Jolanda Talen is wijkverpleegkundige bij Noorderboog en lid van de themagroep Samenwerken in de 1e lijn. Zij herkent de bevindingen uit het onderzoek en weet ook vanuit de praktijk dat een crisissituatie moeilijk te voorkomen is. “We zien soms als professionals ‘oh, dat gaat waarschijnlijk de crisiskant op, eigenlijk zouden we eerder een WLZ-indicatie moeten regelen’. Maar mensen staan er niet altijd voor open of zijn soms lastig in beweging te krijgen om die stap te nemen. Je kunt meestal pas ingrijpen als de crisissituatie zich voordoet.”
Crisissituaties in de praktijk

Crisis voorspellen  

Als vervolg op het onderzoek wil ze graag meer zicht krijgen op pre-crisissen en hoe die leiden tot een crisissituatie, zodat een crisis beter te voorspellen is. “Het is bijvoorbeeld seizoenafhankelijk: je ziet vaak dat het tegen Kerst en Oud & Nieuw of rond de zomervakantie begint te wankelen, omdat het systeem van mantelzorgers dat om mensen heen staat dan ook andere belangen heeft. Zoals vakantie.” Ook de fysieke achteruitgang in het proces van dementie speelt volgens Talen een rol in het ontstaan van een crisis: “Als we meer kennis hebben over dat proces hebben we nog een voorspellende factor van een crisis in beeld.”

Rollen en verantwoordelijkheden

 Lastig is volgens Talen dat er veel verschillende partijen zorg leveren aan één cliënt: van huishoudelijke hulp tot huisarts en verzorgende tot fysiotherapeut. “Hoe zorg je ervoor dat je met zijn allen op één lijn zit? Wie heeft welke rol en verantwoordelijkheid? En wie pakt de leidende rol? Het zou mooi zijn als daar een landelijke richtlijn voor komt, want deze zaken spelen natuurlijk overal.” 

 

Meer over het onderzoek crisissituaties in de 1e lijn