Stuitligging

Bij een stuitligging ligt een baby niet met het hoofd naar beneden, maar met de billen of de voeten. Dit kan even schrikken zijn. Maar het hoeft niet te betekenen dat u niet op de normale manier kunt bevallen.

Bij een stuitligging liggen de billen of de benen van uw kind naar beneden, bij de ingang van uw bekken. Het hoofd van de baby ligt bovenin de baarmoeder.

Verschillende soorten stuitligging

  • Voetligging: de baby ligt met 1 of beide benen gestrekt naar beneden. 1 of beide voeten liggen dan lager dan de billen.
  • Half onvolkomen stuitligging. 1 been ligt gestrekt naar boven en het andere been ligt gebogen naar beneden.
  • Volkomen stuitligging. De benen van de baby zijn gebogen, zodat de voeten bij de billen liggen.
  • Onvolkomen stuitligging. De benen van de baby liggen omhoog naast het lichaam

Soorten stuitliggingen

  • Voetligging

  • Half onvolkomen stuitligging

  • Volkomen stuitligging

  • Onvolkomen stuitligging

Hoe vaak komt een stuitligging voor?

Baby’s bewegen in het vruchtwater en veranderen vaak van ligging.Dit wordt minder aan het einde van de zwangerschap. Rond de 30 weken ligt ongeveer 25% van de kinderen in stuitligging. Rond de 36 weken liggen de meeste baby’s met het hoofdje naar beneden en ongeveer 3 van de 100 kinderen in stuitligging.

  • Bij 9 van de 10 zwangeren is de oorzaak van de stuitligging vaak niet duidelijk. Een stuitligging komt wel vaker voor bij:

    • een meerlingzwangerschap
    • een afwijkende vorm van de baarmoeder of het bekken
    • een voorliggende placenta (moederkoek) of een myoom (vleesboom) bij de ingang van de baarmoedermond. 

  • Bij een stuitligging doen we altijd een echoscopisch onderzoek. 

    Bij dit onderzoek kijken we hoe de baby in de baarmoeder ligt, de stand van het hoofdje van uw kind, hoeveel vruchtwater u heeft en hoe de moederkoek (placenta) ligt. Ook kijkt de arts naar andere afwijkingen die mogelijk de oorzaak van de stuitligging zijn. De arts kijkt of er bijvoorbeeld vleesbomen zijn, die de ingang van het bekken blokkeren of naar duidelijk zichtbare aangeboren afwijkingen.


  • Een stuitligging kan tijdens een bevalling problemen geven. Meestal wachten we eerst af of u baby nog vanzelf draait. Als uw baby aan het eind van de zwangerschap nog in stuit ligt, bekijken we samen welke opties er zijn:

    De baby draaien

    Bij een stuitligging proberen we de baby te draaien, zodat het hoofd naar beneden gaat liggen. Dit gebeurt vaak vanaf 36-37 weken zwangerschap. Draaien van de baby kan, zolang de bevalling nog niet is begonnen.

    Keizersnede

    Als een bevalling via de vagina niet mogelijk of veilig is, doen we een keizersnede. Hierbij komt uw kind via een snede in de buik ter wereld. Vaak wordt pas tijdens de bevalling duidelijk dat een keizersnede nodig is.

    Vaginale bevalling

    Als de gynaecoloog of verloskundige een vaginale bevalling veilig vindt, kiest u zelf of uw vaginaal of met een keizersnede bevalt. Het is belangrijk om dan goed na te denken over de voor- en nadelen. Die bespreken we samen met u.

    Wanneer niet zelf kiezen?

    U mag bij een stuitligging niet zelf kiezen als:

    • Het te laat is om een keizersnede te doen. Het kind is al zo diep in het bekken dat het al bijna geboren wordt.
    • De gynaecoloog vindt het niet veilig om u vaginaal te laten bevallen. Bijvoorbeeld omdat uw kind te groot is, niet goed ligt of dat u de vorige keer een moeilijke bevalling had.

    We vragen altijd uw toestemming om een keizersnede te doen.


Samen beslissen

Voordat een behandeling begint krijgt u in een gesprek uitgebreid uitleg en informatie. Over de verschillende mogelijke behandelingen. En over de voor- en nadelen van een behandeling. Het gesprek gaat ook over wat een behandeling voor u betekent en wat u zelf wilt. Dit noemen we 'samen beslissen'

Samenwerken voor de beste zorg

Patiënten die zorg nodig hebben, moeten op het juiste moment voor de juiste zorg naar het juiste ziekenhuis. Binnen en buiten de noordelijke regio. Daarom werken wij als UMCG nauw samen met andere ziekenhuizen. Binnen deze zorgnetwerken bieden wij als universitair medisch centrum de meest specialistische en complexe zorg. We delen onze wetenschappelijke kennis, kunde en ervaring, zodat patiënten in het hele land beter geholpen kunnen worden.

Heeft u nog vragen?

U kunt de polikliniek Verloskunde bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur.