In de overlevingsstand op Covid-afdeling A2

“Had ik het maar nooit hardop gezegd”, vertelt Dagmar Luiken, hoofdverpleegkundige op A2, een Covid-afdeling. Ze keek uit naar een vrije week met kerst en nam afscheid van de collega’s met de woorden ‘alles is geregeld, het ergste dat ons nu kan overkomen is een uitbraak’.
Barbara Kuizenga en Dagmar Luiken

Profetische woorden

Nu, ruim twee weken later, blijken het profetische woorden. Want vlak voor de jaarwisseling zag Dagmar de appjes en mailtjes binnenkomen: de ene Covid-besmetting na de andere. “Ik kon wel huilen”, zegt Dagmar. Grote zorgen maakte zich over haar team: “Ik was vooral erg ongerust, want we hebben wel een en ander gezien hier. Worden ze niet heel ernstig ziek? Maar gelukkig is dat tot nu toe meegevallen.”

Tien binnen twee dagen

Zo’n twintig UMCG’ers die op A2 werken blijken tot nu toe besmet, ruim 10 verpleegkundigen kwamen in een tijdsbestek van twee dagen thuis te zitten. Dagmar: “Hoe kan dat nou, hoe is dat toch mogelijk?”, vroeg ze zich af. “De zieke collega’s voelen zich extra naar, omdat mensen zouden kunnen denken dat ze niet veilig hebben gewerkt, of zich niet aan de regels hebben gehouden. Maar echt, we doen het hier allemaal goed.” De collega’s van medische microbiologie en infectiepreventie staan ook voor een raadsel. Alles en iedereen is nauwkeurig onderzocht, maar ze hebben nog niets kunnen vinden.

Steeds weer een besmetting

Ook regieverpleegkundige Barbara Kuizenga had een weekje vrij, toen de appjes binnenstroomden. De regieverpleegkundige viel uit, dus ging Barbara weer naar het UMCG. “Waar gaten vielen hebben we het werk verdeeld. Maar het was net alsof je met je handen een berg knikkers probeerde vast te pakken, waarbij er steeds weer een paar tussen je vingers doorglippen. Dachten we de roosters rond te hebben, bleek er weer een collega besmet te zijn.”

Overlevingsstand

Om de zorg op de afdeling in de benen te houden, kwam er hulp. “Er zijn lijsten gemaakt met mensen die kunnen en willen inspringen, uit het hele UMCG zijn mensen gekomen”, vertelt Barbara. “Maar het is wel even heel moeilijk geweest. We kregen heel veel nieuwe mensen tegelijk en hadden nauwelijks tijd om ze in te werken.” “We stonden echt even in de overlevingsstand”, vult Dagmar aan. “Maar iedereen heeft een geweldige flexibiliteit getoond. We hadden echt het gevoel er niet alleen voor te staan.”

Saamhorigheid

Het is nog steeds niet rustig op A2, maar de controle lijkt terug vertelt Dagmar: “Iedereen heeft zich enorm ingezet om er voor de patiënten te zijn. Samen is het gelukt. Die saamhorigheid, dat gevoel van ‘we lossen het samen op’, dat is een groot goed.”