Heupdysplasie: behandeling

Er zijn verschillende manieren om heupdysplasie en heupluxatie te behandelen. Welke behandeling je kind krijgt, hangt af van hoe erg de aandoening bij je kind is.

Hoe het behandelplan eruitziet, hangt af van de situatie van jouw kind. We kijken vooral naar hoe erg de heupdysplasie is. 

Waarom is heupdysplasie behandelen belangrijk?

Behandeling is belangrijk omdat heupdysplasie kan leiden tot problemen met lopen en pijn op latere leeftijd. Als heupdysplasie niet wordt behandeld, kun je er op latere leeftijd ook artrose door krijgen.

De behandeling is bedoeld om de heupdysplasie te genezen en zo mogelijke heupproblemen te voorkomen. Veel kinderen hebben na behandeling geen problemen meer.

Even afwachten

Als de heupdysplasie niet zo ernstig is, behandelen we niet meteen. We houden dan de ontwikkeling van de heupen goed in de gaten. We maken wel na 6 weken weer een echografie van de heupen.

Meteen behandelen met een spreidbroek

Als de dysplasie ernstig is, gaan we meteen behandelen. De behandeling bestaat uit het spreiden van de beentjes. Dat doen we met een spreidbroek.

Soorten spreidbroeken

De spreidbroek zorgt ervoor dat de heup weer midden in de kom komt te staan. Dat lukt het beste met de heupen in spreidstand. De druk van de kop in de kom zorgt ervoor dat de heupkom een "groeiprikkel" krijgt. Daardoor ontwikkelt de kom zich beter en wordt deze dieper. Zo gebruiken we bij deze behandeling de snelle groei van je kind in het eerste levensjaar.

Er zijn verschillende soorten spreidbroeken. In het UMCG gebruiken we een Pavlik-bandage of een Visser-spreider. Welke spreidboek jouw kind krijgt, hangt af van de leeftijd.

  • De Pavlik-bandage is voor kinderen tot 6 maanden. Dit is een spreidbroek van katoenen banden met nylon. Er zitten manchetjes aan voor de enkels en de voetjes. En een soort tuigje voor om het bovenlijf en de schouders. Alle banden kun je op maat maken met klittenbandsluitingen en verstelbare haaksluitingen.

    Je kind draagt deze 23 uur per dag. De spreidbroek mag alleen uit bij het verschonen en bij het in bad gaan. De behandeling duurt totdat de heup zich goed ontwikkeld heeft. Hoe lang dit duurt verschilt per kind.

  • De Visser-spreider is voor kinderen die ouder zijn dan 6 maanden. Dit is een spreidbroek met een in de breedte verstelbaar plastic rugdeel met zachte foam. Er zitten plastic manchetjes aan voor de dijbeentjes. En een buikband die je dicht kunt doen met klittenband. Tussen het rugdeel en de dijbeenmanchetten zitten scharniertjes. De Visser-spreider is te gebruiken totdat je kind gaat lopen.

    Je kind draagt deze 23 uur per dag. De spreidbroek mag alleen uit bij het verschonen en bij het in bad gaan. De behandeling duurt totdat de heup zich goed ontwikkeld heeft. Hoe lang dit duurt verschilt per kind.

  • Baby's met een heupluxatie behandelen we altijd eerst met een spreidbroek. Als na 6 weken de heup nog niet goed in de kom zit, proberen we het met een operatie. Dit heet een gesloten repositie. Bij deze operatie zetten we de heup terug in de kom. Soms moeten we de pees van 1 van de liesspieren langer maken om de heup stabiel in de kom te houden. Daarna krijg je voor 3 maanden een gipsbroek.

    Als de heup niet in de kom wil of weer uit de kom gaat, is soms een grotere operatie nodig om de heup stabiel in de kom te krijgen. Dit heet een 'open repositie'. Via een sneetje in de lies maken we het heupgewricht open en halen weefsel weg dat de heupkop uit de kom duwt. Na deze operatie krijg je ook 3 maanden een gipsbroek.

