‘Diverser worden geeft wrijving’

‘In Groningen hadden we een zeer witte groep studenten en artsen, maar je ziet dat we steeds gekleurder worden. Daarmee maken we het ziekenhuis dus ook veelkleuriger’, zegt Götz Wietasch, anesthesioloog en hoogleraar Innovatie in de opleiding.

‘In onze academische basisopleidingen werken we al langer aan diversiteit. En diverser worden geeft wrijving. We hebben al jaren Engelstalige bachelorprogramma’s, maar de kennis van culturen en de kwaliteit van de taal van de docenten was nog wisselend. Daarom heeft de faculteit Geneeskunde een training Cultuur en Taal voor docenten ontwikkeld.’ 

Wederzijds

 ‘Als jij bijvoorbeeld een Japanse student in de kliniek hebt die alleen maar observeert, veel opschrijft en niets vraagt, dan concludeer je misschien onterecht: Hij is niet echt geïnteresseerd. Om het studieprogramma goed te kunnen volgen, moet de student proberen zich ook de cultuur waarin hij leeft en werkt eigen te maken. Maar het moet wederzijds zijn, ook docenten moeten de culturen van studenten en de verschillen leren begrijpen en hierop kunnen inspelen.’

Inclusief kijken

 ‘Hoe diverser onze studenten zijn, hoe meer onze cultuur gaat veranderen. Dat geeft soms conflicten en onbegrip en tegelijkertijd zijn dat onze leermomenten. Het vereist wel dat we zelf ook willen reflecteren. Ben je in staat om inclusief te kijken naar de ander of denk je: ‘We zijn hier in het UMCG voor topklinische zorg, het is helder wat van je verwacht wordt en hoe we werken, dus pas je dan maar aan?’

Wennen

Götz vindt het goed te merken dat de Rijksuniversiteit Groningen en het UMCG veel aandacht aan internationalisering besteden. ‘Inmiddels leren aardig wat niet-Nederlandse geneeskundestudenten Nederlands. Zij gaan dan ook de master doen en dus coschappen lopen. Het zou eigenlijk ook niet uit moeten maken of je in Nederland bent geboren bent of ergens anders. Er komen nu veel meer culturen samen en dat is voor het ziekenhuis even wennen en tegelijkertijd een kans.’

Duitser in Nederlandse cultuur

 ‘Als je geen verschillen ziet, denk ik dat je misschien ook niet bereid bent om ze te zien. We moeten onze eigen normen en waarden leren kennen en bevragen. Ik merk als Duitser verschillen met de Nederlandse cultuur. In Duitsland is het heel helder wie de baas is, die zegt hoe hij zijn mensen nodig heeft maar die zich ook terdege bewust is dat dit wederzijds is. In Nederland is het minder expliciet wie de baas is en dat geeft minder houvast om vrijuit te spreken en je kop boven het maaiveld uit te steken. Want er is wel een baas. En die kan zeggen: ‘Ik zie het zo en jij bent niet mijn gelijke.’ Terwijl de vraag moet zijn: ‘Waarom zie jij het zo?’ 

Grenzen opgetrokken

 ‘Er zijn leidinggevenden nodig die kunnen omdenken en sommigen zijn daar al goed mee bezig. Bij een aantal afdelingen zie je dat de grenzen al opgetrokken zijn. We zijn bezig in het UMCG een diverse en inclusieve cultuur verder te krijgen. Dat heeft tijd en voorbeelden nodig, want cultuur verander je niet in een dag. Soms heb je ook een disruptie of crises nodig om te veranderen. Anders is het idee: ‘Het gaat toch goed zo, hoezo veranderen?’