De beoordeling bestaat uit minstens 2 gesprekken met een psychiater. Als we alle informatie van uw verwijzer hebben en we daarover geen vragen hebben, zijn deze 2 gesprekken vaak voldoende.
Bij de beoordeling van uw verzoek letten we op 3 belangrijke punten:
- of u zelf goed kunt beslissen over euthanasie (wilsbekwaamheid)
- of er nog andere behandelingen mogelijk zijn die uw lijden kunnen verminderen en
- of de relatie tussen u en uw behandelaar geen invloed heeft op uw verzoek.
Als tijdens de gesprekken blijkt dat extra onderzoek nodig is, plannen we dit in overleg met u. Mogelijke extra onderzoeken kunnen zijn:
- een persoonlijkheidsonderzoek
- een onderzoek naar een mogelijke psychiatrische aandoening die nog niet is vastgesteld (zoals autisme) of
- een intelligentieonderzoek
- heel soms doen we ook lichamelijk onderzoek of een hersenscan
Voor de beoordeling kijken we naar uw diagnose en naar de behandelingen die u eerder heeft gehad. Dit kan oude herinneringen of trauma’s oproepen. Ook kunt u spanning voelen door de onzekerheid over het verloop van uw euthanasietraject. Als de spanning voor u te groot wordt of u suïcidale gedachten krijgt, is het belangrijk dat u contact opneemt met uw eigen behandelaar, dus uw verwijzer. Uw verwijzer blijft tijdens de hele beoordeling verantwoordelijk voor uw geestelijke gezondheid.
Na de gesprekken en mogeleijk onderzoeken maken we een conceptverslag. Dit verslag bespreken we in een multidisciplinair overleg. Hierbij zijn een andere psychiater, een klinisch psycholoog, een verpleegkundige en de geneesheer-directeur aanwezig. Uit zo'n bespreking komen soms extra vragen. Of er moet toch nog aanvullend onderzoek gedaan worden. Als dat zo is, sturen we hierover bericht. Als er geen nieuwe vragen zijn, sturen we u een afspraak voor een adviesgesprek waarin we de uitkomst uitleggen.