Behandeling van een vernauwing van de plasbuis

Als de plasbuis vernauwd is, kunt u niet of moeilijk plassen. Het lukt dan ook niet om de blaas helemaal leeg te plassen. Een plasbuisvernauwing heet ook wel een urethrastrictuur: plasbuis is urethra, strictuur is vernauwing.

Een vernauwde plasbuis komt meestal doordat het slijmvlies in de plasbuis is beschadigd. Bijvoorbeeld door een val, een operatie of een geslachtsziekte. Door die beschadiging ontstaat er littekenweefsel. Door dit littekenweefsel wordt de plasbuis nauwer. Omdat u niet niet of moeilijk kunt plassen, blijft er urine in de blaas achter. Dat kan zorgen voor infecties. Een vernauwing van de plasbuis komt meestal voor bij mannen. Soms is een plasbuisvernauwing aangeboren.

Klachten door een plasbuisvernauwing zijn:

  • zwakke urinestraal
  • de blaas niet leeg kunnen plassen
  • vaak moeten plassen
  • nadruppelen
  • blaasontsteking
  • bloed in de urine

Eerste gesprek

U krijgt een brief en informatie voor een afspraak op de polikliniek Urologie. Tijdens de afspraak bespreken we uw klachten en gezondheid. We doen ook meteen een paar onderzoeken. Voor andere onderzoeken moet u op een andere dag terugkomen.

Mogelijke onderzoeken zijn:

We kunnen de plasbuisvernauwing behandelen met een operatie. U wordt daarvoor 1 nacht in het ziekenhuis opgenomen. De uroloog vertelt u meer over de operatie. Ook hoort u welke problemen kunnen voorkomen en welke medicijnen u wel of niet mag gebruiken. Voor de operatie gaat u onder narcose of u krijgt een ruggenprik. De arts bespreekt met u wat voor u het beste is.

De behandeling stap voor stap

  1. U krijgt u een afspraakbrief en informatie van ons. Daarin staat hoe u zich op de behandeling voorbereidt.

    Ook heeft u voor de operatie een afspraak met de anesthesioloog over de verdoving. Hiervoor gaat u naar de Pre Operatieve Polikliniek Anesthesiologie (POPA).

  2. U wordt op de dag voor of van de operatie opgenomen in het ziekenhuis. In de opnamebrief staat waar u moet zijn. Voor de operatie krijgt u antibiotica in tabletvorm of later via een infuus. Hierdoor is er minder kans op infecties na de operatie.

    Kunt u niet komen? Bel ons dan zo snel mogelijk. Het telefoonnummer staat hieronder en in de brief.

  3. U trekt operatiekleding aan. Contactlenzen, bril, gebitsprothese, sieraden en piercings moeten uit of af. We vertellen u eerst nog een keer wat we gaan doen. Daarna krijgt u een infuus in uw arm. U krijgt een narcosemiddel via het infuus of een ruggenprik en een slaapmiddel, zodat u niets van de operatie merkt. Daarna gaat u naar de operatiekamer.

    Tijdens de operatie ligt u op uw rug met uw benen in beensteunen. De uroloog brengt een instrument in de plasbuis. Daarna snijdt hij met een mesje of met laser de vernauwing in. De arts bepaalt vaak tijdens de operatie welk instrument hij gebruikt. Aan het einde van de operatie brengen we een blaaskatheter in. Na de operatie heeft u aan de binnenkant van de plasbuis een wond.

    De operatie duurt ongeveer 30 minuten.

  4. Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer. Hier houden we uw bloeddruk, het zuurstofgehalte in uw bloed en uw hart in de gaten. U heeft een infuus voor vocht en als het nodig is ook medicijnen. En u heeft een blaaskatheter voor het afvoeren van de urine. Ook krijgt u medicijnen tegen de pijn. Als u misselijk bent van de narcose krijgt u daar ook medicijnen voor. Als alles goed gaat, gaat u naar de verpleegafdeling om verder te herstellen.

    Bij deze operatie is er een kans dat de vernauwing in de plasbuis terugkomt. Door de operatie ontstaat er namelijk opnieuw littekenweefsel in de plasbuis. Dit kan ook weer voor een vernauwing zorgen. Een oplossing daarvoor is dat u zelf probeert de vernauwing open te houden met een katheter. Door dit een paar keer per week te doen blijft de plasbuis wijder. Of u dat moet doen en hoe u dat doet, leert u van ons.

