Alloantistoffen tegen erytrocyten in bloed

Trefwoorden

antistofidentificatie, IEA, IAT

Klinisch doel

Allo-antistofonderzoek heeft als doel de identificatie van irregulaire erytrocytenantistoffen (IEA) naar aanleiding van een positieve antistofscreening.
Sommige IEA zijn klinisch relevant omdat zij een acute of uitgestelde hemolytische transfusiereactie kunnen veroorzaken bij toediening van antigeen-positieve erytrocyten.
Daarnaast kunnen bepaalde IEA leiden tot hemolytische ziekte van de foetus en pasgeborene (HZFP), variërend in ernst van milde anemie tot intra-uteriene sterfte.
Tijdige identificatie van IEA is daarom essentieel voor een veilig transfusiebeleid, met name bij patiënten met een transfusiehistorie of zwangerschap, en vormt tevens een integraal onderdeel van het confirmatieonderzoek binnen de prenatale screening.
Het onderzoek ondersteunt klinisch beleid door het bieden van gerichte transfusieadviezen en begeleiding tijdens de zwangerschap.

Analysemethode

Agglutinatietechniek

Profielinformatie

Er worden verschillende enzymtechnieken en methoden van de indirecte antiglobulinetest (IAT) toegepast, waarvan enkele een lab developed tests (LDT's) zijn, zoals IAT-PEG en IAT na DTT behandeling (o.a. bij patiënten onder anti-CD38 therapie).

Storende factoren:
- Anti-CD38 of anti-CD47 therapie
- IgM koude (auto) agglutininen
- IgG warmte auto antistoffen
- verstoord eiwitspectrum en cryoglobulinen

  • Insturen mogelijk

    Spoed : 7 dagen per week, 24 uur per dag

    Normaal : werkdagen 08.00 - 16.30 uur

    Rapportage

    Spoed : na uitvoer van de analyse

    Normaal : gemiddeld 3 werkdagen

    Doorlooptijd

    Spoed : afhankelijk van de immuunstatus van de patiënt

  • Formulier voor download op internet

    IHD/PSIE (externe aanvragers)

    Materiaalgroep

    bloed

    Benodigd materiaal

    1 in een EDTA buis 10 ml (K2E)


    Bewaaromstandigheden

    4°C. Geen scherpe temperatuurslimiet.

    Opmerkingen

    Middels een panel van testerytrocyten met bekende antigeensamenstelling wordt met behulp van de indirecte antiglobulinetest (IAT) onderzocht of irregulaire erytrocytenantistoffen (IEA) aanwezig zijn in het patiëntserum. Bij detectie wordt de specificiteit van de antistoffen bepaald en wordt beoordeeld of deze klinisch relevant zijn bij transfusie en/of zwangerschap.

    De aanwezigheid van klinisch significante IEA kan het transfusieproces aanzienlijk vertragen, doordat antigeen-negatieve compatibele eenheden moeten worden geselecteerd en gekruist. Afhankelijk van de specificiteit en mogelijke combinatie van antistoffen kan dit proces variëren van enkele uren tot meerdere werkdagen.

    Inlichtingen labotratorium: tel. (050-36)14051

    In de ANW-diensten is overleg mogelijk met een laboratoriumspecialist Bloedtransfusie via tel. 69255 of via de telefooncentrale (050-36)16161.

  • Afdeling

    Laboratoriumgeneeskunde

    Laboratorium

    Bloedtransfusie

    Laboratoriummanager

    Joke Coenrades-Golverdingen

    tel.: 14338

    [email protected]

    Klinisch Chemicus

    Consulten Laboratorium Bloedtransfusie

    Monsterreceptie

    Bloedtransfusie

    tel.: (050-36)14295

    Verzendadres

    UMCG Laboratorium Bloedtransfusie, huispostcode EA21, Postbus 30.001, 9700 RB Groningen

    Gekwalificeerd als IH-IVD

    Ja, voor verdere details klik hier

    Kwaliteitssysteem geïmplementeerd

    CH.BTG.02 (M005)
  • Aanmaakdatum

    19-08-2008 00:00:00

    Laatste wijzigingsdatum

    01-05-2025 07:51:49