| |
Doel: Onderzoek naar ijzergebrek of ijzeroverlading.
Vereiste klinische informatie: Standaardinformatie bij aanvraag laboratoriumonderzoek (o.a. identificatie, leeftijd, geslacht).
Beschrijving methodes: IJzer in serum wordt bepaald met een kleurreactie. De totale ijzerbindingscapaciteit in serum is equivalent aan het transferrinegehalte, dat immunochemisch wordt bepaald. Hieruit volgt mathematisch het ijzerverzadigingspercentage van transferrine. In het verleden werden wel technieken gebruikt om de ijzeropname van het transferrine in serum van de patiënt te meten (�??latente ijzerbindingscapaciteit, LIJBC�??), maar deze zijn in onbruik geraakt. Belasting voor de patiënt Venapunctie. Voorbereiding patiënt De ijzerwaarden in serum zijn 's morgens gemiddeld 30% hoger dan 's middags. Hoewel de helft van de patiënten dit dagritme niet vertoont,1 lijkt het vooralsnog voor een goede interpretatie nodig om de bloedafname 's morgens nuchter uit te laten voeren. Materiaalafname/Fixatie Afname van bloed middels venapunctie; scheiding van serum of plasma middels centrifugeren. Indien bepaling dezelfde dag plaatsvindt bewaren bij kamertemparatuur. Vindt bepaling niet dezelfde dag plaats dan dient het monster gekoeld te worden bewaard. Stoorfactoren Zeer hoge ferritinewaarden kunnen verhogingen van het serumijzergehalte te zien geven.
Mogelijke toepassingen:
- bevestigen en uitsluiten van ijzertekort en ijzeroverlading
Interpretatie: Zie ook Ferritine - Interpretatie. IJzergebrek (prelatent, latent of manifest) kan het gevolg zijn van een voedingsdeficit bij parenterale voeding, bij alcoholici of bij vegetariërs, een toegenomen behoefte aan Fe door verlies bij zwangerschap, lactatie of door menstruatiebloed, bij storingen in de resorptie van Fe door ontbreken van zuur maagmilieu (maagresectie) of absorberend oppervlak (coeliakie, darmresectie) of door eiwitgebrek (transferrineverlies bij nefrotisch syndroom, enteropathie). Als reactie op het lage serum-Fe is meestal (behalve bij eiwitgebrek) transferrine (TIJBC) verhoogd en de verzadiging verlaagd. Bij chronische infecties of maligniteiten vindt men anemie met een laag serum-Fe en een lage TIJBC, terwijl de opgeslagen reserve, zoals blijkt uit de ferritinebepaling, voldoende groot of zelfs hoog is. Bij de pathogenese van deze vorm van anemie speelt een (re)utilisatie stoornis van ijzer uit het RES een rol. Er is dan een ijzerstapeling in de macrofagen van het RES als ferritine of hemosiderine; in reactie op de volle depots wordt transferrine niet (extra) gesynthetiseerd en is de verzadiging verminderd. IJzerstapeling in de weefsels komt vooral voor als primaire hemochromatose, als gevolg van verhoogde ijzerabsorptie, en als secundaire hemochromatose, als gevolg van intra- of extramedullaire hemolyse of herhaalde erytrocyten transfusies en niet geïndiceerde ijzertherapie.2 Het serum-Fe en de ijzersaturatie is hoog, transferrine zelfs normaal of verlaagd. Bij virale hepatitis is sprake van vrijkomen van in de lever gestapeld ijzer door levercelverval. Men vindt een hoog serum-Fe, een toegenomen transferrinegehalte en een hoge saturatie. In tabel 1 is een overzicht gegeven van de beoordeling van de ijzerstatus bij verschillende aandoeningen. Behalve bij zeer lage serum ijzerwaarden (ijzertekort) of bij zeer hoge waarden zoals bij ijzerintoxicaties, is voor een goede beoordeling van de ijzerstatus een TIJBC-bepaling noodzakelijk. Patiënten zonder het koperhoudend eiwit ceruloplasmine vertonen ook afwijkingen in het ijzermetabolisme.3
Tabel 1: Beoordeling van de ijzerstatus bij verschillende aandoeningen
|
ijzer
|
TIJBC
|
verzadiging
|
ferritine
|
ongecompliceerde ijzerdeficiëntie
|
�??
|
�??
|
�??
|
�??
|
anemie bij chronische ziekten
|
�??
|
�??-N
|
�??-N
|
N-�??
|
eiwitgebrek
|
�??-N
|
�??
|
N
|
n.v.t.
|
sideroblastaire anemie
|
�??
|
�??-N
|
�??
|
�??
|
hemolytische anemie
|
�??
|
�??-N
|
�??
|
�??
|
hemochromatose
|
�??
|
�??-N
|
�??
|
�??
|
dialysepatiënten
|
�??
|
N
|
�??
|
�??-N-�??
|
virale hepatitis
|
�??
|
|
�??-N
|
�??
|
levercirrose
|
�??
|
�??
|
N
|
�??
|
thalassemie met ijzeroverlading
|
�??
|
N
|
�??
|
N-�??
|
thalassemie met ijzerdepletie
|
�??
|
N
|
�??
|
�??
|
N normaal
|
�?? verhoogd
|
�?? verlaagd
|
Referentiewaarden:
Fe
|
mannen
|
14-35 μmol/l
|
|
vrouwen
|
10-25 μmol/l
|
|
neonaten
|
17-40 μmol/l
|
TIJBC
|
volwassenen
|
27-54 μmol/l
|
transferrine
|
volwassenen
|
2,0-4,1 g/l
|
|
neonaten
|
1,3-2,7 g/l
|
transferrine
|
(g/l) x 25,2 = TIJBC3
|
Tarief (excl. ordertarief): �?� 5,55
Literatuur: Referenties
- Dale JC, Burritt MF, Zinsmeister AR. Diurnal variation of serum iron, iron-binding capacity, transferrin saturation, and ferritin levels. Am J Clin Pathol 2002; 117: 802-8
.
- Swinkels DW, Marx JJM. Diagnostiek en behandeling van primaire hemochromatose. Ned Tijdschr Geneesk 1999; 143: 1404-8
.
- Morita H, Ikeda S, Yamamoto K, et al. Hereditary ceruloplasmin deficiency with hemosiderosis: A clinicopathological study of a japanese family. Ann Neurol 1995; 37: 761-7
.
Achtergrondinformatie
- Eijk HG van, Heul C van der. IJzerstofwisseling. Ned Tijdschr Klin Chem 1993; 18: 3-17
.
- Lieu PT, Heiskala M, Peterson PA, et al. The roles of iron in health and disease. Mol Aspects Med 2001; 22: 1-87
.
- Rijn van HJM, Winckers EKA, Eijk HG van, et al. IJzergebrek, een eenvoudige diagnose. Ned Tijdschr Geneeskd 1993; 137: 490-5
.
- Worwood M. The laboratory assessment of iron status-an update. Clin Chim Acta 1997; 259: 3-23
.
|
|