• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Hart: bypassoperatie

Print 

Het hart pompt zuurstofrijk bloed door het lichaam om weefsels te voeden. Om te kunnen werken, heeft de hartspier zelf ook zuurstof en voeding nodig. Die worden door het bloed aangevoerd via de kransslagaders (coronairvaten). Dat zijn bloedvaten van hooguit enkele millimeters dik, die aan de buitenkant van de hartspier lopen. De kransslagaders kunnen vernauwd raken door een opeenhoping van cholesterol, kalk en klontertjes van bloedplaatjes (plaque). Dit heet slagaderverkalking.

Afbeelding van het hart

Angina pectoris en hartinfarct

Als de hartspier te weinig zuurstof en voeding krijgt door een vernauwing van een kransslagader, kan er pijn op de borst optreden. Dit heet angina pectoris. Soms kan er ook in de binnenkant van de vaatwand een scheurtje ontstaan. Als die binnenkant is bedekt met plaque, kan het bloed er niet goed meer langs en gaat het stollen. Hierdoor kan de kransslagader plotseling helemaal afgesloten raken. Een deel van het hartweefsel sterft door gebrek aan zuurstof af. Dat heet een hartinfarct.

Wanneer een bypassoperatie?

Als het hart kampt met zuurstoftekort door een of meer vernauwingen in een kransslagaders, krijgt u meestal eerst een behandeling met medicijnen en het advies uw leefwijze aan te passen. Als dat onvoldoende resultaat geeft, kunt u een dotter- en/of stentbehandeling krijgen. Ten slotte kan ook een bypassoperatie worden overwogen als u ondanks medicijngebruik bij geringe inspanning of ook in rust last heeft van aanvallen van pijn op de borst. Ook de ernst van de vernauwingen speelt een rol. Als alle drie de kransslagaders ernstig zijn vernauwd, is dat een goede reden om te opereren. Bij een vernauwing in maar één bloedvat zal eerder worden gekozen voor dotteren.

Operatie

Bij een bypassoperatie brengt de chirurg een omleiding aan langs vernauwde of afgesloten bloedvaten van een van de kransslagaders. Dit om de bloedstroom in en rond het hart te verbeteren. De chirurg kan het hart op twee manieren bereiken: door het borstbeen open te snijden of door een opening te maken tussen twee ribben. De laatste methode wordt in de regel toegepast als een enkele bypass wordt aangelegd. Voor de bypass wordt bij voorkeur een van de borstslagaders gebruikt. Ook kan de chirurg een of meerdere aders uit de benen gebruiken. De chirurg hecht een uiteinde van de borstslagader op een punt voorbij de vernauwing van de aangetaste kransslagader. Als een ader uit het been wordt gebruikt, wordt het andere uiteinde gehecht aan de aorta of lichaamsslagader. Het bloed kan nu via de omleiding weer naar de hartspier stromen.

Twee operatiemethodes

Er zijn twee operatiemethodes. Tijdens een traditionele bypassoperatie wordt het hart stilgelegd en de hartlongmachine gebruikt. Deze machine zorgt voor voldoende aanvoer van zuurstof en voedingsstoffen voor het lichaam,de functie die het hart normaal gesproken vervult.

De andere methode is een operatie op een kloppend hart zonder gebruik van de hartlongmachine. Het deel van het hart waar de chirurg de bypass aanlegt, wordt stilgelegd. De rest van het hart blijft normaal doorkloppen. Ook de longen blijven functioneren. Voor het stilleggen van het hart wordt een apparaat gebruikt met zuignappen, dat rond de kransslagaders wordt geplaatst.

Na afloop

Na de operatie komt u op de Intensive Care. Als u hier wakker wordt, heeft u een buisje in de keel waardoor u kunstmatig wordt beademd.U kunt dan nog niet praten.Als u weer voldoende zelfstandig kunt ademhalen, wordt het buisje verwijderd. In principe kunt u de volgende dag naar de verpleegafdeling Thoraxchirurgie, waar u verder herstelt van de operatie. Voor een goed herstel begint u na de ingreep meestal met hartrevalidatie.

[Een deel van deze informatie is afkomstig van de Nederlandse Hartstichting.]