Pectus operatie: operatie bij afwijking aan het borstbeen

Een kippen- of een trechterborst is een aangeboren aandoening aan het borstbeen (pectus). Bij een kippenborst (pectus carinatum) staat het borstbeen naar voren. Bij een trechterborst (pectus excavatum) staat het borstbeen naar binnen. Met een pectus operatie kunnen we de stand van van het borstbeen bij een kippenborst of een trechterborst veranderen.

Er zijn 2 vormen van deze aandoening aan het borstbeen:

  • kippenborst of pectus carinatum: het borstbeen staat naar buiten.
  • trechterborst of pectus excavatum: het borstbeen staat naar binnen. Deze vorm komt het meest voor.

De aandoening kan in verschillende vormen voorkomen. Het kan verschillen van een lichte deuk of bolling tot een heel diepe deuk of uitstulping. De deuk bij een pectum excavatum kan soms zo erg zijn, dat er nog maar een paar centimeter zit tussen het borstbeen en de wervelkolom. In beide gevallen verandert de houding van mensen hierdoor. De schouders gaan naar voren hangen.

Bij een heel erge afwijking kunnen we met een operatie de stand van het borstbeen veranderen. Bijvoorbeeld als door het borstbeen het hart, de longen of allebei niet meer goed hun werk kunnen doen.

Eerste gesprek

Jouw arts of specialist kan je voor een afspraak verwijzen naar het Hartcentrum. Kinderen onder de 18 jaar gaan naar de kinderchirurgie.

Tijdens de 1e afspraak bespreken we je klachten en gezondheid. We bespreken ook welke operatie het meest geschikt is en waarom. Voor de operatie maken we een CT-scan van de binnenkant van de borstkas (CT thorax). We maken ook foto's van de borstkas. Die afspraak is meestal op een andere dag. De mogelijke operaties zijn:

De Ravitchmethode

Bij deze operatie halen we het ribkraakbeen weg dat zorgt voor de vergroeiing. Als het nodig is, zagen we het borstbeen door en zetten dit op een betere manier vast. Door de grote snede krijg je een litteken dat goed te zien is.

De Nuss barmethode

Een Nuss bar is een gebogen staaf. Die plaatsen we achter het borstbeen. Dit gebeurt met een kijkoperatie. Door de staaf verandert de vorm van het borstbeen. Na 3 jaar halen we de staaf weer weg. De borstkas kan dan zelf de nieuwe vorm vasthouden. De Nuss bar methode is minder ingrijpend dan de Ravichmethode. Een nadeel is dat er een tweede operatie nodig is om de metalen staaf weer weg te halen.

Voor beide operaties ga je onder narcose.

De behandeling stap voor stap

  1. Na de afspraak op de polikliniek sturen we een afspraakbrief en informatie. Daarin staat hoe je je op de operatie voorbereidt. Bijvoorbeeld welke medicijnen je wel en niet mag gebruiken. Soms sturen we geen brief, we bellen dan.

    Contactlenzen, bril, gehoorapparaat, gebitsprothese, sieraden en piercings moeten uit of af voor de operatie. Laat de sieraden thuis. Heb je je nagels gelakt? Of heb je kunstnagels? Haal dit weg voor je naar het ziekenhuis komt. Tijdens de operatie krijg je een soort knijpertje op je vinger. Daarmee kunnen we steeds het zuurstofgehalte in het bloed meten. Dat lukt niet goed als er iets op de nagels zit.

    Ook heb je voor de operatie een afspraak met de anesthesioloog over de verdoving. Hiervoor ga je naar de Pre Operatieve Polikliniek Anesthesiologie (POPA).

    Je kunt na de behandeling niet alleen naar huis, vraag daarom van tevoren iemand die je thuis kan brengen.

  2. Volwassenen gaan voor de operatie eerst naar de Verpleegafdeling Cardiothoracale chirurgie. Kinderen tot 18 jaar gaan naar een verpleegafdeling van het Beatrix Kinderziekenhuis. We nemen je een dag voor de behandeling op. Je blijft ongeveer 5 tot 7 dagen in het ziekenhuis.

    Op de dag van de opname heb je gesprekken met onder andere de chirurg en de anesthesist. We onderzoeken je ook. We nemen bloed af en maken een hartfilmpje en een röntgenfoto van de longen. Je krijgt nog uitleg over de operatie en je hoort dan ook hoe laat de operatie is.

  3. Op de dag van de operatie was je je met speciale zeep. Je krijgt een laxeermiddel als dat nodig is. Daarna brengen we je naar de operatieafdeling. Meestal geeft de anesthesioloog een ruggeprik. Je houdt tijdens en na de operatie een poosje een slangetje in de rug, waardoor we pijnstilling kunnen geven.

    Je krijgt een infuus in de arm of de rug van de hand. Via het infuus krijg je het narcosemiddel zodat je tijdens de operatie slaapt. Hoe de operatie verder verloopt, hangt af van het sooort operatie:

    Ravitchmethode

    Bij deze operatie maken we een snede van 8 tot 12 cm van boven naar beneden in het midden van het borstbeen. Of een snede van links naar rechts onder de borstplooi. Bij vrouwen maken we meestal een snee onder de borstplooi. Daarna maken we het ribkraakbeen los van het borstbeen. Zo kunnen we het borstbeen terug naar achter duwen. We maken het borstbeen in de nieuwe stand vast. Als het nodig is, zagen we het borstbeen hiervoor doormidden. Soms vullen we het borstbeen aan met een kleine kunststof prothese achter het borstbeen.

