Anne, op dat moment 15 jaar oud, werd na het ongeluk met spoed geopereerd in het UMCG. ‘We dachten nog even dat ze het had gered, omdat ons werd verteld dat ze naar de kinder-IC werd gebracht’ vertelt Jeroen. ‘Maar in de familiekamer kregen we te horen dat ze het niet had gehaald. Ze lag nog aan de beademing, zodat we afscheid konden nemen. Toen stortte onze wereld in.’
Nog diezelfde dag bracht Jeroen, zelf ook orgaandonor, het onderwerp orgaandonatie ter sprake bij Anne's hulpverleners. ‘Anne had er ooit over gepraat. Ze vond: als ik er niets meer aan heb, kan iemand anders er misschien mee verder.’ Ze wilde sowieso altijd graag anderen helpen en stond voor iedereen klaar, vertelt Jeroen.
Zorg en respect
In het UMCG werd de familie stap voor stap meegenomen in de donatieprocedure en het proces van afscheid. ‘De donatiecoördinator legde alles rustig uit en we konden overal over meebeslissen. Over elk detail werd nagedacht,’ zegt Jeroen. ‘Anne en Martijn kregen ook allebei een fluistermuis, dat is een knuffel om tegen te praten. Het idee is dat als je tegen die knuffel praat dat het dan via de andere knuffel bij de overledene terechtkomt.’
'Het personeel ging voor haar in een erehaag staan op de gang. Dat voelde heel waardig.'
Erehaag
Anne’s hart, longen, lever, en nieren werden uiteindelijk gedoneerd aan vijf mensen en haar alvleesklier werd gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek. ‘Iedereen ging met zoveel respect met haar om. Toen ze naar de operatiekamer werd gebracht, ging het personeel in een erehaag voor haar staan in de gang. Dat voelde heel waardig.’
Na de donatie mochten Jeroen en Lilian en Martijn hun dochter en zus weer zien. ‘Ze zag er nog net zo mooi uit als voor de donatie, je kon op één grote pleister na niet zien dat ze geopereerd was', vertelt Jeroen. ‘Ik heb zelf geholpen haar aan te kleden. Dat ze met zoveel zorg werd behandeld, was een grote troost. Ook werd haar vingerafdruk nog afgenomen, zodat we die kunnen gebruiken voor een sieraad of een tattoo.’
Leven doorgeven
Zes weken later kwam de donatiecoördinator bij hen thuis langs. Vijf mensen hebben dankzij Anne een nieuw leven gekregen. ‘Dat is moeilijk te bevatten,’ zegt Jeroen. ‘Je weet niet wie ze zijn, maar het idee dat er nu mensen verder leven dankzij haar, geeft kracht. Dat helpt bij het rouwproces.’ Maar dat je niet weet hoe het met de ontvangers gaat maakt het ook ingewikkeld, vindt Lilian. ‘Je hoort alleen of de operatie is geslaagd. Het zou het rouwproces makkelijker maken als er later ook nog een mogelijkheid is om te horen hoe het met de ontvangers gaat.’
Weet het van elkaar
Jeroen vertelt zijn verhaal om te laten zien hoe belangrijk het is om over orgaandonatie te praten. ‘Wij hadden het er over gehad. De keuze was nu makkelijker omdat we wisten wat Anne wilde. Daardoor konden we de keuze maken vanuit haar wens.’
‘Nee is ook een antwoord,’ zegt hij. ‘Maar héb het erover. Want als het moment ooit komt, maakt dat ene gesprek alles anders.’
Week van het Donorgesprek
Van 13 tot en met 19 oktober organiseert de Nederlandse Transplantatie Stichting de Week van het Donorgesprek. Sinds de invoering van de nieuwe donorwet in 2020 staat iedereen vanaf 18 jaar geregistreerd in het Donorregister. Toch blijft het belangrijk om met elkaar te praten over wat je wilt zodat familieleden weten wat je keuze is. ‘Als je je keuze over orgaandonatie niet bespreekt of vastlegt, kan dat voor verwarring zorgen bij je nabestaanden. Zij weten dan niet of je het echt eens was met de standaardregistratie “geen bezwaar”, of dat je er misschien anders over dacht', vertelt Lilian. ‘Door wél bewust te registreren en er met elkaar over te praten, weten je dierbaren zeker wat jouw wens is en hoeven zij daar op een moeilijk moment geen beslissing over te nemen.’
Meer informatie en tips voor het voeren van zo’n gesprek vind je op www.orgaandonatie.nl