Afbreken van een zwangerschap

Soms is het nodig om een zwangerschap af te breken. Bijvoorbeeld omdat het kindje niet levensvatbaar is. Of omdat de zwangerschap gevaarlijk voor de moeder is.

Wanneer een zwangerschap afbreken?

Voor het afbreken van een zwangerschap kunnen verschillende redenen zijn. Bijvoorbeeld omdat er bij de baby bij prenataal onderzoek afwijkingen zijn gevonden, waardoor de baby niet kan leven buiten de baarmoeder.

Tot 24 weken

In Nederland is het mogelijk om een zwangerschap tot de 24e zwangerschapsweek af te breken. In het UMCG is het alleen mogelijk een zwangerschap af te breken om medische redenen. Als je ongewenst zwanger bent is het afbreken van de zwangerschap ook mogelijk. Hiervoor kun je niet in het UMCG terecht. Je kunt daarvoor hulp krijgen van Stichting Stimezo van het Centrum Seksuele Gezondheid Noord Nederland (CSGNN)

De manier waarop de zwangerschap wordt afgebroken, hangt af van hoe lang je zwanger bent. Gaat er iets mis in de eerste 20 weken van de zwangerschap dan noemen we dit een miskraam. Een miskraam is heel verdrietig. Als we weten dat het vruchtje niet meer leeft, bespreken we samen de mogelijke behandelingen.

Bij het ontdekken van een genetische afwijking van de baby vóór 13 weken en 3 dagen dan doen we meestal een therapeutische curettage.

Ben je meer dan 13 weken en 3 dagen weken zwanger? Dan breken we de zwangerschap af door het opwekken van de bevalling. Dit doen we met medicijnen.

Eerste gesprek

Voor het gesprek heb je vaak al een echo of onderzoek gehad, waar uit blijkt dat het nodig is jouw zwangerschap af te breken. Tijdens het gesprek bespreken we hoe de zwangerschapsafbreking gaat. Je partner, een vriend(in) of familielid mag bij dit gesprek zijn. Vaak prikken we ook bloed om de bloedgroep, rhesus factor en het HB gehalte te bepalen.

Voor het afbreken van een zwangerschap nemen we je op in het ziekenhuis. Wanneer voor jou het beste moment is bespreken we ook met je. Je krijgt een recept mee voor tabletten. En leggen uit wanneer je deze tabletten moet gebruiken.

De behandeling stap voor stap

  1. Je krijgt een afspraakbrief en informatie van ons. Daarin staat hoe je je op de behandeling voorbereidt. Jouw arts of verloskundige bespreekt met je wanneer je de tablet(ten) inneemt.

    Neem de tijd om je voor te bereiden op de opname in het ziekenhuis, de geboorte en het afscheid van jouw kind. Doe dit op je eigen manier. Bespreek met je partner hoe je afscheid wilt nemen. En wat jullie hierin belangrijk vinden. Bespreek jullie wensen met de arts/verloskundige en verpleegkundigen.

  2. Je gaat voor het afbreken van de zwangerschap boven de 13 weken en 3 dagen naar de verloskamers. Dit is op de 3e verdieping, afdeling L3VA. Jouw partner of een andere naaste mag bij je blijven.

    Ben je korter dan 13 weken en 3 dagen zwanger dan is de curettage op het ODBC.

  3. Bij het afbreken van de zwangerschap wekken we de bevalling op. Meestal met medicijnen die er voor zorgen dat de weeën beginnen. In deze medicijnen zit het hormoon Prostaglandine (Misprostol).

    Ben je al aan het eind van je zwangerschap? Dan kiezen we soms ook voor het opwekken van de weeën via een infuus. Dit werkt dan vaak beter en sneller. Hoe lang het duurt dat de weeën beginnen verschilt per persoon. Meestal beval je binnen 24 uur. Soms duurt het 2 tot 3 dagen voordat de bevalling begint.

    Bij het afbreken van de zwangerschap gaat de ontsluiting anders dan bij een spontane bevalling. Vaak lijkt het eerst of er niet gebeurt. Maar daarna gaat de ontsluiting sneller. De bevalling verloopt verder vaak hetzelfde als een spontane bevalling.

    Als je tijdens je bevalling pijnbestrijding wilt, dan is dit mogelijk. Bespreek dit met jouw zorgverlener op de verloskamer.

  4. Tijdens de geboorte is de baby vaak al overleden. Je kunt dan na de bevalling afscheid nemen van je baby. En je baby vasthouden en bij je houden als je dat graag wilt. Als je dit moeilijk vindt kan de verpleging je hierbij helpen.

    Was jouw baby nog niet overleden in de buik? Dan overlijdt de baby vaak tijdens of direct na de bevalling. Soms is er dan nog een hartslag en gaspt (een soort ademen) de baby af en toe.

    Nadat jouw baby is geboren moet de nageboorte (placenta) nog komen. Soms komt de placenta na een paar minuten. Soms duurt het langer. Bij 1 van de 3 vrouwen komt de placenta niet vanzelf. Dan verwijderen we de placenta onder narcose op de operatiekamer. Jouw partner kan hierbij niet aanwezig zijn.

