Hoe darmbacteriën mogelijk bijdragen aan het ontstaan van darmkanker
Maart staat wereldwijd in het teken van darmkanker. Een moment om stil te staan bij de impact van deze ziekte, maar ook bij het belang van onderzoek dat helpt om darmkanker beter te begrijpen, eerder op te sporen en uiteindelijk te voorkomen.
Dankzij de steun van donateurs van het UMCG Kanker Researchfonds kan onderzoeker Brecht Attema onderzoek doen naar een bijzondere stof die mogelijk een rol speelt bij het ontstaan van darmkanker: het galzout deoxycholaat, ook wel DCA genoemd.
De rol van voeding, bacteriën en stofwisseling
In onze darmen leven miljarden bacteriën die samen het darmmicrobioom vormen. Deze bacteriën helpen bij het verteren van voedsel en produceren daarbij verschillende stoffen die invloed kunnen hebben op onze gezondheid.
Eén van die stoffen is deoxycholaat (DCA), een galzout dat ontstaat wanneer darmbacteriën bepaalde galzouten omzetten. Galzouten zijn belangrijk voor ons lichaam omdat ze helpen bij het verteren van vetten. Tegelijkertijd kunnen ze ook verschillende processen in het lichaam beïnvloeden.
Steeds meer onderzoek laat zien dat stoffen die door het darmmicrobioom worden geproduceerd zowel positieve als negatieve effecten op onze gezondheid kunnen hebben. Bij patiënten met darmkanker worden bijvoorbeeld vaak verhoogde niveaus van DCA in het bloed gevonden. Toch is nog niet duidelijk of deze stof daadwerkelijk bijdraagt aan het ontstaan van darmkanker.
Met een achtergrond in voeding en gezondheid richt Attema zich op de complexe wisselwerking tussen voeding, het darmmicrobioom en onze stofwisseling. Juist deze interactie kan belangrijke inzichten geven in de gezondheid van onze darmen en het ontstaan van ziekte.
Onderzoek met unieke modellen
Om beter te begrijpen welke rol DCA speelt bij darmkanker, maakt het onderzoek gebruik van zogenoemde gehumaniseerde muismodellen. In deze modellen kunnen onderzoekers de samenstelling en stofwisseling van galzouten, zoals die bij mensen voorkomt, nauwkeurig nabootsen. Dit maakt het mogelijk om te onderzoeken hoe verhoogde niveaus van DCA invloed hebben op de darmgezondheid en of deze stof een rol speelt bij het ontstaan van darmkanker. Met traditionele celkweekmodellen is dit soort onderzoek namelijk niet mogelijk.
Door deze modellen te bestuderen in situaties waarin darmkanker kan ontstaan, hopen onderzoekers beter te begrijpen hoe stoffen uit het darmmicrobioom invloed kunnen hebben op het ontstaan van deze ziekte.
Een belangrijke stap richting nieuwe inzichten
De resultaten van dit onderzoek vormen een belangrijke eerste stap in het vergroten van kennis over de rol van het darmmicrobioom bij darmkanker. In de toekomst zou het mogelijk kunnen worden om het darmmicrobioom zo te beïnvloeden dat de productie van stoffen zoals DCA wordt verminderd. Dat zou uiteindelijk kunnen bijdragen aan het verlagen van het risico op darmkanker.
Onderzoek zoals dit laat zien hoe belangrijk fundamentele kennis is voor het ontwikkelen van nieuwe inzichten en toekomstige behandelingen.
Dankzij de steun van donateurs kan het UMCG Kanker Researchfonds dit soort onderzoek mogelijk maken; onderzoek dat bijdraagt aan betere kennis, betere behandelingen en uiteindelijk meer perspectief voor patiënten.