Onderzoek bij herhaalde miskramen

Als iemand 2 of meer miskramen heeft gehad, noemen we dit een herhaalde miskraam. Na een herhaalde miskraam is het soms goed onderzoek te doen naar de oorzaak.

Ongeveer 1 tot 2% van alle vrouwen die zwanger worden, krijgt te maken met herhaalde miskramen. Het maakt niet uit of je voor of tussen de miskramen in, 1 of meer kinderen kreeg. Een eerdere miskraam betekent ook niet dat je meer kans hebt op een nieuwe miskraam.

Onderzoek naar oorzaak

Bij herhaalde miskramen kunnen we onderzoek doen naar de oorzaak. De oorzaak van een herhaalde miskraam is meestal dezelfde als die bij 1 miskraam. Maar ook na onderzoek blijft bij het grootste deel van de paren de oorzaak onduidelijk. Bij maar ongeveer 1 tot 2 van de 10 vrouwen met herhaalde miskramen vinden we wel een oorzaak.

Je huisarts, specialist of verloskundige kan je voor onderzoek verwijzen naar de afdeling Verloskunde van het UMCG.

Eerste gesprek

Voor het onderzoek praten we met je over je zwangerschappen, en in welke week de miskramen gebeurden. We vragen je ook of er in de familie miskramen zijn geweest. En of er trombose in de familie voorkomt. We vragen je ook een aantal dingen over de leefstijl van jou en je partner. Bijvoorbeeld of jullie roken, of alcohol of drugs gebruiken. En of je vitamine D en foliumzuur tabletten neemt.

We willen ook graag weten hoe je je voelt. Als je veel verdriet of stress hebt door de miskramen die je meegemaakt hebt, kun je dat met ons bespreken. We kijken met jou of er begeleiding mogelijk is om je te helpen. Bijvoorbeeld door de praktijkondersteuner van de huisarts, medisch maatschappelijk werk of een psycholoog.

Het onderzoek stap voor stap

  1. Je krijgt een afspraakbrief en informatie van ons. Hierin staat hoe je je op het onderzoek voorbereidt.

  2. Voor het onderzoek ga je naar het Centrum voor Zwangeren of naar het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde. In de brief staat waar je moet zijn.

    Kun je niet komen? Bel ons dan zo snel mogelijk. Het telefoonnummer staat hieronder en in de brief.

  3. Welk onderzoek je krijgt, hangt af van jouw situatie. Het bloedonderzoek kan bestaan uit:

    Chromosoomonderzoek

    Met een chromosoomonderzoek komen we erachter of jij of je partner een chromosoomafwijking hebt. Hiervoor doen we bij jullie beiden bloedonderzoek.

    Chromosomen bestaan uit DNA. Met de informatie uit het DNA ontwikkelen cellen zich. Iedereen kan 'drager' zijn van een chromosoomafwijking, zonder dat hij of zij het weet. Als één van de partners de afwijking doorgeeft, gaat daarbij iets niet goed in het vroege embryo. De cellen van het embryo krijgen dan verkeerde informatie over hoe ze zich moeten ontwikkelen. Dit kan de oorzaak zijn van de herhaalde miskraam.

    De gynaecoloog overlegt met jou of dit onderzoek voor je zinvol is. Dit hangt af van je leeftijd, het aantal miskramen, en herhaalde miskramen in de familie. Soms vallen de kosten van dit onderzoek onder het eigen risico. 

    Geeft de uitslag van het chromosoomonderzoek aan dat de kans op een miskraam groot is. Of dat er een grote kans is op een kind met een aangeboren afwijking. Dan is een IVF-behandeling met PGT mogelijk. 

    Onderzoek naar antifosfolipidensyndroom

    Door bloedonderzoek kunnen we er achter komen of je antifosfolipidensyndroom hebt. Bij dit syndroom maken mensen verkeerde antistoffen aan. Hierdoor hebben ze een grotere kans op trombose. Trombose is een afsluiting van een bloedvat. Als dit de vroeg in de ontwikkeling van de placenta (moederkoek) gebeurt, ontstaat een miskraam. Ongeveer 2% van alle vrouwen heeft antifosfolipide-antistoffen. Bij vrouwen met een herhaalde miskraam is dat ongeveer 15%. We kunnen dit behandelen met bloedverdunners. Die voorkomen trombose in de bloedvaten van de placenta. Hierdoor is de kans op een volgende miskraam kleiner, maar niet helemaal weg.

    Onderzoek naar stollingsafwijkingen

    Soms doen we onderzoek naar stollingsafwijking. Dit doen we door bloedonderzoek. Bij een stollingsafwijking stolt het bloed te snel. Dan kan er een bloedpropje komen, dat een bloedvat afsluit (trombose). Als dit vroeg in de zwangerschap in de placenta komt, kan een miskraam ontstaan. Dit onderzoek doen we alleen als een van je ouders of broers of zussen een trombose heeft gehad. Of als je zelf herhaalde miskramen en een trombose hebt gehad.

    Onderzoek naar de vorm van de baarmoeder

    Dit onderzoek doen we met een echo. We kijken naar de vorm van de baarmoeder. Sommige vrouwen hebben afwijkingen aan de baarmoeder. Zoals een andere vorm, een dubbele baarmoeder of een tussenschot in de baarmoederholte. Het verschilt per situatie of dit de oorzaak kan zijn van de herhaalde miskraam.

  4. De uitslag van het bloedonderzoek duurt een paar dagen tot een paar weken. Dit ligt eraan welk onderzoek je hebt gehad. Je arts belt je voor de uitslag of vertelt je die tijdens een volgende afspraak. Hiervoor plannen we een afspraak met je. Het onderzoek naar een oorzaak kan voor veel spanning zorgen. Meestal vinden we de oorzaak van de miskraam niet. Dit kan een teleurstelling voor je zijn.

    Als we stollingsafwijkingen vinden, kun je bloedverdunners gebruiken tijdens een volgende zwangerschap. Dit bespreken we met je.

    Als we chromosoomafwijkingen vinden bij jou of je partner, krijg je een verwijzing naar de afdeling Klinische Genetica. De klinische geneticus legt je uitgebreid uit wat de oorzaken zijn van de miskramen. En wat voor behandeling er is om het risico hierop te verkleinen.

Samenwerken voor de beste zorg

Als u ziek bent, wilt u de best mogelijke zorg krijgen. En het liefst bij u in de buurt. Ook als de zorg die u nodig heeft, ingewikkeld is. Daarom werken we als UMCG zoveel mogelijk samen met andere ziekenhuizen en zorgverleners zoals huisartsen, fysiotherapeuten en psychologen. Door steeds meer samen te doen, gaan we slimmer om met de zorg in de regio en krijgt u de zorg die u nodig heeft. 

Heb je nog vragen?

Je kunt het Centrum voor Zwangeren bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur.

Het Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde kun je bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur.