Onderzoek perifeer zenuwletsel aan arm en been

Bij perifeer zenuwletsel zijn 1 of meer zenuwen in arm of been beschadigd. Bijvoorbeeld door een ongeluk, operatie, kneuzing of snijwond. Soms ontstaat het zenuwletsel vanzelf. We onderzoeken wat er aan de hand is en wat voor jou de beste behandeling is.

Hoe ontstaat perifeer zenuwletsel?

Zenuwen zijn de 'bedrading' tussen de hersenen en de spieren en huid in het lichaam. Zenuwen die naar de arm of het been lopen, komen in de nek (voor de arm) of de onderrug (voor het been) uit het ruggenmerg. Daar vormen ze eerst een zenuwbundel voordat ze perifere zenuwen worden. Deze zenuwbundel heet de plexus.

Vanuit de plexus vormen de zenuwen naar de arm-hand of het been. Dit heet 'perifere zenuwen'. Deze zenuwen zorgen ervoor dat je kunt bewegen en pijn, temperatuur, aanraking kunt voelen. Deze zenuwen kunnen beschadigen. De signalen van de hersenen naar armen, benen, hand, vingers of pols worden dan niet meer goed doorgestuurd.

Klachten bij perifeer zenuwletsel

Als signalen niet meer goed doorkomen, kan je klachten krijgen. De klachten die kunnen voorkomen bij zenuwletsel in arm of been zijn:

  • tintelingen of een doof gevoel in
  • pijn of een brandend gevoel
  • minder kracht of moeite met bewegen en gebruiken van arm of been

Hoeveel last iemand van klachten heeft, hangt af van welke zenuw beschadigd is en hoe erg.

Verwijzing nodig

Jouw huisarts of medisch specialist kan je voor een onderzoek naar de klachten verwijzen naar de werkgroep Perifere Zenuwletsels (WPZ). De verwijzing verloopt via het Centrum voor Revalidatie. Voor perifeer zenuwletsel aan hand en pols heb je een verwijzing nodig naar het Hand- en Polscentrum.

Het onderzoek stap voor stap

  1. Na de verwijzing krijg je een afspraakbrief en informatie van ons voor het spreekuur. Hierin staat hoe je je op het onderzoek voorbereidt. We sturen je van tevoren een vragenlijst. Die vul je thuis in en bespreken we tijdens de eerste afspraak. Je kunt de vragenlijsten ook in mijnUMCG vinden. 

  2. Het spreekuur is op 2 locaties. Je hebt eerst een afspraak bij Klinische neurofysiologie, polikliniek Neurologie. Daarna heb je een afspraak bij polikliniek Vorm en Bewegen, ook in het UMCG. In de afspraakbrief staat waar je moet zijn en hoe laat.

    Kun je niet komen? Bel ons dan zo snel mogelijk. Het telefoonnummer staat hieronder en in de brief.

  3. Je gaat eerst naar Klinische neurofysiologie. Tijdens de afspraak onderzoeken we je om te zien wat er mis is. Ook stellen we een aantal vragen. Je krijgt een paar onderzoeken:

    • een EMG (elektromyogram). Dit is een onderzoek naar de werking van spieren en zenuwen
    • soms een zenuwecho: dit is een onderzoek waarbij we met geluidsgolven (echo) een afbeelding maken van een zenuw. We kunnen dan zien of de zenuw beschadigd, bekneld of verdikt is.
    • een lichamelijk onderzoek: we kijken naar kracht en beweeglijkheid van arm of been, gevoel in de huid (aanraking, pijn), houding en manier van bewegen, lopen of staan en mogelijke standsafwijkingen. Bijvoorbeeld een arm die anders hangt.

    Soms zijn er meer onderzoeken nodig. Als dat zo is, krijg je een nieuwe afspraak.

    Daarna ga je naar polikliniek Vorm en Bewegen. Je hebt dan een afspraak met een revalidatiearts in opleiding, een plastisch chirurg en een revalidatiearts. We vragen naar je klachten en welke dat zijn (pijn, minder kracht of en ander gevoel). We bespreken ook:

    • hoe lang je die klachten hebt en hoe ze zijn ontstaan
    • wat je nog wel en niet kunt in het dagelijks leven, zoals wassen, aankleden, werk, hobby’s
    • en wat belangrijk is om weer te kunnen (je persoonlijke doelen)

    Je krijgt ook weer een lichamelijk onderzoek. De plastisch chirurg bekijkt vooral of een operatie een mogelijkheid is voor jouw klachten. De revalidatiearts geeft aan wat er mogelijk is zonder operatie, zoals een spalk of oefeningen.

    Het onderzoek op de afdeling Neurologie duurt ongeveer 45 minuten. Het onderzoek bij polikliniek Vorm en Bewegen duurt ongeveer 20 tot 30 minuten.

    Na het spreekuur overleggen de specialisten samen de resultaten van het onderzoek.

  4. Na de verschillende onderzoeken bespreek je met de artsen de resultaten van de onderzoeken en krijg je een advies voor behandeling. Soms is die behandeling in het UMCG, soms is het een advies voor behandeling in een ander ziekenhuis. Dat kan bijvoorbeeld therapie zijn, of een operatie.

    We sturen het resultaat van de onderzoeken na ongeveer 2 weken ook naar je verwijzer.

Samenwerken voor de beste zorg

Als je ziek bent, wil je de best mogelijke zorg krijgen. En het liefst bij je in de buurt. Ook als de zorg die je nodig hebt, ingewikkeld is. Daarom werken we als UMCG zoveel mogelijk samen met andere ziekenhuizen en zorgverleners zoals huisartsen, fysiotherapeuten en psychologen. Door steeds meer samen te doen, gaan we slimmer om met de zorg in de regio en krijg jij de zorg die je nodig hebt.

Heb je nog vragen?

Je kunt polikliniek Vorm en Beweging bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur. Je kunt ook een e-mail sturen.

Heeft deze informatie je geholpen?