| |
Doel: Bepaling van carboxyhemoglobine (COHb) ter bevestiging of uitsluiting van koolmonoxidevergifting.
Vereiste klinische informatie: Standaardinformatie bij aanvraag laboratoriumonderzoek (o.a. identificatie, leeftijd, geslacht).
Beschrijving methodes: Bepaling van het gehalte koolmonoxide geschiedt veelal spectrofotometrisch met apparatuur voor het meten van bloedgassen. Gemeten wordt het percentage carboxyhemoglobine ten opzicht van het totaal hemoglobine. Belasting voor de patiënt Arteriele punctie of venapunctie. Materiaalafname/Fixatie Arterieel of veneus bloed. Stoorfactoren Aanwezigheid van foetaal hemoglobine of sulfhemoglobine kan afhankelijk van de gebruikte methode een fout verhoogde waarde geven.
Mogelijke toepassingen:
- het bevestigen of uitsluiten van een koolmonoxidevergiftiging
- vervolgen van het effect van behandeling bij koolmonoxidevergiftiging
Interpretatie: Van alle dodelijke vergiftigingen is die ten gevolge van koolmonoxide de meest voorkomende. Koolmonoxide bindt zich op vrijwel identieke wijze als zuurstof met hemoglobine, maar de binding is 200 maal sterker. Daarom wordt koolmonoxide niet makkelijk door zuurstof van het hemoglobine verdrongen. Dit verklaart waarom zelfs bij een laag gehalte koolmonoxide in de inademingslucht bij langdurige blootstelling vergiftigingen kunnen optreden. Koolmonoxide wordt normaal in kleine hoeveelheden gegenereerd bij de afbraak van haem. Door de endogene productie van koolmonoxide bedraagt het gehalte COHb ongeveer 1% van het totaal hemoglobine (totaal 2% hemoglobine is niet-functionerend door o.a. hemiglobine (Hi), sulfhemoglobine (SHb) en carboxyhemoglobine). Koolmonoxide is zeer toxisch, omdat het bindt aan hemoglobine en myoglobine en daarmee het zuurstoftransport blokkeert. Cardiaal myoglobine bindt CO sterk en de cardiale zuurstofreserve wordt snel gereduceerd. Koolmonoxide heeft bovendien een zodanige invloed op de configuratie van hemoglobine, dat de zuurstofaffiniteit toeneemt. Dit betekent, dat een lagere zuurstofspanning nodig is om zuurstof van het hemoglobine los te maken, waardoor het anoxisch effect van koolmonoxide op cellulair niveau nog wordt versterkt. Koolmonoxide heeft ook een negatief effect op de ademhalingsketen op cellulair niveau. Ook maakt koolmonoxide stikstofoxide(NO)-radicalen vrij. Hierdoor ontstaat weefselschade en leukocytenactivatie. Veel voorkomende oorzaken van koolmonoxidevergiftiging zijn: uitlaatgassen, rook van open vuur en verbrandingsgassen van verwarmingssystemen.1 Men moet hier vooral aan denken als meer dan één persoon (of huisdieren) gelijktijdig symptomen hebben. Voor niet-rokers is een gehalte > 5%, voor rokers een gehalte van > 10% bewijzend voor een vergiftiging.2 Tot 10% zijn er meestal geen verschijnselen. De eerste duidelijke symptomen van vergiftiging treden op bij een gehalte van ongeveer 25%. Dit wordt al bereikt bij een gehalte van 0,02% koolmonoxide in de inademingslucht (uitlaatgas van een benzinemotor bevat ongeveer 3% koolmonoxide). Vanaf 25% treden in toenemende mate ziekteverschijnselen op afhankelijk van de duur. Een gehalte van 40-50% is dodelijk, hoewel een korte periode van 70-75% te overleven is (zie tabel 1). Er zijn aanwijzingen dat chronische langdurige inwerking van een veel lager gehalte leidt tot degeneratieve atheromateuze vaatafwijkingen. Zonder behandeling en bij normale ademhaling bedraagt de halfwaardetijd van COHb vier uur, bij inhalatie van 100% zuurstof 74 ± 25 minuten.3
Tabel 1: Symptomen bij CO-waarden in lucht en bloed
% CO in lucht
|
% CO-Hb in bloed
|
symptomen
|
< 0,01
|
tot 10
|
geen
|
> 0,01-0,1
|
10-50
|
hoofdpijn, collaps (boven 25%), coma (boven 40%)
|
> 0,1
|
> 50
|
ademstilstand, dood
|
Valkuilen: Veel bloedgasapparaten bepalen niet automatisch het koolmonoxidegehalte. Normale waarden van bloedgassen (pO2, pCO2, O2 verzadiging) sluiten een koolmonoxidevergiftiging niet uit (de vergiftiging veroorzaakt zuurstofgebrek met hyperventilatie en respiratoire alkalose).4 Late gevolgen van koolmonoxidevergiftiging zijn berucht: bij 3-40% van de patienten ontstaan 2 tot 28 dagen na het acute moment neuropsychiatrische klachten.5
Referentiewaarden: Het koolmonoxidegehalte (%COHb) in bloed is afhankelijk van het de mate van blootstelling aan koolmonoxide:
niet rokers:
|
0,5-1,5% COHb
|
rokers (1-2 pakjes per dag):
|
tot 5% COHb
|
zware rokers (> 2 pakjes per dag):
|
tot 10% COHb
|
Tarief (excl. ordertarief): �?� 5,55
Literatuur: Referenties
- Drent M. Door het oog van de naald; fragmenten uit een dagboek bij koolmonoxidevergiftiging. Ned Tijdschr Geneeskd 1996; 140: 2577-80
.
- Ilano AL, Raffin TA. Management of carbon monoxide poisoning. Chest 1990; 97: 165-9
.
- Weaver LK, Howe S, Hopkins R, et al. Carboxyhemoglobin half-life in carbon monoxide-poisoned patients treated with 100% oxygen at atmospheric pressure. Chest 2000; 117: 801-8
.
- Varon J, Marik PE, Fromm RE, et al. Carbon monoxide poisoning: a review for clinicians. J Emerg Med 1999; 17: 87-93
.
- Raub JA, Mathieu M, Hampson NB, et al. Carbon-monoxide poisoning - a public health perspective. Toxology 2000; 145: 1-14
.
|
|