| |
Doel: Het bepalen van de concentratie van leukocyten en erytrocyten in liquor en het differentiëren van de leukocyten.
Vereiste klinische informatie: Standaardinformatie bij aanvraag laboratoriumonderzoek (o.a. identificatie, leeftijd, geslacht). In geval van vermoeden op tumor, deze vraag specifiek vermelden.
Beschrijving methodes: Nog steeds gebeurt het tellen van cellen in liquor microscopisch met behulp van een telkamer volgens Fuchs-Rosenthal. Het is te verwachten dat geautomatiseerde tellingen binnenkort algemener toegepast zullen worden nu de moderne celtellers steeds gevoeliger en specifieker kunnen meten. Voor het beoordelen van de kernhoudende cellen worden deze eerst geconcentreerd met behulp van een cytocentrifuge of een sedimentatiekamer. Het aldus verkregen preparaat wordt gekleurd volgens May-Grünwald-Giemsa en microscopisch beoordeeld. Belasting voor de patiënt Lumbaalpunctie. Voorbereiding patiënt Locale anesthesie. Materiaalafname/Fixatie Afname van liquor middels lumbaalpunctie in kunststof of gesiliconeerde glazen buis zonder anticoagulans. Het is raadzaam, eerst enkele milliliters te laten aflopen omdat hierin door de punctie vaak bloed aanwezig is. Bij de vraagstelling tumorcellen en voor immunologische typering van de cellen, bijvoorbeeld bij patiënten met leukemie, wordt aangeraden de liquor bovendien op te vangen in een speciaal medium, waarin de cellen langer intact blijven. Stoorfactoren Liquorcellen verdwijnen zeer snel na afname uit het monster. De monocyten, granulocyten en erytrocyten kunnen morfologische veranderingen vertonen; snelle analyse van liquorcellen is dus geboden, tenzij speciale voorzorgen worden genomen (zie Materiaalafname/Fixatie).
Mogelijke toepassingen:
- virale of bacteriële encefalitis of meningitis
- hersenbloeding
- tumordiagnostiek
- parasitaire infecties in het CZS
Interpretatie: Lymfocyten en monocyten (mononucleaire cellen) in liquor zijn afkomstig uit het bloed. Onder pathologische omstandigheden kunnen lymfocyten en monocyten, aanwezig in bindweefsel van de plexus choroideus en de leptomeningen, naar de liquor migreren. Polynucleaire cellen, neutrofiele granulocyten, zijn alleen onder pathologische omstandigheden in liquor te zien en zijn eveneens afkomstig uit het bloed. Verhoogde concentratie erytrocyten Vrijwel altijd is een traumatische punctie en hierdoor bijmenging van bloed tijdens de afname de oorzaak van erytrocyten in de liquor. Minder vaak zijn erytrocyten in de liquor een uiting van een intracerebrale bloeding. De verhouding tussen erytrocyten en leukocyten in de liquor kan een indicatie geven of een verhoogde leukocytenconcentratie uit bloed afkomstig is dan wel een echte weerspiegeling van verhoogde leukocyten in de liquor vormt. Verhoogde leukocyten concentratie Pleiocytose, een verhoogd aantal leukocyten in liquor, is een teken van verstoring van de normale bloedhersenbarrière of van locale stimulatie van het immuunsysteem zoals bij infecties. In geval van pleiocytose is het geïndiceerd, een differentiële telling van de leukocyten te verrichten. Bij een normale leukocytenconcentratie is een differentiële telling overbodig, tenzij een beoordeling op tumorcellen gevraagd wordt. Lymfocyten: Onder normale omstandigheden komt in liquor slechts een laag percentage lymfocyten voor. Een verhoogde concentratie duidt op een acute of chronische virale infectie zoals bijvoorbeeld HIV, cytomegalie of multiple sclerose, op een neoplasma of op een aspecifieke reactie. Plasmacellen worden zeer zelden in liquor gezien; soms worden ze bij MS aangetroffen. Monocyten, macrofagen: Monocyten vormen het grootste deel van de leukocyten in normale liquor. Toename van de monocyten wordt gezien bij ontstekingen, ischemie, neoplasmata, trauma en bloedingen. Na meningeale prikkeling zoals door myelografie kunnen geactiveerde monocyten gevonden worden. Macrofagen zijn geactiveerde monocyten met gefagocyteerd materiaal. Men onderscheidt lipofagen (weefselnecrose, infarcering), erytrofagen (met aanwezigheid van oxyhemoglobine duidend op een recente bloeding) en siderofagen (hemosiderineopslag; met bilirubinetoename in de liquor wijzend op een oude bloeding). Granulocyten: Normaliter komen in liquor geen neutrofiele granulocyten voor; een acute bacteriële infectie van de hersenen en/of de meningen kan in enkele uren een zeer aanzienlijke pleiocytose veroorzaken. Hetzelfde wordt gezien in liquor bij een virale infectie in het beginstadium. Een minder sterke pleiocytose wordt gezien bij meningeale prikkeling, traumata, infarcten en bloedingen. Bij subchronische ontstekingen wordt een mengvorm van mononucleaire- en polymorfonucleaire cellen gezien. Eosinofiele granulocyten zijn normaliter afwezig. Bij virale infecties is een lichte toename te constateren; een forse toename wordt vooral bij parasitaire infecties aangetroffen. Tumorcellen: Liquordiagnostiek bij primaire hersentumoren of metastasen van tumoren elders vereist bijzondere kennis van morfologie en pathologie. Onderzoek bij patiënten met hersentumoren of metastasen is slechts matig sensitief voor maligne cellen. Bij acute lymfatische leukemie heeft de aanwezigheid van leukemische cellen in de liquor een belangrijk prognostische waarde.
Valkuilen: Bijmenging van bloed tijdens de afname van liquor kan tot foutieve conclusies leiden, zeker in geval van leukemie met perifere leukocytose. Voor minder ervaren beoordelaars is het soms lastig, normale bekledingscellen van de liquor-ruimten te onderscheiden van tumorcellen.
Referentiewaarden: Erytrocyten: 0/μl Leukocyten: < 5/μl (ook nog wel aangeduid als 15/3 μl)
Tarief (excl. ordertarief): �?� 0,55
Literatuur: Achtergrondinformatie
- Bots GThAM. Liquorcytologie. Analyse 1987; 42: 35-8
.
- Del Bigio MR. The diagnostic importance of eosinophil granulocytes in the CSF of children with ventricular-peritoneal shunt systems. Acta Neurol Scand 1998; 98: 216
.
- Negrini B, Kelleher KJ, Wald ER. Cerebrospinal fluid findings in aseptic versus bacterial meningitis. Pediatrics 2000; 105: 316-9
.
- Veerman AJP, Huismans DR, Zantwijk CH van, et al. Immunologische bepaling van oppervlakte-determinanten op cellen in de liquor cerebrospinalis van kinderen met acute lymfatische leukemie. Ned Tijdschr Geneeskd 1984; 128: 100-3
.
- Ziebig R, Lun A, Sinha P. Leukocyte counts in cerebrospinal fluid with the automated hematology analyzer CellDyn 3500 and the urine flow cytometer UF-100. Clin Chem 2000; 46: 242-7
.
|
|