  5. Meestal halen we 1 dag na de operatie de blaaskatheter weg. Maar alleen als er geen bloed meer in de urine zit. Daarna duurt het vaak een paar uur voordat u moet plassen. Na het plassen bekijken we met een echo of u de blaas (bijna) leeg kunt plassen. Als dit goed is, mag u naar huis.

    Soms duurt het wat langer voordat de zwelling in de plasbuis weg is. U kunt dan moeilijk de blaas goed leegplassen. U krijgt dan opnieuw een blaaskatheter en gaat met katheter naar huis. Na 2 tot 6 weken halen we de katheter weg tijdens een afspraak op de polikliniek Urologie.

  6. U heeft 6 weken na de operatie een afspraak op de polikliniek Urologie. Tijdens de controle doen we een uroflowmetrie.

  • Bij elke operatie kunnen er achteraf problemen zijn. Ook als de operatie zelf goed is gegaan. Deze problemen noemen we complicaties. Na deze operatie kan het voorkomen dat de plasbuis toch weer nauwer wordt. Door de operatie komt er namelijk opnieuw littekenweefsel in de plasbuis.

    Een bijwerking van de operatie is pijn of branderigheid bij het plassen. Dat kan een paar dagen duren. Tegen de pijn kunt u paracetamol gebruiken. Korstjes op de plaats van de hechtingen kunnen een schrijnend gevoel geven. Smeer een dun laagje vaseline op de hechtingsrand om de huid soepel te houden. .

    Wanneer bellen?

    Bel ons als u:

    • erge pijn heeft, wat niet overgaat met pijnstillers
    • bloed met grote stolsels plast
    • de penis steeds dikker wordt
    • hevig bloedverlies heeft uit de plasbuis
    • de bloeding niet zelf kunt stoppen
    • niet meer kunt plassen
    • binnen 2 weken na de operatie koorts heeft boven de 38,5° C

    Tussen 8.00 en 16.30 uur kunt u bellen met polikliniek Urologie, telefoon (050) 361 25 61. Buiten deze tijden belt u naar het algemene nummer (050) 361 61 61. Vraag naar de dienstdoende uroloog.

    Bent u na de operatie al langer dan 24 uur thuis? Bel dan de huisarts. Die belt de uroloog als dat nodig is.

Bijwerkingen en risico's

Bij elke operatie kunnen er achteraf problemen zijn. Ook als de operatie zelf goed is gegaan. Deze problemen noemen we complicaties. Na deze operatie kan het voorkomen dat de plasbuis toch weer nauwer wordt. Door de operatie komt er namelijk opnieuw littekenweefsel in de plasbuis.

Een bijwerking van de operatie is pijn of branderigheid bij het plassen. Dat kan een paar dagen duren. Tegen de pijn kunt u paracetamol gebruiken. Korstjes op de plaats van de hechtingen kunnen een schrijnend gevoel geven. Smeer een dun laagje vaseline op de hechtingsrand om de huid soepel te houden. .

Wanneer bellen?

Bel ons als u:

  • erge pijn heeft, wat niet overgaat met pijnstillers
  • bloed met grote stolsels plast
  • de penis steeds dikker wordt
  • hevig bloedverlies heeft uit de plasbuis
  • de bloeding niet zelf kunt stoppen
  • niet meer kunt plassen
  • binnen 2 weken na de operatie koorts heeft boven de 38,5° C

Tussen 8.00 en 16.30 uur kunt u bellen met polikliniek Urologie, telefoon (050) 361 25 61. Buiten deze tijden belt u naar het algemene nummer (050) 361 61 61. Vraag naar de dienstdoende uroloog.

Bent u na de operatie al langer dan 24 uur thuis? Bel dan de huisarts. Die belt de uroloog als dat nodig is.

Leefregels na de behandeling

De wond in uw plasbuis moet nog genezen. Dat duurt ongeveer 6 weken. Om de kans op problemen kleiner te maken, is goed om:

  • ongeveer 2 liter per dag te drinken
  • regelmatig te plassen
  • geen zwaar werk te doen, niet zwaar tillen

De eerste 2 weken na de operatie mag u niet sporten zoals fietsen en zwemmen.
De eerste 3 tot 6 weken na de operatie mag u geen seks hebben.

Heeft u nog vragen?

U kunt polikliniek Urologie bellen van maandag tot en met vrijdag tussen 8.00 en 16.30 uur.

Heeft deze informatie je geholpen?