Het blijft een evenwichtsbalk waarop we balanceren: aan de ene kant voldoende ventilatie en dus CO2 reductie bereiken, aan de andere kant een comfortabele nachtelijke beademing met goed klinisch effect overdag. Een probleem waar we vaker tegenaan lopen is deventilatie dyspneu, oftewel ernstige benauwdheid na het afkoppelen van nachtelijke NIV. Promovenda Judith Elshof, Technisch geneeskundige, deed hier onderzoek naar.
Sommige COPD-patiënten ervaren ernstige benauwdheid na het afkoppelen van nachtelijke NIV. Dit heet ook wel deventilatie dyspneu. Vanwege het beperkte aantal onderzoeken naar de oorzaak van deze klachten, ontbreekt het ons aan duidelijkheid over de optimale behandeling voor deze patiënten.
Er zijn twee voornaamste hypotheses: 1) NIV onderdrukt de respiratoire spieractiviteit waardoor het voor de patiënt moeilijk is om na het stoppen van NIV de ademhalingsspieren opnieuw te activeren, en 2) NIV leidt tot dynamische hyperinflatie doordat de patiënt niet volledig kan uitademen vóór de volgende inademing, wat resulteert in een toename van het residuaal volume en een afname van de inspiratoire capaciteit.
Om de oorzaak van deze klachten te onderzoeken, hebben we een observationeel onderzoek gedaan vóór, tijdens en na NIV bij 16 COPD patiënten die reeds behandeld werden met NIV: 7 patiënten met klachten van deventilatie dyspneu en 9 patiënten zonder. Uit de resultaten blijkt dat bij beide groepen de spieractiviteit tijdens NIV inderdaad afneemt in vergelijking met voor NIV. Opvallend is echter dat bij de patiënten met deventilatie dyspneu na NIV de spieractiviteit juist groter is dan bij de controlegroep, waardoor de eerste hypothese minder waarschijnlijk lijkt. Daarnaast hebben we vastgesteld dat de inspiratoire capaciteit metingen vóór en na NIV lager zijn bij patiënten met deventilatie dyspneu, terwijl er geen verschil is tussen de groepen wat betreft inspiratoire capaciteit verschil voor en na NIV.
Deze resultaten suggereren dat hyperinflatie inderdaad een rol speelt bij deventilatie dyspneu waarbij de gedachte is dat NIV-geïnduceerde dynamische hyperinflatie voornamelijk leidt tot dyspneu bij patiënten met meer statische hyperinflatie. Het is daarom interessant om te verkennen hoe we zowel statische hyperinflatie als NIV-geïnduceerde hyperinflatie kunnen verminderen, bijvoorbeeld door aanpassingen in NIV-instellingen, om zo hopelijk de klachten van deventilatie dyspneu te verlichten.