Het onderzoek is verspreid over 2 dagen.
Voor het onderzoek controleren we de vloeistof. Als die niet goed genoeg is, kan het onderzoek niet doorgaan. We plannen dan een andere datum.
Dag 1: toedienen radioactieve vloeistof
U krijgt uitleg over het onderzoek. Het onderzoek begint met het drinken van een bekertje water met daarin een paar druppels Lugol. Dit is een jodiumoplossing die de schildklier beschermt tegen het radioactieve jodium. Daarna geven we u via een infuus in uw arm de radioactieve vloeistof. Meestal merken mensen daar niets van. We nemen ook een buisje bloed af.
Na het geven van de vloeistof, halen we het infuus weg. U mag dan naar huis. U krijgt een plastic pot (urinecontainer) mee waarin u 24 uur lang uw plas moet verzamelen. Hoe u dat doet staat in de beschrijving. De volgende dag levert u de container weer in tijdens uw afspraak.
Deze afspraak duurt ongeveer 45 minuten.
Dag 2: scans met de gammacamera
Op de tweede dag van het onderzoek levert u de urine in bij de laborant die u komt ophalen voor het onderzoek. Voor het onderzoek nemen we weer bloed bij u af. Omdat de blaas leeg moet zijn voor het onderzoek, gaat u eerst nog plassen.
Voor het onderzoek moeten metalen voorwerpen zoals riem, sierraden, bh en piercings uit of af. Voor het maken van de beelden gaat u op een onderzoeksbed liggen. Boven en onder het bed zitten speciale camera's. Met deze gammacamera's maken we de opnames. Het is belangrijk dat u stil blijft liggen. We maken 3 opnames achter elkaar:
- van uw hoofd tot halverwege uw bovenbenen. U schuift langzaam onder de camera door. Dit duurt ongeveer 20 minuten.
- van uw buik en rug (romp). Dit duurt ongeveer 10 minuten.
- van uw hele lichaam. De camera draait om u heen. We maken ook een CT-scan. Dit duurt ongeveer 40 minuten.
Het maken van de beelden en de voorbereiding duurt in totaal ongeveer 1,5 uur.