 clips gebruiken. Dit bepalen we tijdens de behandeling.
Na de behandeling halen we de buisjes uit de lies. De prikplekken hechten we we doen er een drukverband op.
Het plaatsen van de clip duurt ongeveer 3 uur.