| |
Doel: Vaststellen van de concentratie van β2-microglobuline (β2-m) concentratie in serum, urine of liquor.
Vereiste klinische informatie: Standaardinformatie bij aanvraag laboratoriumonderzoek (o.a. identificatie, leeftijd, geslacht).
Beschrijving methodes: β2-microglobuline (β2-m) wordt bepaald met behulp van sandwich immunoassays. Hierbij bindt het β2-m uit het monster aan monoklonale antilichamen waarvan er één veelal geïmmobiliseerd is c.q. wordt. Vervolgens bindt een tweede antilichaam, voorzien van een of andere merker (chemoluminescentie, enzym, etc) aan dit complex. De hoeveelheid gebonden label is een maat voor de hoeveelheid β2-m in het monster. Het resultaat wordt afgelezen tegen dat van een kalibrator. Belasting voor de patiënt Venapunctie, lumbaal punctie. Voorbereiding patiënt Geen specifieke voorbereiding; afname kan op elk tijdstip van de dag plaatsvinden. Materiaalafname/Fixatie Afname van bloed middels venapunctie; scheiding van serum of plasma middels centrifugeren. Afname van liquor middels lumbaal punctie; scheiding van liquor en cellen middels centrifugeren. Urine: β2-m in urine is beneden pH 6,0 instabiel; alkaliseren van de urine is noodzakelijk. Indien bepaling dezelfde dag plaatsvindt bewaren bij kamertemperatuur. Vindt bepaling niet dezelfde dag plaats dan dient het monster gekoeld te worden bewaard (tot 7 dagen). Verzending van materiaal naar een extern laboratorium gekoeld dan wel ingevroren (-20°C). Stoorfactoren Verhoging van serum concentratie is beschreven bij gebruik van Tumor Necrose Factor, Cefuroxim, Cyclosporine A, Gentamicine, Interferon-alfa, Pentoxifylline. Verlaagde serum waarden komen voor door Ziovudine. De concentratie in urine kan verlaagd worden door Citostazol. Verhoging van de concentratie in urine kunnen veroorzaakt worden door Aciclovir, Azathioprine, Cisplatine, Cyclosporine A, Furosemide, Gentamicine, Mannitol, Nifedipine, Sisomicine en Tobramycine.
Mogelijke toepassingen: Ter beoordeling van:
- �??Glomerular filtration rate�??
- proximale tubulusfunctie
- prognose en beloop van maligniteiten
Serum
- beoordeling van de �??glomerular filtration rate�?? (GFR), bij patiënten met een niertransplantaat
- prognose, beloop en effect van therapie bij patiënten met een B-cel-maligniteit
- monitoring van AIDS patiënten en patiënten met verstoringen van het immuunsysteem
Urine
- beoordeling van het functioneren van de proximale tubulus
Liquor
- aanwezigheid van meningeale metastasen van acute leukemie en van lymfomen
Interpretatie: β2-m is een klein eiwit met een molecuulgewicht van 11.800 D en behoort tot de groep �??low-molecular-weight proteïns�??. β2-m wordt gemaakt door lymfocyten. Het molecuul bestaat uit 100 aminozuren, heeft een disulfidebrug tussen aminozuur 25 en 81 en bevat geen koolhydraatgroepen. Het eiwit vormt het niet covalent-gebonden lichte deel (vergelijkbaar met het CH3-domein van een IgG-molecuul) van klasse I HLA-antigenen, die zich op de membranen van alle kernhoudende cellen bevinden. HLA moet aan β2-m zijn gebonden, voordat het HLA op het membraan van cellen tot expressie komt. De functie van de β2-m/HLA-structuur is herkenning en binding van een vreemd antigeen aan het celoppervlak en het ter vernietiging presenteren aan cytotoxische lymfocyten. Door de binding met HLA verandert de tertiaire structuur van β2-m, zodat epitopen ontstaan die kunnen worden herkend met monoklonale antisera, waardoor verschil is aan te tonen tussen vrij en gebonden β2-m. Door het metabolisme en de degradatie van HLA