    Soms is de heupkom na de behandeling met de spreidbroek nog niet helemaal goed van vorm. Dit komt vaak voor bij kinderen die een heupluxatie hebben gehad en heet 'restdysplasie'. We kunnen restdysplasie behandelen met een operatie. Deze operatie heet een Pemberton-bekkenosteotomie. Je kind krijgt dan een blokje kunstbot in het bekkenbot om de heupkop beter te overdekken. Daarna krijg je meestal 4 weken gips om het bekken en het geopereerde bovenbeen.

    Heupdysplasie operatie
    Bij de Pemberton-operatie plaatsen we een stukje kunstbot in het bekken boven de heupkom. Dit doen we om de vorm van de overdekking te verbeteren.
  • Een gipsbroek is een verband van kunststofgips. De binnenkant is bekleed met stof en een laag watten. Zo is de huid van je kind goed beschermd. Er zit een opening tussen de benen zodat je kind gewoon een luier aan kan. De gipsbroek kan vanaf de taille tot aan de enkels worden aangelegd. Of allebei de benen volledig in het gips zitten hangt af van de afwijking waarvoor je kind de gipsbroek nodig heeft.

    De meeste kinderen krijgen 12 weken gips. Tijdens deze periode wisselen we de gipsbroek niet. Soms moeten we de gipsbroek wel aanpassen omdat je kind groeit. Na een Pemberton-bekkenosteotomie krijg je meestal 4 weken een gipsbroek.

Behandelteam

Alle in heupdysplasie gespecialiseerde zorgverleners zijn vanaf het begin bij jouw behandeling betrokken. Samen komen ze tot de juiste diagnose en behandelplan. Altijd in nauw overleg met jou, jouw huisarts en de verwijzende specialist. Door op deze manier samen te werken, bieden we je de beste zorg.

Bekijk het team

Samen beslissen

Voordat een behandeling begint geven we in een gesprek uitgebreid uitleg en informatie. Over de verschillende mogelijkheden en over de voor- en nadelen van een behandeling. Het gesprek gaat ook over wat een behandeling voor jou betekent en wat je zelf wilt. Dit noemen we 'samen beslissen'. In de video leggen we uit hoe dat werkt. 

Voor kinderen staat er goede informatie over ‘samen beslissen’ op de website jadokterneedokter.nl.

Video bekijken Scannen

Na de behandeling

De meeste kinderen hebben na de behandeling geen last meer van hun heupen. Nadat ze klaar zijn met de behandeling plannen we samen nog een paar controles. Om te kijken of het goed gaat.

Er is een kans van ongeveer 5% dat er opnieuw heupdysplasie ontstaat tijdens de tienerjaren. Bel of mail ons als je kind opnieuw klachten krijgt. Dan kijken we samen wat we kunnen doen.

Vragen of zorgen?

Heb je vragen of zorgen over je behandeling? Of heb je problemen op school, thuis of met vrienden en komt dat door je aandoening? Je kunt dit bespreken met de psycholoog of orthopedagoog. De psycholoog of orthopedagoog luistert naar je en kan je helpen handiger om te gaan met problemen, beter voor jezelf op te komen en meer zelfvertrouwen te krijgen. Ook kan een psycholoog of orthopedagoog je advies geven over school.

Ouders kunnen terecht bij de maatschappelijk werker. Samen kunnen ze bespreken hoe het is voor jullie als gezin, voor je ouders en voor je broertjes en zusjes. Ook kunnen ze met de maatschappelijk werken bespreken welke praktische zaken ze moeten regelen en of ze emotionele ondersteuning nodig hebben.

Heb je nog vragen?

Je kunt Orthopedie bellen via polikliniek Vorm en Beweging. Bellen kan van maandag tot en met vrijdag, tussen 08.00 en 16.30 uur. Je kunt ook een e-mail sturen.

Heeft deze informatie je geholpen?