Vanaf juli heeft de UNO-UMCG themagroep Medicatieveiligheid een nieuwe voorzitter: Joyce Kuiper, kwaliteitsadviseur bij Interzorg Noord Nederland. Joyce neemt het voorzitterschap over van haar collega Rogier Hulsebosch, specialist innovatie en wetenschap bij Interzorg. In een interview vertelt Joyce waarom zij voorzitter is geworden van de themagroep Medicatieveiligheid en wat zij hoopt met deze themagroep te bereiken.

Was je al bekend met het UNO-UMCG?

“Via LinkedIn volg ik de ontwikkelingen van het UNO-UMCG al een aantal jaren. Doordat ik de training Leren Implementeren heb gevolgd, die wordt verzorgd door implementatieadviseurs van het UNO-UMCG, raakte ik verder bekend met het UNO-UMCG. Ook ben ik een aantal jaar geleden zijdelings betrokken geweest bij de PAIC 15-training. En ik heb in 2022 deelgenomen aan het symposium van het UNO-UMCG, dit vond ik erg inspirerend! Ik heb nu al zin in het volgende symposium op 12 maart 2024.” 

Was je hiervoor al betrokken bij de themagroep Medicatieveiligheid, of bij een andere themagroep van het UNO-UMCG?

“Nee, tot voor kort nog niet. Mijn collega Rogier Hulsebosch benaderde mij voor de voorzittersfunctie van deze themagroep, omdat ik wel al langere tijd betrokken ben bij medicatieveiligheid binnen Interzorg. Om een goed beeld te krijgen van de taken van de themagroep, en van de thema’s en onderzoeken waar deze themagroep zich mee bezighoudt, heb ik twee themagroepbijeenkomsten bijgewoond. Zo kon ik ook kennismaken met de themagroepleden. Adviseur implementatie & innovatie UNO-UMCG Ivonne Lesman, die deze themagroep ondersteunt, en Esther de Haas, die als senior onderzoeker van het UNO-UMCG deelneemt aan deze themagroep, hebben mij uitgebreid geïnformeerd over de functie van de voorzitter. Dit alles bij elkaar heeft me enthousiast gemaakt voor deze themagroep en voor de functie van voorzitter.”

Waar komt jouw interesse voor het thema Medicatieveiligheid vandaan?

“Vanaf het begin van mijn werkzaamheden in de zorg, ik ben gestart als verpleegkundige, vind ik medicatie en medicatieveiligheid interessante onderdelen van mijn werk. In mijn werk als kwaliteitsadviseur is medicatieveiligheid een belangrijk thema waar ik dagelijks mee te maken heb. Ik vind het belangrijk, dat je als zorgmedewerker je ervan bewust bent welke medicatie je geeft aan een cliënt. En ook dat je weet waarom je het geeft. Want als je weet wat je geeft, en met welk doel je deze medicatie verstrekt, kan dit de zorg aan een cliënt positief beïnvloeden. Je moet je naar mijn idee altijd realiseren, dat het niet ‘zomaar medicijnen’ zijn die je geeft. Geef je bijvoorbeeld ‘Parkinson medicatie’ niet op tijd, dan kan dit veel nadelige gevolgen hebben voor de cliënt. Ook kan meer bewustwording van medicatie, fouten in het medicatieproces voorkomen. Extra belangrijk nu bijvoorbeeld de dubbele medicatiecontrole, dit houdt in dat een collega met je meekijkt bij de uitgifte van risicovolle medicatie, in de verpleeghuiszorg door de hoge werkdruk en administratieve last geschrapt gaat worden. Bewustwording en kennis van medicatie zorg ervoor dat een zorgmedewerker zich zelfverzekerder voelt. 

Wat bedoel je met: meer bewustwording en kennis van medicatie zorgt ervoor dat een zorgmedewerker zich zelfverzekerder voelt?

“Neem morfine bijvoorbeeld. Stel een arts heeft dit als zo nodig voorgeschreven aan een terminale cliënt. De ene zorgmedewerker geeft het zonder te twijfelen aan de cliënt, zodra hij merkt dat deze cliënt pijn of benauwdheid ervaart. Terwijl een andere zorgmedewerker het spannend vindt om morfine te geven, omdat hij bang is dat de cliënt door morfine eerder kan overlijden. Deze zorgmedewerker wordt hierdoor onzeker en gaat twijfelen, en stelt het toedienen van morfine langer uit. Waardoor een terminale cliënt ongemak kan ervaren. Ik denk dan: jij weet dus eigenlijk niet het doel waarom een arts morfine voorschrijft, en wat morfine doet. En dat is jammer, want het geeft jou onnodig een onzeker gevoel.”

Wat lijkt je leuk aan de functie van voorzitter?

“Naast mijn persoonlijke interesse in nieuwe ontwikkelingen binnen het thema medicatie, wil ik in deze functie graag medicatieonderzoek verbinden met de praktijk. Ik vind het belangrijk, dat mensen vanaf de werkvloer bij medicatieonderzoek, en bij nieuwe ontwikkelingen binnen het medicatieproces betrokken worden. Een grotere betrokkenheid vanaf de werkvloer zorgt namelijk voor meer kennis van medicatie bij zorgmedewerkers en het geeft onderzoekers meer inzicht in de dagelijkse praktijk. Wie kan er nu beter inzicht geven in het dagelijkse medicatieproces dan iemand die dagelijks met de medicatiekar op pad is? Ik ben zelf al geruime tijd lid van de Farmaciecommissie van Interzorg, hierdoor kan ik ideeën, suggesties of ontwikkelingen vanaf de werkvloer inbrengen in de overleggen van deze commissie. Zo zie ik het bij de themagroep Medicatieveiligheid ook voor me. Wanneer ik kijk naar de samenstelling van deze themagroep, is een van onze eerste uitdagingen nog een extra verpleegkundige of verzorgende IG aan te laten sluiten. Een andere uitdaging is de onderlinge uitwisseling van kennisdelen tussen de diverse themagroepen van het UNO-UMCG verder te ontwikkelen. Dit alles en nog veel meer ga ik samen met de themagroepleden verder onderzoeken en vormgeven. Dat had ik kunnen doen als themagroeplid, maar de groep was nu eenmaal ook op zoek naar een voorzitter en ik ga graag deze uitdagingen aan.”

Wat brengt de themagroep Medicatieveiligheid en medicatieonderzoek jouw zorgorganisatie?

“Via de themagroep Medicatieveiligheid kan ik eenvoudig kennis en inzichten vanuit medicatieonderzoek meenemen naar Interzorg. En binnen mijn zorgorganisatie verspreiden, waarbij ik eventueel hulp kan inschakelen van de implementatieadviseurs van het UNO-UMCG. Andersom kan ik onderzoeksvragen vanaf de werkvloer van Interzorg eenvoudig meenemen naar de themagroep. Met nieuwe kennis uit de themagroep kunnen we het medicatieproces binnen onze organisatie en de zorg aan ouderen verbeteren. Doordat de verschillende themagroepen onderling kennis uitwisselen, kan ik ook onderzoekskennis vanuit andere themagroepen delen binnen mijn eigen organisatie. Op deze manier profiteert Interzorg van de ontwikkelingen bij andere zorgorganisaties in het gezamenlijke belang naar het streven van kwaliteitsverbetering binnen de ouderenzorg.”