De dubbele medicatiecontrole bij toediening voelt veilig, maar is dat in de praktijk ook zo? Tijdens het proefproject Van Moeten Naar Mogen, ontdekte team Reestlanden van zorggroep Noorderboog in Meppel dat een andere aanpak meer zelfvertrouwen, eigen regie en rust oplevert. In een interview deelt mbo-verpleegkundige Nicole van ‘t Hoog, een van de kartrekkers van het proefproject, haar ervaringen.

Wat motiveerde je om je team mee te laten doen met dit proefproject?

“Ik zoek graag uitdagingen in mijn werk; daarom ben ik bijvoorbeeld ook toetser in verpleegtechnische vaardigheden. Ons team leek mij geschikt voor dit project, omdat er diverse collega’s in zitten die openstaan voor vernieuwingen. Daarnaast paste het project praktisch gezien goed bij ons team: we werken op drie verschillende afdelingen en moeten vaak zoeken naar collega’s die kunnen meekijken. Ik vond het leuk en interessant om te onderzoeken of en hoe de medicatiecontrole op een veilige manier anders kan. Mijn teamleider en de betrokken arts waren ook direct enthousiast.”

Hoe heeft het meedoen jullie werk rondom de medicatiecontrole veranderd?

“Je gaat nóg bewuster opletten bij het toedienen van medicatie wanneer een collega niet meer meekijkt. Vaak controleer je jezelf nog een keer extra: heb ik écht de juiste eenheden of voldoende bloedverdunners? Door dit project raakten teamleden met elkaar in gesprek over de werkwijze die we gewend waren. Daarbij kwamen voorbeelden naar voren die lieten zien dat deze werkwijze niet volledig waterdicht is en niet per definitie veiliger dan wanneer je de medicatiecontrole alleen doet. Als een collega bijvoorbeeld zegt: ‘Deze cliënt moet achttien eenheden,’ dan kijk je wel mee, maar soms komt het voor dat je je tablet op dat moment even niet bij de hand hebt. Je gaat er dan vanuit dat het klopt, omdat het bijvoorbeeld al die tijd zo is geweest. Terwijl het op dat moment misschien net veranderd is naar veertien. 

Ook kan het gebeuren dat de insulinepen, nadat je deze hebt opgedraaid terwijl een collega meekijkt, per ongeluk verder wordt op- of teruggedraaid terwijl je naar de cliënt loopt. Deze voorbeelden laten zien dat de dubbele controle in de praktijk niet altijd sluitend is. Dat inzicht hielp collega’s die het eerst spannend en lastig vonden om de dubbele medicatiecontrole los te laten, waardoor ze makkelijker konden meegaan in het proefproject.”

Willen jullie na het proefproject terug naar de dubbele medicatiecontrole?

“Nee. Iedereen is blij met het loslaten van de dubbele medicatiecontrole. Zelfs collega’s van wie ik dat vooraf niet had verwacht. Het geeft meer zelfvertrouwen: je vertrouwt meer op je eigen kennis, ervaring en vaardigheden. Het zorgt voor meer rust: minder heen-en-weer lopen tussen afdelingen en minder onderbrekingen tijdens zorghandelingen. Dat is voor de bewoners ook prettig. Nu gebeurt het wel eens dat je tijdens het wassen van een bewoner wordt onderbroken omdat je een dubbele controle moet doen. Ik vind het mooi en belangrijk dat collega’s bij deze nieuwe werkwijze nog steeds de ruimte voelen om te vragen: ‘Wil je even meekijken? Ik durf het nu niet alleen,’ bijvoorbeeld wanneer iemand slecht geslapen heeft. Dat moet vooral zo blijven. Niemand wil terug naar de dubbele controle. Om te voorkomen dat we hiernaar terug moesten, hebben we overwogen om het proefproject te verlengen. We hebben zelfs een brief opgesteld voor het management waarin we aangaven niet terug te willen naar de oude situatie. Die brief versturen was echter niet meer nodig: het management had namelijk net daarvoor al groen licht gegeven. We zijn nu bezig collega’s te trainen om dit project ook op andere afdelingen uit te rollen.”

Het proefproject Van Moeten Naar Mogen wordt gefinancieerd door ZonMw