Het project Van Moeten Naar Mogen onderzoekt hoe zorgmedewerkers veilig de dubbele medicatiecontrole kunnen loslaten, zodat er meer ruimte en tijd vrijkomt voor persoonlijke aandacht voor cliënten. Onderzoeksmedewerkers spelen bij het project een belangrijke rol. Wat doen zij precies om het werk van de zorgmedewerkers te ondersteunen? En wat zijn hun ervaringen met het onderzoek tot nu toe? Onderzoeksmedewerkers Eline Naber en Adriëlla van der Veen vertellen erover.

Hoe ziet jullie werkdag eruit?

Eline: “Geen dag is hetzelfde. Dat maakt het ook zo leuk! De ene keer loop je mee met een zorgmedewerker om de dubbele medicatiecontrole te observeren. Ik noteer op het observatieformulier onder andere hoeveel tijd de controle kost en waar deze plaatsvond, bijvoorbeeld in de huiskamer of op de kamer van de bewoner. Soms wordt een zorgmedewerker bij de uitgifte onderbroken, bijvoorbeeld door een andere bewoner die zorg nodig heeft. Dat noteer ik dan ook.” Adriëlla: “Op andere dagen zit je op kantoor. Dan verwerk ik gegevens uit vragenlijsten of observaties tot bruikbare informatie voor de onderzoekers. Ik werk ook aan een digitaal systeem waarmee we incidentmeldingen uit de deelnemende zorgorganisaties kunnen onderzoeken. Zo kunnen we bijvoorbeeld zien om wat voor incidenten het gaat. Soms staat er een overleg gepland met het onderzoeksteam.”


Hoe helpt jullie werk zorgmedewerkers?

Adriëlla: “Door mee te lopen zie je pas hoe hard iedereen werkt om alles rond te krijgen. Mijn respect voor zorgmedewerkers is nog meer gegroeid. Ik vind het mooi om te zien hoe jouw inzet als zorgmedewerker direct impact heeft op het welzijn van anderen. Ons werk lijkt minder zichtbaar, maar het helpt om de dubbele medicatiecontrole in de toekomst veilig los te laten. Daardoor hoeven zorgmedewerkers straks minder tijd te besteden aan controles en administratie en kunnen zij meer aandacht geven aan de cliënt. Elke stap in dit onderzoek maakt hun dagelijkse werk makkelijker en verbetert de zorg voor de cliënt.”

Hoe ervaren jullie het meelopen?

Eline: “Het voelt heel prettig. De meesten zijn vriendelijk en open. Je raakt snel met hen in gesprek, vooral in de wijk waar je veel samen onderweg bent. Als je samen in de auto zit, heb je vaak net wat meer een-op-een tijd, en dan ontstaat er vanzelf een persoonlijk gesprek.” Adriëlla: “Je loopt gewoon mee alsof je een stagiair bent. Dat voelt heel natuurlijk. En als ik merk dat mensen het spannend vinden, probeer ik hen gerust te stellen. Ik zeg dan bijvoorbeeld: ‘Ik kom je niet controleren hoor. Dat kan ik ook niet. Ik heb geen verstand van medicatie en ik werk ook niet in de zorg. Wat ik vooral doe, is tijdstippen noteren, omdat we willen meten hoeveel tijd je kwijt bent aan de dubbele medicatiecontrole.’ Die toelichting geeft vaak al rust.” Eline: “Ik probeer ook niet te dicht bij hen te gaan staan tijdens hun handelingen, zodat ze niet het gevoel hebben dat ik op hun vingers kijk.”

Hebben jullie verbeterpunten ontdekt tijdens het meelopen?

Eline: “Bij dit onderzoek moeten deelnemers voor elk onderdeel een apart toestemmingsformulier invullen. Doe je mee aan observatie, vragenlijst én focusgroep? Dan zijn dat drie formulieren. Dat is veel extra werk. Misschien kunnen we in de toekomst één formulier gebruiken. Dat is handiger voor de deelnemers én voor onze administratie.”

Het onderzoek Dubbele medicatiecontrole: veilige van moeten naar mogen wordt (mede)gefinancieerd door ZonMw.