Een week na de eerste injectie bellen we je om te horen hoe het met je gaat. Na de eerste maand kom je op controle bij ons op de polikliniek. Een belafspraak is ook mogelijk. Als alles goed gaat, kom je daarna elke 3 tot 6 maanden terug voor controle. We nemen dan ook bloed af. Dit doen we om te kijken hoe je lever en nieren werken.
Hoe weten we of de behandeling werkt?
Om te zien of de behandeling werkt, maken we een tijd na de behandeling een MRI-scan om te kijken hoe groot de nieren en de lever zijn. Je vult dan ook weer vragenlijsten in. We vergelijken de scans en de vragenlijsten van voor een na de behandeling. Zijn na de behandeling nieren en lever minder groot, en heb je minder klachten? Dan werkt de behandeling met lanreotide goed.
Samen met je zorgverlener beslis je of je wel of niet doorgaat met lanreotide. Dit hangt af van je klachten en de grootte van de lever en nieren.
Tijdens alle afspraken controleren we de groei van de lever (en nieren).
Lanreotide en de overgang
Bij vrouwen is lanreotide na de overgang meestal niet meer nodig. De lever wordt na de overgang vaak kleiner door minder vrouwelijke hormonen.