Christina Feikens – Edens werkt als wijkverpleegkundige innovatie bij zorgorganisatie ZINN en is betrokken bij onderzoek van het UNO-UMCG naar zorgtechnologie. Samen met haar collega ondersteunt ze 17 teams bij de inzet van technologische hulpmiddelen. Daarnaast werkt ze zelf in de wijk: “Dat helpt mij enorm. Als een collega uit een zorgteam bij me komt voor advies ga ik altijd zelf langs bij de cliënt. Daardoor ken ik de situatie en wat daarbij passend is. Je moet per cliënt toch weer opnieuw kijken en uitproberen, wat werkt wel en wat niet.”

Foto: Ronald Zijlstra via ZINN

Wat betekent zorgtechnologie voor jou en wat merk je ervan in je werk?

“Als ik naar de toekomst kijk, denk ik dat het moeilijk wordt om zorg te kunnen blijven bieden aan iedereen die het nodig heeft. We zien nu al dat er minder plekken beschikbaar zijn. Mensen worden later opgenomen en blijven langer thuis wonen. Daardoor is er thuis meer zorg nodig. Mensen gaan meer dwalen of worden onrustig. De thuiszorg kan er niet 24 uur per dag zijn. Het is fijn als zorgtechnologie ons kan helpen om mensen langer en veilig thuis te laten wonen. Ook als het druk bij de zorg en bij naasten kan wegnemen. Wij hebben nu de kans om te starten met technologische hulpmiddelen en eraan te wennen.”

Waarom vind je onderzoek naar zorgtechnologie belangrijk?

“Onderzoek naar zorgtechnologie is belangrijk om de meerwaarde ervan aan te tonen. Zonder de hulpmiddelen die we nu gebruiken kunnen we door de toename aan cliënten de routes al niet meer doen. Onderzoek kan dit voor ons onderbouwen, dat het écht zinvol is. En als we dat kunnen aantonen, helpt het ook richting zorgverzekeraars. Want vergoedingen voor technologische hulpmiddelen laten nu nog op zich wachten.”

Hoe krijg je cliënten en hun naasten enthousiast om mee te doen aan onderzoek?

“Ik vraag het mensen persoonlijk, als ik bij ze ben. Ik probeer zo goed mogelijk uit te leggen wat voor onderzoek het is en waarvoor. Meestal gebruik ik duidelijke voorbeelden van hulpmiddelen die ze al kennen, zoals de medicijnklok of zorgrobot Tessa. Het helpt dat ik voor hen een bekend gezicht ben, dan staan ze er al snel positief in. Verder laat ik altijd informatie achter, zodat mensen het rustig kunnen nalezen.”

Onderzoek en innovaties volgen elkaar snel op. Hoe blijf je zelf op de hoogte van alle ontwikkelingen rondom zorgtechnologie?

“Als wijkverpleegkundige innovatie werk ik in de ochtend in de wijk en heb ik ’s middags tijd voor innovatie. Ik lees veel en werk samen met collega’s met hetzelfde aandachtsgebied. We hebben contact met andere zorgorganisaties in de regio. We delen kennis, houden elkaar op de hoogte van ontwikkelingen en proberen veel uit. Geen dag is hetzelfde en elke cliënt is anders, en juist dat maakt het elke keer weer een leuke uitdaging om de zorg voor elkaar te krijgen!”

Lees meer over het onderzoek Inzet van monitoringstechnologie bij dementiezorg thuis of het aandachtsgebied Zorgtechnologie.