• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Diagnose ziekte van Parkinson

Print 

Als uw huisarts of specialist vermoedt dat u de ziekte van Parkinson heeft, kan hij u voor onderzoek naar het UMCG verwijzen.

Bezoek polikliniek Bewegingsstoornissen

U krijgt een uitnodiging voor het spreekuur van de polikliniek Bewegingsstoornissen van de afdeling Neurologie. Hier heeft u eerst een gesprek met een neuroloog. Deze neemt uw ziektegeschiedenis, klachten en medicijngebruik met u door. Daarna volgt een neurologisch onderzoek.

Neurologisch onderzoek

De arts doet verschillende testen om te zien hoe goed uw hersenen, zenuwen en spieren werken. De arts vraagt u bijvoorbeeld met uw ogen een voorwerp te volgen, naar een stemvork te luisteren en aan te geven wat u voelt als hij met een watje over uw hand wrijft en kleine prikjes geeft. Daarnaast test hij uw spierspanning, spierkracht, reflexen en coördinatie. Hij vraagt u dan bepaalde bewegingen te maken met uw armen en benen; bijvoorbeeld spierballen maken, uw armen uitsteken, in uw hand knijpen en op uw hakken en tenen lopen. Afhankelijk van uw klachten test hij ook uw geheugen, concentratie, aandacht, taalvaardigheid, planning en ruimtelijk inzicht. Dit gebeurt onder meer met schrijf-, lees- en rekentestjes.

Algemeen lichamelijk onderzoek

U krijgt ook een algemeen lichamelijk onderzoek. Dit bestaat onder andere uit het meten van uw bloeddruk, polsslag en hartslag en het luisteren naar uw longen, hart en buik.

Uitslag onderzoeken

Om te kunnen spreken van de ziekte van Parkinson, moet u in elk geval last van stijfheid hebben en minstens twee van de volgende symptomen:

  • traagheid
  • trillen
  • houdings- en balansstoornissen
  • loopstoornissen.

Soms kan de neuroloog na de onderzoeken direct vaststellen of u zeer waarschijnlijk de ziekte van Parkinson heeft. Hij spreekt dan een behandelplan met u af. Daarna wordt er een afspraak gemaakt bij de Parkinsonverpleegkundige. Deze verpleegkundige kan u informatie en advies geven over allerlei praktische zaken, zoals:

  • de ondersteuning thuis of op uw werk
  • vergoedingen van hulpmiddelen en aanpassingen
  • medicijngebruik
  • een persoonsgebonden budget.

Ook kan deze verpleegkundige u verwijzen naar fysiotherapeuten, ergotherapeuten en logopedisten bij u in de regio, die gespecialiseerd zijn in de ziekte van Parkinson.

Aanvullend onderzoek

Als uw klachten niet passen bij de typische kenmerken van de ziekte van Parkinson, vraagt de neuroloog aanvullende onderzoeken voor u aan. Deze onderzoeken kunnen meestal niet direct gedaan, worden. Daarvoor maken we nieuwe afspraken.

Om een beeld van de vorm en functie van uw hersenen te krijgen, kan er een MRI-scan, PET-scan, SPECT-scan of hersenfilmpje (EEG) worden gemaakt. Ook kan er aanvullend bloedonderzoek plaatsvinden. Bij onduidelijkheid over cognitieve klachten is een neuropsychologisch onderzoek nodig. Cognitieve klachten zijn klachten die te maken hebben met onder meer geheugen, aandacht, taal, planning en ruimtelijk inzicht.

Als alle onderzoekresultaten bekend zijn, komt u opnieuw naar de polikliniek. De neuroloog bespreekt dan de definitieve diagnose en het behandelplan met u.