    De operatie duurt ongeveer 4 uur.

    Nuss barmethode

    We maken aan beide kanten van de borstkas een kleine snee. En aan de rechterkant nog een 3e snee. Via deze snede brengen we een kijkbuis (thorascoop) in de borstkas. Zo kunnen we de binnenkant van de borstkas goed bekijken.

    Via deze snedes brengen we dan een metalen stang in de borstkas. Dit is de nuss bar. Tijdens de operatie buigen we de staaf op maat. Na het inbrengen draaien we de staaf 180 graden. Hierdoor wordt de borstkas vanuit de binnenkant in de juiste positie geduwd.

    De operatie duurt ongeveer 1 tot 2 uur.

  4. Na de operatie ga je eerst naar de uitslaapkamer. Zodra je weer goed wakker bent ga je terug naar de verpleegafdeling. Na de operatie hebe je:

    • een slangetje in de arm of op de rug van de hand voor het geven van medicijnen tegen de pijn
    • een slangetje in de rug voor het geven van medicijnen tegen de pijn, dit heet ruggeprik of epiduraal katheter
    • een blaaskatheter, hierdoor kan de plas uit de blaas lopen
    • bij de Ravitchmethode: een drain in de wond, zodat het wondvocht weg kan lopen

    Zodra er geen vocht meer uit de wond komt, halen we de drain weg. Als het goed met je gaat, halen we na een paar dagen ook de blaaskatheter en het epiduraal katheter weg.

    Na een operatie met de Ravitchmethode moet het kraakbeen teruggroeien. Dit duurt meestal 6 weken.

  5. 6 tot 8 weken na de operatie heb je weer een afspraak op de polikliniek Hart en Vaten. Kinderen onder de 18 hebben een afspraak in het Beatrix Kinderziekenhuis.

  • Bij elke operatie kunnen er achteraf problemen zijn. Ook als de operatie zelf goed is gegaan. Deze problemen noemen we complicaties. Mogelijke complicaties zijn:

    • blijvende pijn
    • nabloeding van de wond
    • infectie van de wond, of van het implantatie materiaal (Nussbar)
    • loslaten van het implantatie materiaal (Nussbar)
    • klaplong
    • beschadiging van de borstslagader
    • ingetrokken tepel

    Wat te doen bij klachten

    Als je naar huis gaat, krijg je informatie van ons over wat je moet doen als je klachten krijgt. Bijvoorbeeld bij klachten zoals:

    • koorts
    • erger wordende pijn
    • benauwdheid
    • nabloeding

Bijwerkingen en risico's

Bij elke operatie kunnen er achteraf problemen zijn. Ook als de operatie zelf goed is gegaan. Deze problemen noemen we complicaties. Mogelijke complicaties zijn:

  • blijvende pijn
  • nabloeding van de wond
  • infectie van de wond, of van het implantatie materiaal (Nussbar)
  • loslaten van het implantatie materiaal (Nussbar)
  • klaplong
  • beschadiging van de borstslagader
  • ingetrokken tepel

Wat te doen bij klachten

Als je naar huis gaat, krijg je informatie van ons over wat je moet doen als je klachten krijgt. Bijvoorbeeld bij klachten zoals:

  • koorts
  • erger wordende pijn
  • benauwdheid
  • nabloeding

Tips voor thuis

Om te zorgen dat je goed herstelt, moet je je thuis aan een aantal leefregels houden. Je krijgt hierover uitleg en instructies bij je ontslag. Denk aan de volgende leefregels:

  • voorkom bij alle inspanningen dat je pijn krijgt
  • de eerste 6 weken gebruik je de aangeleerde beenzwaai om te gaan zitten en liggen
  • buig door de knieën als je bukt
  • steun niet op je armen bij opstaan en gaan zitten
  • bij slapen ligt je plat
  • de dag na de operatie mag je weer douchen. Na 6 weken mag je weer in bad.
  • tot 3 maanden na de operatie mag je het borstbeen niet belasten. Je mag dan niet sporten of zwaar (lichamelijk) werk doen. Na 3 maanden mag je weer voorzichtig beginnen met sporten en activiteiten die het borstbeen belasten

Heb je na 3 maanden nog steeds pijn bij het wassen en/of aankleden? Dan moet je kun je nog niet beginnen met (contact)sporten en/of lichamelijk werk.

Verder:

  • tot 6 weken na de operatie mag je niet autorijden
  • tot 4 weken na de operatie mag je niet fietsen. Je mag wel op een hometrainer
  • na 2 weken kun je weer werken of naar school

Zorg voor balans in je dagelijks leven

De keuzes die je maakt in je dagelijks leven hebben invloed op je gezondheid en je gevoel van welbevinden. Als je gezond bent maar ook als je ziek bent of aan het herstellen bent. Bekijk wat je zelf kunt doen op het gebied van leefstijl.

Heb je nog vragen?

Je kunt het Hartcentrum bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur.

Heeft deze informatie je geholpen?