• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

MR-arthrografie gewricht

Print 

Uw behandelend arts heeft u voor een MR-arthrografie verwezen naar de afdeling Radiologie. MR-arthrografie of Magnetic Resonance Arthrografie is het zichtbaar maken van afwijkingen aan een gewricht met een MRI-scan.

Hulpmiddelen bij het onderzoek

Afbeelding MRI scan apparaat

De MRI-scanner ziet eruit als een kleine tunnel die aan hoofd- en voeteneinde open is. Tijdens het onderzoek ligt u in deze tunnel. MRI is een beeldvormend onderzoek dat gebruik maakt van een magneetveld en korte radiogolven. De MRI-scanner kan een (klein) stukje weefsel in uw lichaam uitkiezen en het ‘vragen’ wat voor soort weefsel het is. Net als bij gewone magneten en radiogolven voelt u hier niets van. Wel hoort u tijdens de opnamen een kloppend geluid. Er zijn ook geen schadelijke gevolgen voor uw lichaam.

Naast de MRI-scanner werkt de radioloog bij dit onderzoek ook met een röntgenapparaat. Dit apparaat werkt met een kleine hoeveelheid röntgenstraling om in uw lichaam te kijken. De radioloog kan de afbeeldingen die het röntgenapparaat maakt bekijken op een beeldscherm. Dit heet ‘doorlichten’.

Contrastmiddel

De radioloog werkt met 2 contrastmiddelen. Hij gebruikt een jodiumhoudend contrastmiddel om uw gewricht zichtbaar te maken met röntgenstralen. Dit middel geeft bijna nooit bijwerkingen. Bijwerkingen die kunnen voorkomen, zijn lichte overgevoeligheidsreacties zoals roodheid, jeuk of blaasjes. Deze kunnen zich overal op uw lichaam voordoen. U merkt dit direct na het toedienen van het contrastmiddel of de volgende dag. Meestal trekken de bijwerkingen na een paar dagen weer weg.

Het tweede contrastmiddel is een MR-contrastmiddel. Dit middel maakt afwijkingen in uw gewricht zichtbaar voor de MRI-scanner die anders onzichtbaar zouden blijven. Het MR-contrastmiddel geeft zeer zelden bijwerkingen. Heeft u bijwerkingen en zijn die niet na een paar dagen verdwenen? En vertrouwt u het niet? Neem dan contact op met uw behandelende arts en dat u een radiologisch contrastmiddel heeft gekregen. De afdeling Radiologie moet ook weten dat de bijwerkingen bij u niet na een paar dagen verdwijnen. Ook is het verstandig dit te melden als u opnieuw een radiologisch onderzoek krijgt waarbij een jodiumhoudend contrastmiddel wordt gebruikt.

Veiligheid

Zoals elke magneet trekt de MRI-magneet metalen voorwerpen aan. Omdat de MRI magneet heel sterk is, 10.000 tot 40.000 keer sterker dan het magnetisch veld van de aarde, kan hij losse metalen voorwerpen met grote snelheid de magneet in trekken. Een aantal voorzorgsmaatregelen is daarom nodig om uw veiligheid te kunnen garanderen:

  • Neem geen metalen voorwerpen mee in de MRI-ruimte, zoals sleutels, pennen, metalen munten, brillen, zakmessen, sieraden, horloges, gehoorapparaten, haarspelden en riemgespen. 
  • Mascara kan metalen deeltjes bevatten. Gebruik daarom geen mascara bij een MRI-onderzoek van uw hoofd.
  • Heeft u metalen voorwerpen in uw lichaam, zoals kunstgewrichten, kunstkleppen, metalen clips? Bel dan voor het onderzoek de afdeling Radiologie op (050) 361 23 05. Dit geldt ook voor uw begeleider.
  • Pacemakers en insulinepompen kunnen van slag raken door het magneetveld. Als u of uw begeleider een insulinepomp heeft, mag u niet in de buurt van een MRI-apparaat komen. Heeft u of uw begeleider een pacemaker, dan moet u dit aan de MBB-er melden. Onder bepaalde voorwaarden mag u namelijk wel met een pacemaker in het MRI-apparaat.
  • Neem geen pasjes mee met een magneetstrip, zoals bankpasjes en creditcards. Deze worden onbruikbaar door het magnetische veld.
  • De magneet trekt vullingen of kronen in uw gebit niet aan. 
  • Als u een metaalsplinter in uw oog heeft, mag u niet bij het MRI-apparaat in de buurt komen. Dit geldt ook voor uw begeleider.


