• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Tuberculose

Print 

​​Tuberculose (tbc) is een infectieziekte die wordt veroorzaakt door een (myco)bacterie, Mycobacterium tuberculosis. De meest voorkomende vorm van tuberculose is longtuberculose. Tuberculose kan ook op andere plaatsen in het lichaam voorkomen, bijvoorbeeld in de lymfeklieren, wervels of in de hersenen. Tuberculose tegelijk op meerdere plaatsen in het lichaam is ook mogelijk. Mensen met een open (besmettelijke) longtuberculose kunnen andere mensen besmetten. De meeste andere vormen van tuberculose zijn niet besmettelijk.

Behandeling

​De behandeling van tuberculose duurt tenminste 6 maanden en bestaat uit een combinatie van meerdere soorten medicijnen. Het totaal aantal medicijnen en de totale behandelduur hangt af van meerdere factoren zoals locatie van de tuberculose in het lichaam, gevoeligheid van de tuberculosebacil en of er bijwerkingen van de medicatie optreden. Meestal worden medicijnen in tabletvorm voorgeschreven, een enkele keer is infuustherapie nodig. In sommige gevallen is een operatie nodig, dit kan het geval zijn bij werveltuberculose.

Besmettelijkheid

​Een patiënt met open longtuberculose kan bij hoesten, niezen of spreken tuberculosebacillen in de lucht brengen. Iemand kan besmet raken door het inademen van deze bacillen. Daarom is het belangrijk dat goede beschermende maatregelen bij het hoesten worden genomen om besmettingen van anderen te voorkomen. Als de bacillen de longen binnendringen en zich nestelen in de longblaasjes is iemand besmet en daarmee drager van de tuberculosebacil. Ongeveer 5 tot 15 procent van deze personen wordt ziek en heeft dan actieve tuberculose. Om achter een eventuele besmetting te komen, kan men zich hiervoor laten testen via de GGD.

Het aanraken of zoenen van een tuberculosepatiënt kan niet zorgen voor besmetting met tuberculose. Ook de voorwerpen die de patiënt heeft gebruikt, zoals bestek, boeken, kleding zijn niet besmettelijk

Hoesthygiëne

Er zijn een aantal maatregelen waardoor besmetting via hoesten wordt voorkomen:

  • Het hoofd wegdraaien bij hoesten of niezen.
  • Bij hoesten beide handen voor de mond, liefst met gebruik van een tissue, of in de elleboogplooi.
  • Handen desinfecteren na hoesten of niezen.