• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Tubulo-interstitiële nefritis

Print 

Het interstitium is de ruimte in de nier die tussen de filters (glomeruli) ligt. Deze wordt onder andere gevuld door de nierbuisjes (tubuli), bloed en lymfevaten. Bij een tubulo-interstitiële nefritis (nefritis=nierontsteking) zijn met name de tubuli en tussenruimten ontstoken en zijn de filters niet aangedaan. Tubulo-interstitiële nefritis kan leiden tot nierinsufficiëntie. Om de diagnose met zekerheid te kunnen stellen, is vaak een nierbiopsie nodig, waarbij (onder plaatselijke verdoving) met een naald een stukje nierweefsel wordt verwijderd dat in het laboratorium onder de microscoop wordt onderzocht.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen een acute en een chronische vorm.

Acute tubulo-interstitiële nefritis

Een acute tubulo-interstitiële nefritis ontstaat plotseling en gaat vaak gepaard met een snelle achteruitgang van nierfunctie. Er zijn vele oorzaken voor het ontstaan hiervan:

  • Overgevoeligheid voor bepaalde geneesmiddelen, zoals enkele antibiotica (flucloxacilline), pijnstillers (NSAID’s), plasmedicatie, maagbeschermers
  • Specifieke infecties (zoals cytomegalovirus, HIV, tuberculose)
  • Auto-immuunziekten (systeemziekten), zoals lupus erythematosus (SLE)
  • Giftige stoffen (toxines)


Symptomen

De mate waarin bij acute tubulo-interstitiële nefritis de nierfunctie achteruit gaat, kan sterk wisselen. Sommige patiënten plassen op het hoogtepunt van de ziekte bijna niets meer terwijl anderen een volkomen normale hoeveelheid urine blijven produceren. Koorts, huidafwijkingen en gewrichtsklachten kunnen wijzen op een auto-immuun/systeemziekte of op een overgevoeligheidsreactie op medicijnen. Ook een infectie gaat vaak gepaard met koorts. Soms hebben patiënten pijn aan de flanken, doordat de nieren door de vochtophoping sterk gezwollen zijn.

Prognose

De vooruitzichten van een acute tubulo-interstitiële nefritis zijn over het algemeen goed. De nierfunctie zal bij een groot deel van de patiënten herstellen als de oorzaak van de nefritis wordt weggenomen (medicijnen waarop de patiënt allergisch reageert) of wordt behandeld (infecties). Echter bij een klein percentage van de patiënten zal de aandoening overgaan in een chronische vorm van tubulo-interstitiële nefritis.

Behandeling acute tubulo-interstitiële nefritis

De belangrijkste behandeling is het stoppen van het medicijn, de behandeling van de infectie of te zorgen dat er geen toxine meer is. In sommige gevallen is er een indicatie voor behandeling met corticosteroïden (Prednisolon), zoals bijvoorbeeld bij de medicamenteuze oorzaak, of in geval van een auto-immuunziekte als onderdeel van de immunosuppressieve behandeling.

Chronische tubulo-interstitiële nefritis

Bij een chronische tubulo-interstitiële nefritis is er sprake van een langdurige (chronische) ontsteking van het interstitium. Dit leidt tot bindweefselvorming (fibrose); dit is een onomkeerbaar proces waarbij sprake is van blijvende schade met veelal een chronische nierinsufficiëntie tot gevolg. De uitscheidingsfunctie van de nieren raakt verstoord, waardoor afvalstoffen zich ophopen in het bloed. Dit proces duurt meestal enkele jaren.

De chronische variant van de tubulo-interstitiële nefritis heeft vele oorzaken, zoals:

  • Geneesmiddelen, vooral het langdurig gebruik van pijnstillers (analgetica) kan ernstige, niet omkeerbare schade aanrichten in de nier; men spreekt dan van analgetica-nefropathie. Dit is een vrij frequente oorzaak van chronische tubulo-interstitiële nefritis. Andere geneesmiddelen die dit kunnen veroorzaken, zijn ciclosporine, cisplatinum en lithium.
  • Refluxnefropathie (reflux = terugstromen, refluxnefropathie = aandoening waarbij urine vanuit de blaas terugstroomt naar de nieren).
  • Auto-immuunziekten (systeemziekten), zoals bijvoorbeeld de ziekte van Sjögren.
  • Langdurige blootstelling aan zware metalen zoals lood en cadmium.
  • Overige oorzaken kunnen zijn: chronische infecties, stofwisselingsziekten, bepaalde bloedziekten en na frequent gebruik van Chinese kruiden.

Symptomen

Gezien het trage proces van chronische tubulo-interstitiële nefritis zijn de klachten ook weinig specifiek. In geval van moeheid, bloedarmoede en/of jeuk is vaak al sprake van een vergevorderd stadium van nierinsufficiëntie.

Prognose

Vaak gaat de nierfunctie langzaam verder achteruit tot uiteindelijk dialyse noodzakelijk is. In het geval van analgetica-nefropathie of tubulo-interstitiële nefritis ten gevolge gebruik van Chinese kruiden is er een verhoogd risico op kanker van de urinewegen. Soms zal dan besloten worden om voorafgaand aan een niertransplantatie de nieren en urinewegen, met uitzondering van de blaas, te verwijderen.

Behandeling

De behandeling van een chronische tubulo-interstitiële nefritis bestaat uit verwijdering of behandeling van de onderliggende oorzaak, dat wil zeggen: staken van het oorzakelijke geneesmiddel of toxine, behandeling met antibiotica in geval van infectie. Met ondersteunende maatregelen (dieet, bepaalde bloeddrukverlagende medicijnen) kan vervolgens getracht worden de achteruitgang van de nierfunctie te vertragen; indien dit niet lukt, is nierfunctievervangende behandeling, dat wil zeggen dialyse of niertransplantatie, de enige optie.