Leefstijlcoaches helpen je als je geen Tinus bent, maar wel zo gezond wilt leven

Tinus de Vries (74) schaatst en fietst heel wat af tot hij opeens ernstige nierproblemen krijgt. Na een niertransplantatie krabbelt hij gelukkig snel weer op doordat hij gezond leeft. Maar niet iedereen is zo sportief als Tinus en lukt het om gezond te leven. Voor transplantatiepatiënten heeft het UMCG daarom leefstijlcoaches.

Schaatsen op Weissensee, fietsen in de bergen, trainen in de sportschool. Tinus sport graag, maar steeds vaker blijven de racefiets en de tas met sportkleren staan. ‘Telkens was er wel een reden waarom mijn vader niet meeging. Hij had geen puf en dacht dat het bijvoorbeeld kwam doordat zijn broer net was overleden’, vertelt zoon Michael. ‘Maar hij moest ook vaak ‘s nachts plassen en toen hij vlak na Kerst viel en ribben kneusde, bleef hij maar in bed liggen. Zo moe was hij. Dit klopt niet, zeiden mijn moeder en ik. We vonden dat hij naar de huisarts moest.’

Heel ernstig

Op 2 januari gaat Tinus naar de huisarts. Die doet een lichamelijk onderzoek en neemt bloed af. De volgende dag belt hij: Tinus moet meteen zijn tas inpakken en naar het ziekenhuis in Hardenberg. ‘Daar kreeg ik vocht en een bloedtransfusie. Al snel voelde ik me een stuk beter’, vertelt Tinus. Na 6 dagen mag hij weer naar huis, maar eerst heeft hij een gesprek met de arts. ‘Mijn vrouw en kinderen waren er bij toen ik te horen kreeg dat ik heel ernstig ziek was. Mijn nieren waren kapot, ze werkten nog maar voor 6 à 7 procent. Het sloeg in als een bom.’

Radicaal gestopt

Tinus krijgt nierdialyse en medicijnen, en het gaat best goed met hem. ‘Ik bleef in beweging om mijn conditie op peil te houden en hield me aan mijn dieet. Ik mag bijvoorbeeld geen melk, koffie of alcohol meer drinken en ben daar radicaal mee gestopt. Want als dat beter voor me is, dan doe ik dat. En mijn vrouw is er ook streng mee. Die is zelf ook nierpatiënt.’

Daar zag ik tegenop

Al voelt Tinus zich goed, zijn toestand gaat achteruit en hij heeft een niertransplantatie nodig. ‘Daar zag ik tegenop. Want als je erover gaat lezen, dan kom je ook negatieve verhalen tegen. Maar de arts zei: hoe langer je wacht, hoe ouder je bent en hoe moeilijker de transplantatie voor je lichaam is.’ Via familie en vrienden probeert Tinus een donornier te vinden. Dat lukt niet dus wordt hij op de wachtlijst gezet.

Snel naar Groningen

‘In de nacht van 18 op 19 oktober ging de telefoon om 03.30 uur. Dan weet je: er is iets met familie of er is een nier’, vertelt Tinus. ‘Het was het nierteam uit Hardenberg. Ik moest snel naar Groningen want het UMCG had een nier voor mij. Om 05.30 uur was ik er, om 7.15 uur ben ik in slaap gebracht en om 11.30 uur werd ik weer wakker. Met 2 warme handen en 2 warme voeten! Dat had ik in tijden niet meer gehad.’

Mezelf tegengekomen

Al snel kan Tinus het ziekenhuis weer verlaten en thuis pakt hij geleidelijk de draad weer op. ‘In het ziekenhuis was ik flink aan de slag gegaan met de oefeningen die ik van de fysiotherapeut had gekregen. Toen ben ik mezelf wel tegengekomen. Ik moest dus niet te hard van stapel lopen. Voelde mijn lichaam vermoeid, dan deed ik een stapje terug. Nu zit ik weer 2 keer per week op de racefiets en ik wandel veel. Zo blijf ik in conditie en het is voor mij een goede uitlaadklep.’