Borden op de afdeling Radiologie geven aan waar het niet veilig is voor patiënten en begeleiders.

Voorbereiding

Voor het maken van de MRI-scan zijn een aantal belangrijke voorbereidingen nodig. Informatie hierover staat op de pagina MRI-scan.

Het is belangrijk dat u de eerste dag het onderzochte gewricht zoveel mogelijk ontziet. Autorijden raden we ook af. U kunt het bestre regelen dat iemand u naar huis rijdt. We kunnen ook een taxi voor u bellen. De kosten daarvan zijn voor u.

Bij claustrofobie

Tijdens het onderzoek ligt u in een kleine tunnel die aan hoofd- en voeteneinde open is. Als u niet in kleine ruimtes durft, kan dit soms moeilijk zijn. Bel dan vooraf de MRI-afdeling op het telefoonnummer (050) 361 17 63. We kunnen dan samen met u een oplossing zoeken.

Bij zwangerschap en borstvoeding

Bent u (mogelijk) zwanger, bel dan vóór het onderzoek de afdeling Radiologie op(050) 361 17 63. Voor zover bekend is een MRI-onderzoek niet schadelijk voor het ongeboren kind, maar om mogelijke risico’s te vermijden wil de radioloog toch graag op de hoogte zijn van een eventuele zwangerschap.

Ongeboren kinderen zijn wel gevoelig voor röntgenstraling.Soms wordt het onderzoek in overleg met uw behandelend arts uitgesteld.

Als u een contrastmiddel krijgt, neemt uw lichaam het jodiumhoudende contrastmiddel en MRI-contrastmiddel op. Het komt daardoor ook in uw moedermelk terecht. Het is daarom niet verstandig borstvoeding te geven tijdens de eerste 24 uur nadat u het contrastmiddel heeft gekregen.

Onderzoek

In de onderzoekskamer krijgt u eerst een uitleg over het verloop van het onderzoek. Na de uitleg gaat u op de onderzoekstafel liggen. U krijgt eerst een injectie met een röntgencontrastmiddel en/of lucht in uw gewricht. Dit zorgt voor een gespannen gevoel. De radioloog laat de naald in uw gewricht zitten en schroeft er een nieuwe spuit op met MR-contrastmiddel. Als de spuit vastzit, spuit hij het MR-contrastmiddel in. De radioloog spuit beide contrastmiddelen in onder doorlichting. Deze procedure duurt ongeveer 20 minuten.

Na het inbrengen van het MR-contrastmiddel wordt u naar de MRI-afdeling gebracht. Als u daar naartoe loopt, moet u het gewricht bewegen om het contrastmiddel goed door het gewricht te verspreiden.

Op de MRI-afdeling gaat u helemaal in de MRI-scanner. Het onderzoek hier duurt een half uur tot drie kwartier.

Na afloop

Verhoog de belasting van het gewricht geleidelijk en ga niet meteen sporten. Na het onderzoek kunt u pijn hebben. De mate waarin verschilt van persoon tot persoon. Als u in de loop van de avond pijn krijgt, dan kan een natte koude handdoek op het gewricht helpen.

Uitslag

U krijgt de uitslag van het onderzoek van uw behandelend arts. Hij vertelt u ook wanneer en hoe u de uitslag krijgt.

Vragen

Heeft u vóór, tijdens of na het onderzoek nog vragen, dan kunt deze gerust stellen. U kunt ook bellen naar (050) 361 49 24, tussen 9.00-12.00 uur en 14.00-16.30 uur.