Referentiewaarden
Therapeutisch (LC-MS/MS):
Voor continu infuus geldt: 1,4 x onderstaande dalspiegel bij
intermitterende toediening.
Dalspiegel:
Nier UMCG (iDOC 25275)
1e 6 weken na Tx: 8 - 12 µg/L
6 weken–6 maanden na Tx: 6 - 10 µg/L
> 6 maanden na Tx: 4 - 6 µg/L
Nier AUC UMCG (korte curve)
24-uur AUC: 250 microg*h/L
Nier/pancreas UMCG (iDOC 25275)
1e 6 weken na Tx: 8 - 12 µg/L
6 weken–4 maanden na Tx: 6 - 10 µg/L
6-18 maanden na Tx: 6 - 8 µg/L
> 18 maanden na Tx: 5 - 7 µg/L
Long UMCG volwassenen (iDoc 19737)en kind (iDoc 45119):
1e week na Tx: (13 -)15 µg/L
2-4 weken na Tx: (10) 12 - 15 µg/L
2-3 maanden na Tx: 10 µg/L
4-12 maanden na Tx: 7 - 10 µg/L
> 1 jaar na Tx: 7 - 10 µg/L, bij nierschade: 6 - 8 (9) µg/L
Lever UMCG volwassenen afhankelijk van comedicatie (basiliximab, prednisolon, mycofenolzuur, siroliums, everolimus) en nierfunctie (iDoc 56654 en 33804):
1e 3 weken na Tx (zonder mycofenolzuur): 7 - 10 µg/L
1e 3 weken na Tx (icm mycofenolzuur): 5 - 7 µg/L
evt bij ernstige nierproblemen: 3 - 5 µg/L
Lever UMCG kinderen en kreatinineklaring > 50 ml/min/1.73m2 (iDoc 19867):
1e 6 maanden na Tx: 8 - 10 µg/L
6 maanden-2 jaar na Tx: 4 - 6 µg/L
> 2 jaar na Tx: 3 - 4 µg/L
Lever UMCG kinderen en kreatinineklaring < 50 ml/min/1,73m2 (iDoc 19867):
1e 6 maanden na Tx: 6 – 8 µg/L
> 6 maanden na Tx: 3 - 5 µg/L
Dunne darm UMCG (iDoc 46058):
1e week na Tx: 13 - 15 µg/L
2-4 weken na Tx: 10 - 15 µg/L
5 weken–3 maanden na Tx: 10 µg/L
> 3 maanden na Tx: 7 - 10 µg/L
Hart UMCG (iDoc 08171):
1e 8 weken na Tx: 9 - 16 µg/L
> 8 weken na Tx: 5 - 9 µg/L
Allogene hematopoietische stamceltransplantatie UMCG:
5 - 10 (15) µg/L (afh van risico GVHD en recidief)
TDM-monografie (NVZA):
Nierschema 1 dalspiegel:
1e maand na Tx: 15 - 20 µg/L
1-3 maanden na Tx: 10 - 15 µg/L
> 3 maanden na Tx: 5 - 12 µg/L
Nierschema 2 dalspiegel:
1-2 weken na Tx: 15 - 20 µg/L
3-4 weken na Tx: 10 - 15 µg/L
1-6 maanden na Tx: 5 - 10 µg/L
6-12 maanden na Tx: 5 - 7 µg/L
12-uur AUC:
0-6 weken: 210 microg*h/L
> 3 maanden: 125 microg*h/L
Toxisch:
Langdurig dal: > 20 µg/L
Achtergrondinformatie
Laatst gewijzigd 09OKT2025 (MSt):
- Controle en toevoeging iDoc nummers UMCG protocollen.
- De analyse van tacrolimus in volbloed vanuit een kindercupje is nieuw in het UMCG.
- Bij stabiele patiënten die werden geconverteerd van Prograft (tweemaal daags) naar Advagraf (eenmaal daags) in een 1:1 (mg:mg) verhouding van de totale dagelijkse dosis was de systemische blootstelling aan tacrolimus (AUC24) voor Advagraf ongeveer 10% lager dan die voor Prograft. De verhouding tussen de tacrolimus dalspiegels (C24) en systemische blootstelling (AUC24) voor Advagraf is gelijk aan die voor Prograft. Bij conversie van Prograft capsules naar Advagraf dienen tacrolimus dalspiegels te worden gemeten vóór conversie en binnen twee weken na conversie.
- Een verkorte AUC bepaling is mogelijk een alternatief voor de dalspiegel. Indien de AUC geschat wordt aan de hand van een korte curve wordt in de eerste 3 tot 6 maanden (per centrum en schema verschillend) een hogere streefwaarde (bv nier Tx AUC12 van 210 µg*h/L) aangehouden dan daarna (bv AUC12 van 125 µg*h/L) vanwege de verhoogde kans op acute afstoting.
- Referentiewaarden voor continu infuus dienen hoger te zijn: ongeveer 1,4 x dalspiegel na orale toediening (Nakamura TransplProceed2005-1725).
- De LOQ van de bepaling is 1,0 µg/L.
- Zie TDM monografie Tacrolimus van Commissie Analyse en Toxicologie van NVZA
Website: http://www.tdm-monografie.org/monografie/tacrolimus