• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Amputatie

Print 

​​Een amputatie is een operatie waarbij we een lichaamsdeel weghalen. Bijvoorbeeld een arm, een been, een voet, een hand, een teen of een vinger.

Wanneer doen we een amputatie?

We doen alleen als een amputatie als dit voor iemand de enige manier is om te overleven. Bij bloedvatproblemen, een infectie, een bottumor, een wekedelentumor of na een ongeluk, bijvoorbeeld. Hele erge pijn door beschadigde zenuwen of bloedvaten is soms ook een reden voor een amputatie.

Verloop operatie

U gaat onder narcose via een infuus in uw ader, u krijgt een ruggenprik of een plaatselijke verdoving via een injectie. Vóór de operatie bespreken we welke verdoving u krijgt. Als we u plaatselijk verdoven, kunt u ook een slaapmiddel krijgen. U merkt dan weinig of niets van de operatie. U krijgt een infuus waarmee we u tijdens de operatie vocht toedienen. U krijgt ook antibiotica via een infuus om de kans op infectie te verkleinen. Soms krijgt u ook een infuus voor bloed.

Hoe de operatie precies verloopt en hoelang deze duurt, hangt af van het lichaamsdeel dat we moeten weghalen. Als de operatie klaar is, hechten en verbinden we de wond.

Na de operatie

U wordt na de operatie wakker op de uitslaapkamer. Hier houden we uw bloeddruk, het zuurstofgehalte in uw bloed en uw hart in de gaten. Bij misselijkheid of pijn krijgt u medicijnen. Met een pijnpomp krijgt u via een ruggenprik steeds pijnstillers. U heeft drains. Dit zijn slangetjes waarmee bloed en wondvocht worden afgevoerd.

Als alles goed gaat, gaat u naar de verpleegafdeling. De amputatiewond wordt elke dag opnieuw verbonden. We komen elke dag langs te kijken hoeveel pijn u heeft en of u meer of andere medicijnen nodig heeft. De drains halen we na enkele dagen weg. De infusen halen we weg als dat kan.

Als de drains en infusen weg zijn kunt u voorzichtig gaan bewegen. We begeleiden u daarbij. Als de wond droog is en u zich buiten het bed goed kunt redden, gaat u naar huis of naar het revalidatiecentrum. We bereiden u hier uitgebreid op voor. U krijgt instructies mee, we bespreken of u een prothese krijgt en welke, en we regelen thuishulp als dat nodig is.

Complicaties

Door de operatie kunnen problemen ontstaan. Dit noemen we complicaties. Mogelijke complicaties bij een amputatie zijn bloedverlies, een infectie, trombose, schade aan andere weefsels en fantoompijn. Fantoompijn is zenuwpijn in het geamputeerde lichaamsdeel. Daar kunt u medicijnen voor krijgen.

Uitslag

We onderzoeken de afwijking en het weefsel dat weggehaald is in het laboratorium. De uitslag krijgt u ongeveer 2 weken na de operatie van uw arts, telefonisch of tijdens een vervolgafspraak. U hoort dan ook of er verdere behandeling nodig is.

Controles

Ongeveer 6 weken na de operatie heeft u weer een controleafspraak. We bekijken dan de wond. Hoe vaak, hoelang en bij wie u daarna onder controle blijft, hangt af van uw situatie.

Voorbereiden

Als u in levensgevaar bent, bijvoorbeeld na een ongeluk, kunt u zich niet voorbereiden op de operatie. U wordt dan zo snel mogelijk behandeld. In alle andere situaties bespreken we de voorbereidingen, de operatie, de lichamelijke en geestelijke gevolgen en de revalidatie uitgebreid met u. We bellen u om de operatiedatum door te geven. Ongeveer 2 weken voor de operatie kriijgt u een brief en informatie.