• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Op de verpleegafdeling

Print 

Kennismaken

De verpleegkundige laat de verpleegafdeling zien en het bed waar uw kind komt te liggen. Ook stellen de medewerkers van de afdeling zich voor. Tijdens het opnamegesprek vraagt de verpleegkundige van alles over uw kind. U kunt ook vragen stellen. Een co-assistent of zaalarts stelt u vragen over de ziektegeschiedenis van uw kind. Meestal wordt uw kind lichamelijk onderzocht.

Medische behandeling

Tijdens de opname ondergaat uw kind allerlei onderzoeken en behandelingen. Dit vertellen we u en uw kind van tevoren. In overleg met u bereidt de pedagogisch medewerker of verpleegkundige uw kind voor. U kunt bij de meeste behandelingen en onderzoeken zijn. Als uw kind onder narcose moet, mag er meestal één ouder tot aan de ingreep bij zijn. Nadat uw kind onder narcose is gebracht, kunt u naar huis gaan of wachten in het ziekenhuis. Na de operatie neemt de arts telefonisch contact met u op. Kunt er er niet bij zijn, dan begeleidt een verpleegkundige of pedagogisch medewerker uw kind.

Spelen

In de ochtend is op iedere verpleegafdeling op vaste tijden de speelkamer geopend. Kinderen kunnen daar dan spelen en activiteiten doen onder begeleiding van de pedagogisch medewerkers. Ook is er een gezamenlijk eetmoment. Er mogen geen belastende medische handelingen in de speelkamer plaatsvinden. De speelkamer moet een veilige plek voor de kinderen zijn en blijven.

Deelname aan wetenschappelijk onderzoek

Het Beatrix Kinderziekenhuis is een onderdeel van het UMCG. Dit is een universitair medisch centrum. We kunnen daarom vragen of uw kind wil deelnemen aan wetenschappelijk onderzoek. Is uw kind jonger dan twaalf jaar, dan moet u toestemming geven. Is uw kind tussen de twaalf en zestien jaar, dan hebben we toestemming van u en uw kind nodig. Kinderen ouder dan zestien jaar hoeven alleen zelf toestemming te geven. Voordat u en/of uw kind een besluit nemen, ontvangt u beide informatie over het onderzoek. Medewerking wordt op prijs gesteld, maar uw kind is niet verplicht deel te nemen. De keuze heeft geen gevolgen voor de medische behandeling.

Bezoek

Voor kinderen is het belangrijk om contact te houden met broers, zussen en andere familieleden, vrienden en klasgenootjes. U kunt alleen beter met niet meer dan twee personen tegelijk op bezoek komen. Dan wordt het te druk. Voor grotere kinderen die lang in het ziekenhuis moeten liggen, zijn er speciale voorzieningen zodat ze meer bezoek kunnen ontvangen. Voor zuigelingen is er op de vierde etage van de Beatrix Kinderkliniek een snoezelkamer. Daar kunt u op verzoek met uw kind alleen zijn en spelen.

De bezoekregels verschillen per afdeling. Met de verpleegkundige kunt u hierover afspraken maken. Het is op alle afdelingen heel belangrijk dat er geen kinderen of volwassenen komen die een besmettelijke (kinder)ziekte hebben of er de afgelopen drie weken mee in contact zijn geweest.

Uw aanwezigheid

Voor ouders en verzorgers zijn er geen bezoekuren. U kunt de hele dag bij uw kind blijven. Eventueel kunt u zelfs bij uw kind op de kamer slapen. Woont u ver weg, dan kunt u in de buurt van het ziekenhuis logeren.

Kunt u niet de hele dag bij uw kind zijn, probeer er dan wel te zijn op moeilijke momenten. Bijvoorbeeld als uw kind een onderzoek moet ondergaan, wordt voorbereid op de operatie of bijkomt uit de narcose.

Als u wilt kunt u uw kind zoveel mogelijk zelf verzorgen. U kunt uw kind net als thuis eten geven, baden en in bed stoppen. De verpleging maakt hierover afspraken met u. Handelingen met infusen en apparatuur moet u aan de verpleging en artsen overlaten.

’s Middags is het rustuur. U moet de afdeling dan verlaten. In overleg met de verpleging kan er een uitzondering worden gemaakt.

Afscheid nemen

Als u naar huis gaat, doe dit dan niet ongemerkt en zonder uw vertrek bij uw kind aan te kondigen. Uw kind kan zich dan in de steek gelaten voelen. Als u naar huis wilt gaan, waarschuw dan een verpleegkundige. Deze blijft dan even bij uw kind. Sommige kinderen moeten huilen bij het afscheid. Als de ouder eenmaal weg is, zijn ze meestal snel weer stil. De verpleegkundige overlegt met u of u gebeld wilt worden als uw kind ontroostbaar is.

Telefonisch contact

U kunt altijd bellen met de verpleegafdeling. Bel bij voorkeur niet tijdens of vlak na de dienstoverdracht van de verpleegkundigen. Degene die opneemt heeft uw kind dan misschien nog niet gezien en kan alleen doorgeven wat er tijdens de overdracht over uw kind is verteld. De dienstoverdrachten zijn van 7.30 tot 08.00 uur, 15.30 tot 16.00 uur en 23.15 tot 23.45 uur.

Reactie van uw kind op de opname

Uw kind kan zich anders gaan gedragen. Voor u kan dat moeilijk en verwarrend zijn.

  • Uw kind kan bijvoorbeeld boos op u worden of niks van u willen weten. Probeer dit te accepteren en verwoord waarom u denkt dat uw kind boos is. Meestal is het snel over.
  • Uw kind kan ook tijdens uw aanwezigheid veel huilen en juist rustig zijn als u er niet bent. Dit is een manier om de opname te verwerken: in uw veilige nabijheid kan uw kind zich laten gaan.
  • Uw kind kan terugvallen naar een eerdere ontwikkelingsfase. Uw kind is bijvoorbeeld opeens niet meer zindelijk, wil weer een speen of gaat weer duimen. Dit komt dan doordat uw kind niet in staat is de opname te verwerken en zich tegelijkertijd te ontwikkelen. U kunt hier het best gewoon aan toegeven.