Vruchtwaterpunctie: onderzoek naar chromosoomafwijkingen ongeboren kind

De vruchtwaterpunctie is een onderzoek tijdens de zwangerschap. We onderzoeken het kind op chromosoomafwijkingen of andere erfelijke aandoeningen. Een vruchtwaterpunctie heet ook wel een amnionpunctie.

Wanneer een vruchtwaterpunctie?

We doen een vruchtwaterpunctie als:

  • uit de prenatale screening blijkt dat je een hogere kans hebt op een kind met Down syndroom, Edwards syndroom of Patau syndroom of een andere chromosoomafwijking
  • jij of je partner drager bent van een chromosoomafwijking
  • er afwijkingen op de echo zijn vastgesteld
  • je eerder zwanger bent geweest van een kind met een chromosoomafwijking
  • uit de niet-invasieve prenatale test (NIPT) 2 keer geen uitslag is gekomen

We doen een vruchtwaterpunctie meestal vanaf de 16e week van de zwangerschap.

De vruchtwaterpunctie stap voor stap

  1. Je krijgt een afspraakbrief en informatie van ons. Hierin staat hoe je je op het onderzoek voorbereidt. Je mag gewoon eten en drinken voor het onderzoek.

    Je kunt na het onderzoek niet alleen naar huis. Vraag daarom iemand om met je mee te gaan en je weer thuis te brengen.

  2. Voor dit onderzoek ga je naar het Centrum voor Zwangeren

    Je partner of begeleider mag aanwezig zijn tijdens het onderzoek. Neem geen (jonge) kinderen mee. Er is geen opvang en het onderzoek duurt vaak te lang voor ze.

  3. Tijdens het onderzoek lig je op de onderzoektafel. Je hoeft alleen je buik bloot te maken. Met de echo zoeken we naar de juiste plek voor de test. Met het echoapparaat blijven we de hele tijd meekijken tijdens het onderzoek.

    Daarna maken we je buik schoon. We prikken een naald via de buik in de baarmoeder. Je hoeft geen verdoving, want dat is hetzelfde gevoel als de vruchtwaterpunctie zelf. Met de naald zuigt de gynaecoloog een klein beetje van het vruchtwater uit de baarmoeder op. Het opzuigen van het vruchtwater doet geen pijn.

    Het totale onderzoek duurt ongeveer 20 minuten. Hiervan duurt de punctie maar een paar minuten.

    Soms moeten we de vruchtwaterpunctie uitstellen, omdat er nog te weinig vruchtwater is. We maken dan een nieuwe afspraak.

    Naar huis

    Je mag dezelfde dag weer naar huis. Doe de dag van het onderzoek thuis nog rustig aan. Dus niet sporten of andere inspanning zoals zwaar tillen of fietsen. Je kunt nog een paar dagen last hebben van buikpijn. Of een trekkerig gevoel in je onderbuik. Sommige vrouwen zeggen dat het lijkt op menstruatiepijn.

  4. In het vruchtwater uit de baarmoeder zitten ook losse cellen van het kind. We onderzoeken deze cellen in het laboratorium. Dit kan op verschillende manieren gebeuren:

    • Sneltest: met de sneltest vinden we de meest voorkomende chromosoomafwijkingen. We doen de sneltest als je een verhoogde kans hebt op een kind met Downsyndroom, Edwardssyndroom of Patausyndroom. Of als je eerder een mislukte NIPT had. Of als je eerder zwanger was van een kind met Down-, Edward- of Patausyndroom. Soms geeft de sneltest geen duidelijke uitslag. Dan doen we gedetailleerd chromosoomonderzoek.
    • Chromosomenonderzoek: we doen chromosoomonderzoek als uit de sneltest blijkt dat het kind een aandoening heeft. Hierdoor komen we er achter of het een erfelijke of niet-erfelijke chromosoomafwijking is.
    • Gedetailleerd chromosomenonderzoek (CNV-analyse): hiermee vinden we zeldzame afwijkingen vinden die de sneltest niet kan vinden. We doen dit onderzoek als jij of je partner drager bent van een zeldzame chromosoomafwijking. Of als je eerder zwanger bent geweest van een kind met een zeldzame chromosoomafwijking.
    • DNA diagnostiek: met DNA diagnostiek onderzoeken we de cellen uit het vruchtwater op zeldzame afwijkingen in de genen. We doen dit als jij of je partner drager bent van een zeldzame genetische aandoening. Of als je eerder zwanger bent geweest van een kind met een genetische aandoening.

    Als je een echo hebt gehad waaruit bleek dat je kind misschien een chromosoomaandoening heeft. Dan combineren we meestal gedetailleerd chromosomenonderzoek met DNA diagnostiek.

  5. De uitslag van de sneltest is meestal na 3 werkdagen. Als we ook ander onderzoek doen in het laboratorium, duurt de uitslag 2 weken. Je arts vertelt je dit. We bellen je altijd op om je de uitslag te vertellen. We bellen met een anoniem nummer. Als het moment niet goed uitkomt, dan kan je dat zeggen. Dan bellen wij later terug.

    De uitslag kan gevolgen hebben voor je zwangerschap en kind, en mogelijk ook voor een volgende zwangerschap. Als je wilt, kun je daarom na de uitslag een afspraak maken met een arts van de afdeling Obstetrie en Gynaecologie en/of Klinische Genetica van het UMCG. Als je vanuit een ander ziekenhuis naar het UMCG bent verwezen, begeleidt je eigen gynaecoloog je meestal verder.

Risico's vruchtwaterpunctie

Soms krijgt iemand door een vruchtwaterpunctie een infectie of bloeding. Er is een hele kleine kans op een miskraam na een vruchtwaterpunctie. Deze kans is 0,2 %. Dit betekent dat 2 van de 1000 vrouwen na een vruchtwaterpunctie een miskraam krijgt.

Wanneer bellen?

Bel ons als je:

  • steeds ergere buikpijn krijgt
  • bloed verliest
  • vruchtwater verliest of dit zo lijkt
  • koorts hebt (meer dan 38,5 graden)

Je kunt ons bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur op het telefoonnummer (050) 361 30 28. Buiten die tijden bel je naar (050) 361 80 65.

Heb je nog vragen?

Je kunt het Centrum voor Zwangeren bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur.

Heeft deze informatie je geholpen?