Dankbaar

Tinus is dankbaar dat het nu weer zo goed met hem gaat. ‘Ik ben heel goed begeleid door het ziekenhuis en het dialysecentrum in Hardenberg en het UMCG. Ik was al donateur van de Nierstichting maar vond dat niet genoeg. Ik wilde meer doen en ben in juli de Nierdaagse gaan lopen om geld in te zamelen. In 4 weken tijd heb ik 200 km gelopen. Op 30 juli heb ik €3500,- geschonken aan de Nierstichting.’


 
Hulp van leefstijlcoaches

Niet iedereen lukt het om zo gezond te leven als Tinus. Voor transplantatiepatiënten die daar hulp bij willen, heeft het UMCG leefstijlcoaches. Anna Hummel is daar een van. ‘Met een gezonde leefstijl kun je gezondheidsproblemen zoals hart- en vaatziekten helpen voorkomen. Dat geldt voor iedereen, maar voor transplantatiepatiënten nog meer want die zijn kwetsbaarder. Ze hebben bijvoorbeeld vaker een hoge bloeddruk of overgewicht door de medicijnen die ze moeten slikken’, legt Anna uit. ’Ook kan een gezonde leefstijl er voor zorgen dat je minder last hebt van je ziekte of je klachten erger worden.’

Waar wil je mee aan de slag?

De behandelaar kan de patiënt doorverwijzen. De leefstijlcoach doet dan eerst een intake. ‘Met de patiënt neem ik een vragenlijst door. Onder meer over voeding, stress, beweging, roken en slaap. Op het computerscherm laat ik de scores zien’, vertelt Anna. ‘Ik vraag dan wat de patiënt opvalt en waar hij of zij mee aan de slag wil gaan. Want ik kan bijvoorbeeld wel zeggen dat je moet stoppen met roken, maar als je dat niet wil heeft het weinig zin. Ik toets wel altijd of iemand genoeg kennis heeft. Want weet je waarom het belangrijk is om te stoppen met roken of weet je wat stress met je lichaam doet, dan ben je meer gemotiveerd daar iets aan te doen. Ook helpt het als je een duidelijk doel hebt. Bijvoorbeeld je conditie verbeteren zodat je kunt voetballen met je kleinkinderen of fietsen met je man.’

Een gewoonte

Samen met de patiënt stelt Anna een plan op. Ze kijkt bijvoorbeeld wat een geschikte manier is om meer te gaan bewegen als je je conditie wilt verbeteren. ‘Is de sportschool niks voor jou, dan kun je thuis oefeningen doen of gaan wandelen of fietsen. Om het vol te houden moet je iets kiezen dat bij je past en het koppelen aan een gewoonte. Doe de oefeningen bijvoorbeeld altijd na het ontbijt. Ik laat de patiënt zelf met ideeën komen, dat werkt het best.’

Valkuilen en kracht

Is er meer hulp nodig, dan verwijzen de leefstijlcoaches je door. Bijvoorbeeld naar een diëtist, maatschappelijk werker of iemand die gespecialiseerd is in slaapproblemen. ‘Maar wij blijven je begeleiden’, zegt Anna. ‘Stel dat je het moeilijk vindt om je aan je dieet te houden, dan kijken we hoe dat komt en wat je er aan kun doen. Wat zijn je valkuilen en wat is je kracht? Lukt het om een stapje te nemen, dan motiveert dat vaak enorm en ga je daarna met stappen vooruit. Ik vind het altijd mooi om te zien hoe patiënten lichamelijk en geestelijk opknappen als het ze lukt gezonder te leven.’

Het UMCG vindt aandacht voor leefstijl belangrijk. Op verschillende manieren kijken we hoe we patiënten kunnen helpen gezonder te leven om de kans op ziektes te verkleinen, sneller te herstellen, en verergering van klachten te voorkomen. Lees meer over het Groningen Leefstijl Interventie Model (GLIM)