• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Hartinfarct

Print 

Het hart is een holle spier die werkt als een pomp. Zoals alle spieren heeft het hart zuurstof nodig. Die krijgt het vanuit de kransslagaders: de bloedvaten die als een krans om het hart liggen. De kranslagaders hebben drie hoofdtakken. Bij een hartinfarct is een van de kransslagaders of een zijtak ervan afgesloten. Dit belemmert de doorstroming van het bloed waardoor er hartweefsel kan afsterven. De ernst van het hartinfarct hangt af van de grootte van het aangetaste hartweefsel en van de plaats ervan. Ieder hartinfarct is daarom anders en ook de gevolgen kunnen enorm verschillen.

Afbeelding van het hart

Oorzaak

Uw kransslagaders kunnen vernauwd raken door een opeenhoping van cholesterol, kalk en klontertjes van bloedplaatjes (plaque). Dit heet atherosclerose of slagaderverkalking. Als in de plaque een scheurtje ontstaat, kan het bloed er niet meer goed langs. Het gaat in reactie hierop stollen. Hierdoor ontstaat een stolsel dat een kransslagader of een zijtak ervan plotseling helemaal kan afsluiten, waardoor een deel van het hartweefsel afsterft. Dit heet een hartinfarct. Hoe langer de afsluiting duurt, hoe meer schade uw hartspier oploopt. Op de plaats van het aangetaste hartweefsel ontstaat een litteken dat is opgebouwd uit bindweefsel in plaats van spierweefsel.

Risicofactoren

Risicofactoren voor het ontstaan van een hartinfarct zijn een hoge leeftijd, erfelijkheid, roken, een hoog cholesterolgehalte, een hoge bloeddruk, overgewicht, te weinig bewegen en suikerziekte (diabetes mellitus).

Verschijnselen acuut hartinfarct

Bij een acuut hartinfarct voelt u een heftige drukkende pijn op de borst, die kan uitstralen naar de kaken, armen en/of de rug en meer dan een half uur kan aanhouden. De pijn gaat meestal samen met zweten, misselijkheid en een gevoel van ziekte en angst. De pijn is blijvend en gaat niet over door rust of nitroglycerinespray onder de tong. Bij deze klachten moet 112 direct gebeld worden.
Het komt soms voor dat er een zogenoemd 'stil infarct' optreedt. De hierboven genoemde (pijn)klachten treden dan niet of nauwelijks op.

Onderzoek en diagnose

De cardioloog kan de diagnose stellen met een elektrocardiogram (ECG), ook wel hartfilmpje genoemd, op het moment dat u de klachten heeft. Ook wordt uw bloed onderzocht op bepaalde hartenzymen die wijzen op het afsterven van een stukje hartweefsel. Dit om een inschatting te kunnen maken van de grootte van de hartschade.

Bewaken hartritme

In de eerste uren na een hartinfarct kunnen er stoornissen in het hartritme ontstaan. Om uw hartritme te bewaken, wordt u de eerste 24 uur na het infarct opgenomen op de afdeling Hartbewaking. Na de observatieperiode kunt u worden u overgeplaatst naar een ziekenhuis in uw regio. Een ambulance brengt u daar naartoe.

Behandeling

  • Medicijnen:  Een behandeling met medicijnen wordt altijd gestart. Bij een acuut hartinfarct krijgt u zo snel mogelijk stolseloplossende medicijnen. Daarmee kan het afgesloten bloedvat weer open gaan en krijgt het bedreigde stuk hartspier weer bloed en zuurstof. In het ziekenhuis en als u weer thuis bent, krijgt u medicijnen tegen de bloedstolling, plaatjesremmers, plaspillen, bloeddrukmedicijnen, cholesterolverlagende medicijnen en medicijnen tegen hartritmestoornissen.

  • Dotterbehandeling (PCI): Bij een acuut groot hartinfarct waarbij op het elektrocardiogram duidelijk te zien is dat u een acuut hartinfarct heeft, krijgt u onmiddellijk een dotterbehandeling. Zo wordt geprobeerd de bloedstroom in de kransslagader te herstellen. Bij een klein infarct kan dit in een later stadium gebeuren als dat nodig is.

  • Operatie van de kransslagaders: bij een bypassoperatie (omleidingsoperatie) wordt een ander bloedvat uit het lichaam gebruikt om het bloed langs de vernauwing of verstopping te leiden. Daardoor verbetert de doorbloeding van de hartspier.

Vervolgonderzoek

Als dat gewenst is, kan de cardioloog verder onderzoek bij u doen. Dit vervolgonderzoek kan onder meer bestaan uit:

  • Echocardiografie (ECG): met ultrageluid wordt er een afbeelding gemaakt van de bewegingen van het hart.

  • Isotopenonderzoek: een isotoop is een radioactief deeltje dat stralen uitzendt. Via een infuus krijgt u licht radioactief materiaal in uw bloedbaan en met een gammacamera wordt de werking van uw hart onderzocht.

  • Hartkatheterisatie: tijdens een hartkatheterisatie onderzoekt een arts de kransslagaderen, de aorta (lichaamsslagader) en de verschillende hartholten met een katheter. Dat is een dun buigzaam slangetje, buisje of draad.

Nazorg

De cardioloog kan u voor verder herstel hartrevalidatie voorschrijven. Als u patiënt bent van het UMCG wordt u naast de cardioloog ook begeleid door het team van de hartinfarctpoli op de polikliniek Hart en Vaten. 

KennisInZicht

"Het hart boeit me"  

Maak kennis met UMCG-interventiecardioloog Pim van der Harst (38), de jongste hoogleraar cardiologie van Nederland. Op 17 mei hield hij zijn oratie.

Lees het artikel in KennisInZicht 
Volg ons op sociale mediaFacebook Volg ons op LinkedIn Twitter Youtube Instagram