Minischroeven

Een minischroef is een kleine schroef van ongeveer 10 mm. Het uiteinde steekt uit je mond en gebruiken we om de orthodontische draad of elastiekjes aan vast te maken die nodig zijn voor je behandeling.

Bij je beugelbehandeling krijg je op verzoek van de orthodontist 1 of meer minischroeven in je onder- en/of bovenkaak. Aan het uiteinde van de schroefjes maken we draad of elastiekjes vast. Hierdoor komt er kracht op je tanden en kiezen te staan en gaan deze goed staan.

  • Een minischroef is een kleine schroef van ongeveer 10 millimeter lang. Het uiteinde van de minischroef steekt uit, in de mond.

  • Aan het uiteinde maken we de orthodontische draad of elastiekjes vast.

De behandeling stap voor stap

  1. Je krijgt een afspraakbrief en informatie van ons. Daarin staat hoe je je op de behandeling voorbereidt. Je mag van tevoren gewoon eten. Je hoeft verder niet iets speciaals te doen of te laten.

    De beugel moet binnen 3 weken aan de minischroeven worden vastgemaakt. Maak daarom zo snel mogelijk een afspraak met je orthodontist.

  2. Je gaat voor deze behandeling naar de polikliniek Mond-, Kaak- en Aangezichtschirurgie.

  3. Je krijgt een plaatselijk verdoving op de plaats waar de schroef komt. Als de verdoving is ingewerkt draaien we 1 of meer schroefjes op de gewenste plaats(en) in je kaak. Het is meestal niet nodig om een gaatje(s) te boren en het is ook niet nodig om eerst het tandvlees te openen met een mesje.

    Het plaatsen van 1 of meer minischroeven is een eenvoudige ingreep en duurt ongeveer 5 minuten.

  4. De plaatselijke verdoving is na ongeveer 2 uur uitgewerkt. Je kunt dan pijn krijgen. Daarvoor kun je pijnstillers nemen. Je krijgt een recept en instructies mee.

    Je kunt het beste met de pijnstillers beginnen voordat de plaatselijke verdoving helemaal is uitgewerkt. In het ziekenhuis zit een apotheek, je kunt daar de pijnstillers meteen ophalen. Maar dat kan ook bij je eigen apotheek of drogist.

  5. Na het plaatsen van de minischroeven kun je weer naar huis.

  6. Als jouw beugelbehandeling klaar is, kunnen de minischroeven er weer uit. Meestal doet de orthodontist dit.

    Soms verwijderen we een minischroef tijdens een andere operatie. Bijvoorbeeld het verwijderen van een verstandskies of een chirurgische kaakcorrectie. Dat bespreken we van tevoren met je.

  • Bij elke behandeling kunnen er achteraf problemen zijn. Ook als de behandeling zelf goed is gegaan. Deze problemen noemen we complicaties. Wat voor kan komen:

    • nabloeding: de kans op een nabloeding is heel erg klein, omdat er bijna geen wond is. Het speeksel kan na de ingreep nog wel wat rood zijn.
    • zwelling: omdat we geen tandvlees los maken is de kans dat er zwelling optreedt heel erg klein. Door de schroeven zelf wordt het tandvlees meestal niet dik.

  • Bel ons als:

    • de plek van de schroeven heel erg gaat bloeden
    • je na 3 tot 5 dagen nog steeds pijn hebt

    Tussen 8.00 en 16.30 uur kun je bellen naar polikliniek Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie: (050) 361 25 61. Buiten deze tijden bel je naar nummer (050) 361 61 61 en vraag je naar de MKA-arts die dienst heeft.


    • na de operatie mag je je tanden weer poetsen met een zachte tandenborstel. Vergeet niet het deel van de minischroef dat in je mond uitsteekt ook te poetsen. Natuurlijk moet je daar de eerste dagen nog wat voorzichtig mee zijn
    • om je tanden en mond goed te reinigen spoel de eerste week 2 tot 3x per dag je mond met een mondspoelvloeistof (chloorhexidine). Je krijgt daarvoor een recept van ons
    • probeer niet met je tong met de schroef te gaan ‘spelen’. De wond geneest minder snel en de schroef kan losraken
    • eet de eerste dagen vooral zacht voedsel. Bijvoorbeeld zacht gekookte pasta met veel saus, stamppot met veel jus, gestoofde vis, pannenkoeken, zacht fruit, brood zonder korst en smeerbaar of zacht broodbeleg
    • de wond geneest betere en sneller als je de eerste dagen na de operatie niet rookt en geen alcohol drinkt

Bijwerkingen en risico's

Bij elke behandeling kunnen er achteraf problemen zijn. Ook als de behandeling zelf goed is gegaan. Deze problemen noemen we complicaties. Wat voor kan komen:

  • nabloeding: de kans op een nabloeding is heel erg klein, omdat er bijna geen wond is. Het speeksel kan na de ingreep nog wel wat rood zijn.
  • zwelling: omdat we geen tandvlees los maken is de kans dat er zwelling optreedt heel erg klein. Door de schroeven zelf wordt het tandvlees meestal niet dik.

Wanneer bellen?

Bel ons als:

  • de plek van de schroeven heel erg gaat bloeden
  • je na 3 tot 5 dagen nog steeds pijn hebt

Tussen 8.00 en 16.30 uur kun je bellen naar polikliniek Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie: (050) 361 25 61. Buiten deze tijden bel je naar nummer (050) 361 61 61 en vraag je naar de MKA-arts die dienst heeft.

Tips voor thuis

  • na de operatie mag je je tanden weer poetsen met een zachte tandenborstel. Vergeet niet het deel van de minischroef dat in je mond uitsteekt ook te poetsen. Natuurlijk moet je daar de eerste dagen nog wat voorzichtig mee zijn
  • om je tanden en mond goed te reinigen spoel de eerste week 2 tot 3x per dag je mond met een mondspoelvloeistof (chloorhexidine). Je krijgt daarvoor een recept van ons
  • probeer niet met je tong met de schroef te gaan ‘spelen’. De wond geneest minder snel en de schroef kan losraken
  • eet de eerste dagen vooral zacht voedsel. Bijvoorbeeld zacht gekookte pasta met veel saus, stamppot met veel jus, gestoofde vis, pannenkoeken, zacht fruit, brood zonder korst en smeerbaar of zacht broodbeleg
  • de wond geneest betere en sneller als je de eerste dagen na de operatie niet rookt en geen alcohol drinkt

Heb je nog vragen?

Je kunt de polikliniek Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur.