| |
Doel: Bepaling van calcitonine (CT), veelal in combinatie met een stimuleringstest.
Vereiste klinische informatie: Standaardinformatie bij aanvraag laboratoriumonderzoek (o.a. identificatie, leeftijd, geslacht).
Beschrijving methodes: CT wordt bepaald met behulp van een immunometrische bepaling, een sandwich immunoassay. Hierbij bindt CT aan ƩƩn specifiek monoklonaal antilichaam en vervolgens aan een tweede, voorzien van een merker (luminescentie of radioactiviteit). De hoeveelheid CT kan worden afgelezen tegen een kalibrator. Aard en samenstelling daarvan zijn niet internationaal afgesproken en mede daardoor kunnen referentiewaarden per methode en per laboratorium verschillen. Belasting voor de patiƫnt Venapunctie. Veelal in combinatie met een stimuleringstest, te weten:
- de pentagastrinetest (0,5 μg/kg lichaamsgewicht intraveneus in 5 seconden) gevolgd door meting op tijdstippen 0, 2 en 5 minuten;
- de calciumtest (2,5 mg calcium gluconaat per kg intraveneus in 30 seconden) gevolgd door meting op tijdstippen 0, 2 en 5 minuten.
Voorbereiding patiënt Geen specifieke voorbereiding; afname kan op elk tijdstip van de dag plaatsvinden, wel dient rekening gehouden te worden met de voedingstoestand van de patiënt. Vaak wordt een stimulatietest uitgevoerd, ter verhoging van de betekenis van de meting. Materiaalafname/Fixatie Afname van bloed middels venapunctie; scheiding van serum of plasma (EDTA of Li-heparine) middels centrifugeren. Het serum/plasma dient ingevroren (-20°C) te worden bewaard. Verzending van materiaal naar een extern laboratorium dient ingevroren te gebeuren.
Mogelijke toepassingen:
- iedere patiƫnt met een nodus in de schildklier en verdenking op schildkliercarcinoom screenen op medullair schildkliercarcinoom (MTC)
- vroegtijdige opsporing van MTC bij patiƫnten met familiaire belasting (MEN type 2A en 2B)
- follow-up van patiƫnten met MTC, ter tijdige vaststelling van metastasen
Interpretatie: Calcitonine is een polypeptide van 32 aminozuren met een molmassa van circa 3.700 D. Het behoort tot de CT superfamilie, met andere leden als calcitonin-gene-related peptide 1 en 2, adrenomedulline en IAPP (�??islet amyloid polypeptide�??). CT wordt geproduceerd door de parafolliculaire C-cellen in de schildklier maar ectopische productie wordt gezien bij een aantal maligniteiten zoals longcarcinoom, carcinoïd, melanoom, feochromocytoom, pancreas, borst en prostaat carcinomen. Ook bij hypercalciëmie, hypergastrinemie, chronische long- en nierproblemen, thyroïditis en sepsis (pro-CT) worden enigszins verhoogde waarden gezien. Alleen het intacte CT heeft mogelijk effect op de Ca-huishouding. In het dierexperiment verlaagt CT de botresorptie en vermindert de renale tubulaire terugresorptie van Ca, PO4, Na, K en Mg. Echter, fysiologisch hebben deze effecten bij de mens weinig betekenis, zelfs de zeer hoge CT-spiegels bij patiënten met MTC leiden zelden tot problemen met de Ca-stofwisseling. Verhoogde basale CT-waarden duiden op hyperplasie van de C-cellen of op aanwezigheid van een MTC. Sensitiviteit/Specificiteit Met de gebruikte chemoluminescentie-bepalingen kan CT aangetoond worden in het bloed van 83% van gezonde mannen en 46% van vrouwen, alle gemeten concentraties zijn lager dan 9 ng/l. Hoewel kinderen wat hogere CT-waarden kunnen hebben, is een bovengrens van 25 pmol/l (10 ng/l) vrijwel universeel hanteerbaar. Stimulatie leidt tot enige stijging van de CT-concentraties bij gezonde mensen maar bij MTC is de stijging aanzienlijk hoger, bij mannen vormt na stimulatie een concentratie van ongeveer 300 pmol/l (100 ng/l) en bij vrouwen 100 pmol/l de grens tussen wel of niet aanwezige pathologie.
Valkuilen: De bepalingen van CT laten grote verschillen zien in de gemeten concentraties, afhankelijk van de gebruikte techniek maar ook van voedingstoestand, sexe en leeftijd van een individu.
Vergelijking andere methodes: CT bepaling is voor het stellen van de diagnose medullair schildkliercarcinoom niet voldoende. Door de ontdekking dat bij patiënten met een MEN-syndroom type 2 mutaties bestaan in het RET-proto-oncogen is de betekenis van de CT-bepaling voor opsporing sterk verminderd. De �??gouden standaard�?? is thans het opsporen van de mutatie, vaak al op zeer jeugdige leeftijd, en behandeling, door complete verwijdering van de schildklier.1 Bij patiënten die geen DNA-analyse wensen kan screening met behulp van stimulatie en meting van CT een redelijk alternatief vormen.
Referentiewaarden: Basaal tot 25 pmol/l, na stimulatie < 300 bij mannen en < 100 pmol/l bij vrouwen.
Tarief (excl. ordertarief): ļæ½?ļæ½ 8,31
Literatuur: Referenties
- Lips CJM, Hƶppener JWM, Thijssen JHH. Medullary thyroid carcinoma: role of genetic testing and calcitonin measurements. Ann Clin Biochem 2001; 38: 168-79
.
Achtergrondinformatie
- Burtis CA, et al. (eds). Tietz textbook of clinical chemistry. 3rd ed. Philadelphia: Saunders, 1999: 1933-36
.
- Greenspan FS, Gardner DG. Basic & clinical endocrinology. 6th ed. New York: Lange Medical Books/McGraw-Hill, 2001: 279-81 en 288-9
.
|
|