Gastro-coloscopie bij kinderen: kijkonderzoek van de maag en dikke darm

Een gastro-coloscopie is een onderzoek van de maag en de dikke darm. We bekijken de binnenkant van de slokdarm, maag, twaalfvingerige darm, de overgang tussen de dunne en dikke darm en dikke darm met een endoscoop.

We doen dit onderzoek bij klachten zoals veel buikpijn, diarree of bloed in je poep. Of als je opeens veel bent afgevallen.

Het onderzoek bestaat uit 2 delen:

  • een gastroscopie: we onderzoeken de slokdarm, maag en twaalfvingerige darm
  • een coloscopie: we onderzoeken de dikke darm, de endeldarm en het laatste deel van de dunne darm

Bij een gastro-coloscopie doen we deze onderzoeken dus in 1 keer.

Voor het onderzoek gebruiken we endoscopen. Een endoscoop is een dunne, soepele slang van ongeveer 1 centimeter dik. Aan de slang zit een lampje en een cameraatje of lens. Dit maakt beelden, die we kunnen zien op een beeldscherm. Zo zien we de binnenkant van bijvoorbeeld de maag of darm. Soms halen we ook een beetje weefsel weg voor onderzoek.

Kinderen gaan voor dit onderzoek altijd onder narcose. Dat betekent dat je slaapt als we dit onderzoek doen. Hierdoor merk je niks van het onderzoek.

Het onderzoek stap voor stap

  1. Je krijgt een brief en informatie van ons. Hierin staat hoe je je op het onderzoek voorbereidt. Bijvoorbeeld wat je mag eten en drinken op de ochtend van het onderzoek. Als je al in het UMCG bent opgenomen, vertelt de verpleegkundige je over het onderzoek en hoe je hierop voorbereidt.

    Voor dit onderzoek moeten je darmen leeg zijn. Hiervoor krijg je een laxeermiddel en uitleg mee. Je hoort dan ook wanneer je het laxeermiddel moet nemen.

    Heb je nagellak of gelnagels? Haal dit weg voor je naar het ziekenhuis komt. Dit is nodig omdat je tijdens de ingreep een sensor op je vinger krijgt. Daarmee meten we je hartslag en het zuurstofgehalte in het bloed.

    Je hebt voor het onderzoek een afspraak met de slaapdokter (anesthesioloog) over de narcose. Hiervoor ga je naar de Pre Operatieve Polikliniek Anesthesiologie (POPA). De anesthesioloog bespreekt ook met je of je met een kapje of infuus onder narcose gaat.

    Vóór de afspraak op de POPA krijg je een e-mail met een link naar online voorlichting over de narcose. Belangrijk is dat je de voorlichting goed bekijkt en de vragenlijst aan het einde invult en terugstuurt.

  2. Je gaat eerst naar een verpleegafdeling van het Beatrix Kinderziekenhuis.

    Je hebt een gesprek met een verpleegkundige. Jullie bespreken hoe de darmspoeling thuis is gegaan. We wegen je en meten je lengte, bloeddruk, hartslag en temperatuur. Daarna krijg je opnieuw een drankje om je darmen schoon te maken. Als de darmen 2 uur voor het onderzoek nog niet goed leeg zijn, krijg je een klysma. Dit is een flesje met vloeistof dat we in de anus spuiten. Hierdoor komt de ontlasting snel naar buiten.

    Als je aan de beurt bent voor het onderzoek, brengen we je naar het Endoscopiecentrum of naar het Operatief Dagbehandelingscentrum (ODBC).

  3. Een ouder/ verzorger mag bij je blijven tot je slaapt. De anesthesioloog brengt je in slaap met een kapje of infuus. Als je met een kapje bent gaan slapen, krijg je hierna ook een infuus. Via het infuus krijg je een pijnstiller.

    Gastroscopie

    De arts brengt langzaam de endoscoop via je mond en de maag naar de twaalfvingerige darm. Als de slang in de maag zit, blazen we via de slang een beetje lucht in de maag. Zo kunnen we op een beeldscherm alles goed bekijken. Als het nodig is, halen we een beetje slijmvlies weg. Dit onderzoeken we dan in een laboratorium. Als we alles hebben gezien halen we de endoscoop hierna weer voorzichtig naar buiten.

    Coloscopie

    Hierna doen we het onderzoek van de darm. Via de anus brengen we langzaam de endoscoop in de endeldarm. Via de endoscoop krijg je wat lucht in je darmen. Zo kunnen we de darmen goed bekijken. Als het nodig is, halen we met de endoscoop een beetje darmweefsel weg. Dit laten we onderzoeken in een laboratorium. Als het onderzoek klaar is, halen we de endoscoop voorzichtig weer weg.

    Het onderzoek duurt meestal 1 tot 1,5 uur.

  4. Je gaat na het onderzoek naar de uitslaapkamer. Hierna ga je naar een verpleegafdeling van het Beatrix Kinderziekenhuis. Je moet nog ongeveer 4 uur in het ziekenhuis blijven, tot je weer hebt gedronken en geplast. Soms moet je nog wat langer blijven, dit hangt af van wat we bij het onderzoek hebben gevonden.

    Jouw keel kan wat 'rauw' aanvoelen. Je kunt ook een opgeblazen gevoel hebben in je buik en darmen, waardoor je moet boeren en windjes moet laten. Dit hoort bij dit onderzoek en gaat vanzelf over.

  5. Na het onderzoek bespreken we met je wat we hebben gezien. Als we een darmontsteking hebben gevonden, krijg je soms direct medicijnen of een infuus om dit te behandelen.

    Als we weefsel hebben weggenomen, onderzoeken we dit in het laboratorium. Dan bellen we je na 1 tot 2 weken en maken een afspraak om de uitslag met je te bespreken. Deze afspraak kan telefonisch of in het ziekenhuis zijn.

Bijwerkingen en risico's

Het kan zijn dat je na het onderzoek een beetje bloed of bloederig slijm ophoest. Dit is normaal en gaat vanzelf over. De kans dat er problemen ontstaan door het onderzoek is heel klein.

Bel ons als je na het onderzoek:

  • pijn of koorts hebt
  • pikzwarte ontlasting hebt of bloed overgeeft
  • last krijgt van benauwdheid

Dat kan van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 - 16.30 uur, telefoonnummer (050) 361 23 66.

Bel op andere dagen of tijden naar (050) 361 61 61 en vraag naar de kinderarts-MDL die dienst heeft.

Heb je nog vragen?

Kinderen en hun ouders kunnen bellen naar het secretariaat kinder-MDL. Dat kan van maandag tot en met vrijdag tussen 8.00 en 16.30 uur. Je kunt ook een bericht sturen via <a href="https://mijn.umcg.nl">mijnUMCG</a> of via een e-mail.

Heeft deze informatie je geholpen?