dissocieert β2-m van de zware keten en komt in vrije vorm in de extracellulaire vloeistof. Tevens wordt β2-m in zijn vrije vorm door destructie van cellen uitgescheiden. Het in serum voorkomende β2-m is voor 98% vrij β2-m. De dagelijkse productie bij volwassenen is 150-200 mg per dag. 95% van het vrije β2-m wordt door het glomerulaire membraan van de nier uitgescheiden en voor 99% door de epitheelcellen van de proximale tubulus geresorbeerd en door de lysosomen tot aminozuren afgebroken. Bij een normale glomerulaire filtratiesnelheid is de plasmahalfwaardetijd circa 1 uur. Serum:
- Het serum-β2-m is een betrouwbare maat voor de GFR, omdat de productie van β2-m constant is, dit in tegenstelling tot creatinine. Speciaal bij licht verminderde nierfunctie, waarbij het serumcreatinine nog normaal is, blijkt serum-β2-m een gevoelige maat voor de GFR te zijn, echter minder specifiek dan creatinine. De eerste tekenen van afstoting van een getransplanteerde nier zijn reeds twee maal 24 uur eerder aan een verhoging van β2-m te zien dan aan een toename van serumcreatinine. Bij afstoting treedt een stijging op naar ongeveer 30 mg/l. Dialysepatiënten hebben sterk verhoogde serumwaarden (30-50 mg/l); het vóórkomen van β2-m-amyloïdose bij patiënten die langdurig hemodialyse ondergaan, vindt zijn oorsprong in deze hoge concentratie. Zeven dagen na een geslaagde niertransplantatie zijn de β2-m-waarden genormaliseerd.
- Verhoging van β2-m treft men aan bij chronische lymfatische leukemie (CLL), non-Hodgkin-lymfoom, de ziekte van Hodgkin en multipele myeloom. De β2-m-concentratie is evenredig met de tumormassa. Na behandeling met oncolytica neemt de concentratie bij succes van de therapie af. β2-m heeft prognostische waarde bij het multipele myeloom (mits het serumcreatinine normaal is) en zou beter de ziekte kunnen stageren dan de methode van Salmon en Durie. Bij myeloompatiënten treedt vaak nierfunctieverlies op. In dit geval kan β2-m niet worden gebruikt als maat voor de tumormassa.
Urine Verhoogde concentratie van β2-m in urine wordt gevonden bij toxische werking van zware metalen zoals lood en cadmium, bij cytotoxische medicatie met cisplatine, bij gebruik van aminoglycosiden of antibiotica, bij de ziekte van Wilson, bij renale tubulaire acidose, syndroom van Fanconi, pyelonefritis, hypercalciëmie en bij hypokaliëmie. Ischemie kan ook tot verminderd functioneren van de proximale tubulus leiden. Een vermindering in tubuluscapaciteit van 1% kan reeds leiden tot een tienvoudige toename in de β2-m-concentratie in urine. Liquor Indien de β2-m-concentratie in liquor hoger is dan de serumconcentratie, kan dit met redelijke zekerheid de aanwezigheid van CZS-metastasen van een acute leukemie of een lymfoom bevestigen. De β2-m concentratie in liquor kan ook worden gebruikt voor het vervolgen van therapie.
Vergelijking andere methodes: In de urine kan te weinig β2-m worden gevonden (zie Beperkingen). Retinolbindend eiwit is pas beneden pH 4,5 instabiel en leent zich derhalve beter om het functioneren van de proximale tubulus te beoordelen.
Referentiewaarden: serum: volwassenen 0,6-2,2 mg/l boven 60 jaar < 3,0 mg/l kinderen 0,1-1,9 mg/l urine: tot 0,4 mg/l liquor: tot 2,2 mg/l
Tarief (excl. ordertarief): �?� 8,31
Literatuur: Achtergrondinformatie
- Bethea M, Forman DT. �?2-microglobulin: its significance and clinical usefulness. Ann Clin Lab Sci 1990; 20: 163-8
.
- Hoekman K, Nieuwkoop JA van, Willemze R. The significance of �?2-microglobulin in clinical medicine. Neth J Med 1985; 28: 551-7
.
|
|