• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Elektrische cardioversie

Print 

Met een elektrische cardioversie proberen we met een ‘stroomstootje’ een hartritmestoornis weer regelmatig en rustig te krijgen. Normaal klopt het hart 60 tot 100 keer per minuut. Bij een hartritmestoornis is de hartslag heel onregelmatig. Het gaat dan vaak om boezemfibrilleren (atriumfibrilleren) of boezemflutter (atriumflutter).

Opname en behandeling

Voor de cardioversie wordt u kort opgenomen in het ziekenhuis. We maken die dag eerst een electrocardiogram (ECG) om te controleren of kijken of u een hartritmestoornis heeft. U krijgt ook een infuusnaald ingebracht. U moet uw ringen afdoen en u mag geen contactlenzen in hebben.

De behandeling zelf duurt een paar minuten. U krijgt eerst een lichte narcose via het infuus. Pas wanneer u helemaal slaapt, start de behandeling. U krijgt via een defibrillator op uw borstkas, een paar korte stroomstootjes. Zo komt het hart weer in het normale ritme. Soms zijn wat meer stroomstootjes nodig.

U wordt vlak hierna al weer wakker. Vaak krijgt u wat extra zuurstof door een slangetje in uw neus. De cardioloog vertelt u meteen of de cardioversie is gelukt. Ook maken we een nieuw ECG. Zodra u goed wakker bent, krijgt u een maaltijd. Als de behandeling zonder problemen is verlopen, mag u 1 of 2 uur na de behandeling weer naar huis.

Risico's en complicaties

Er zijn niet veel risico's bij deze behandeling. Voor de narcose gelden de bekende risico's. Uw arts bespreekt dit van tevoren met u. De kans op een beroerte is na voorbehandeling met antistollingsmedicijnen klein.

Verdere behandeling

Slaagt de cardioversie niet, dan kunnen we de behandeling eventueel herhalen. De medicijnen worden dan meestal aangepast. Als dit nog geen resultaat heeft, dan bestaat de kans dat moet leren leven met het onregelmatige ritme. U krijgt medicijnen om de te hoge snelheid van het ritme af te remmen. Deze antistollingsmedicijnen gebruikt u voor de rest van uw leven.