    Opbaren baby

    Er zijn verschillende manieren om je baby op te baren. Bijvoorbeeld in een omslagdoek in een mandje. Je kunt hiervoor zelf iets meenemen. Maar je kunt dit ook in het ziekenhuis krijgen. Ook kun je je baby in water opbaren. Je krijgt hierover informatie van de verpleegkundige. Bespreek met de verpleegkundige wat jullie willen met bezoek.

  5. Na de bevalling verlies je meestal nog een paar weken vocht en bloed (vloeien). We raden je af om dan in bad te gaan of te zwemmen. Douchen kan wel. Is het bloeden heel erg. Of stinkt de afscheiding. En heb je koorts. Dan kun je een infectie hebben. Of is er misschien een stukje placenta blijven zitten. Bel dan naar de afdeling.

    Al je al ver in je zwangerschap was, begint meestal de melkproductie 2 tot 3 dagen na de bevalling. Je krijgt dan stuwing. Draag een elastische, strakke beha om dit tegen te houden. Het beste is om de beha dag en nacht te dragen. Ook koude kompressen kunnen helpen. Tegen de pijn kun je paracetamol nemen. Na een paar dagen wordt de stuwing minder. Soms geven we je ook medicijnen om te zorgen dat de stuwing niet begint.

    Als je 18 weken of meer zwanger was kun je kraamzorg aanvragen.

Herinneringen maken

Je kunt zelf foto's maken van je baby. Je kunt ze ook laten maken door Stichting Still of Make A Memory. Als je wilt, maken we hand- en voetafdrukjes met inkt of soms gips.

Onderzoek na de geboorte

De arts bespreekt met je of je na de geboorte onderzoek wilt laten doen bij jouw baby. We nemen dan weefsel af. Bijvoorbeeld een stukje navelstreng voor chromosomenonderzoek. We maken röntgenfoto’s en doen obductie. Hierbij onderzoeken we het lichaam op aangeboren afwijkingen. Deze onderzoeken doen we om meer informatie te krijgen over mogelijke afwijkingen. En of er een kans op herhaling is bij een volgende zwangerschap. Soms is alleen lijkschouwing door een klinisch geneticus nodig. Het kan een paar maanden duren voordat de uitslag van het onderzoek er is.

Crematie of begrafenis

Is jouw baby na de 24e weken zwangerschap geboren? Dan is het vanuit de wet verplicht om de baby te begraven of te cremeren. Dit kun je regelen met een begrafenisondernemer. Je kunt ook zelf contact opnemen met een begraafplaats of crematorium.

Is jouw baby voor 24 weken zwangerschap geboren? Dan kun je kiezen voor een cremeren of een begrafenis. Je kunt de baby in het ziekenhuis laten. Het ziekenhuis zorgt dan voor een crematie met andere stil geborenen. Dit kost niets, maar je mag hier ook niet bij aanwezig zijn. Als je wilt, laten we weten wanneer de crematie is. De as verstrooien we op het ‘vlinderveldje’. Dit is bij het Crematorium Groningen. Je kunt dan later altijd op bezoek op het vlinderveld.

Aangifte

Je bent volgens de wet verplicht om geboorteaangifte te doen als jouw baby is geboren na de 24e zwangerschapsweek. Was de zwangerschap korter dan 24 weken dan is aangifte niet verplicht, maar dit kan wel. Je krijgt dan een ‘akte van geboorte (levenloos)’. Aangifte doe je in de gemeente waar de baby geboren is. Maak hiervoor een (online) een afspraak bij de gemeente. Voor de aangifte heb je officiële overlijdenspapieren nodig. Deze krijg je in het ziekenhuis. Ook kun je jouw baby in jullie trouwboekje (laten) zetten.

Nazorg

Een zwangerschap afbreken is een heftige gebeurtenis. Praten met een maatschappelijk werker kan helpen. Deze helpt je bij het nemen van een beslissing. En begeleidt je tijdens het proces en de rouwverwerking. Je kunt met de maatschappelijk werker ook je wensen en ideeën over het afscheid van je kindje bespreken.

We willen graag weten hoe het met je gaat. Daarom bellen we je 2 tot 3 weken na de bevalling. En beantwoorden vragen die je misschien hebt. Ongeveer 6 weken na de bevalling heb je een afspraak in het ziekenhuis met de gynaecoloog. De gynaecoloog bespreekt jouw zwangerschap, het eventuele prenatale onderzoek en de uitslag, de bevalling en de eerste weken daarna. En de uitslagen van de obductie of andere onderzoeken als deze er zijn.

Weer aan het werk

Wanneer en hoeveel je kunt werken is voor ieder vrouw anders. Als je bevalt voor de 24 weken zwangerschap dan heb je geen recht op zwangerschapsverlof. We raden in ieder geval een periode van 6 weken rust aan. Maak hierover goede afspraken met je werkgever en de bedrijfsarts.

Een volgende zwangerschap

Luister goed naar je eigen gevoel en lichaam. Denk pas aan een volgende zwangerschap als je daar echt klaar voor bent. Bedenk dat een zwangerschap ook ongepland kan zijn. En anticonceptie nodig is, zolang je nog niet klaar bent voor een volgende zwangerschap.

Heb je nog vragen?

Je kunt de afdeling Verloskunde bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur.

Heeft deze informatie je geholpen?