• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Narcose

Print 

Een anesthesioloog is een dokter die veel verstand heeft van verdoven. Hij kan een gedeelte van je lichaam verdoven, bijvoorbeeld je been. Je voelt dan niets meer aan je been. Omdat je niets meer voelt, kan die plek geopereerd worden. Ook kan hij je een narcose geven. Je gaat daarvan slapen. Je merkt dan niets van de operatie. Daarom wordt de anesthesioloog ook wel ‘slaapdokter’ genoemd.
Je leest hier meer informatie over narcose. Dat is de verdoving waarvan je gaat slapen. Je leest hoe je je kan voorbereiden en hoe je de narcose krijgt. Ook krijg je hier informatie over hoe je je kan voelen na de narcose.

Onderzoek vooraf

Voor de operatie spreek je tijdens het spreekuur met de slaapdokter. Hij wil alles weten over je gezondheid (of je sport, of je vaak ziek bent, of je ergens allergisch voor bent). Ook wil hij weten of je medicijnen gebruikt. Als het nodig is, doet hij wat onderzoeken. Hij kan bijvoorbeeld naar je hart luisteren of je op de weegschaal zetten om te kijken hoeveel je weegt. De slaapdokter doet dit allemaal om de beste verdoving voor jou uit te zoeken. Als je eerder een narcose hebt gehad, wil de slaapdokter graag weten hoe je dat vond. Als je nog wat wilt weten, kun je dat gerust vragen.

Niet verkouden zijn

Als je verkouden bent, kan je vaak niet geopereerd worden. Pas als je weer beter bent, kan alles doorgaan. Als de operatie héél belangrijk is, gaat de operatie wel gewoon door.

De operatiedag

Je mag een tijdje voor de operatie niet eten, anders kan je tijdens de operatie overgeven. Het is wel belangrijk dat je tot de operatie begint, kleine beetjes blijft drinken. Je voelt je rond de operatie namelijk vaak beter, als je genoeg vocht krijgt. Voor eten en drinken gelden dan de volgende regels:

  • baby's jonger dan 6 maanden mogen tot 3 uur voor de operatie borstvoeding krijgen, volgens het eigen voedingsschema. Als je baby (oplos)melk krijgt dan mag het tot 4 uur voor de operatie volgens eigen voedingsschema drinken.
  • kinderen ouder dan 6 maanden mogen normaal eten en drinken tot 6 uur voor de operatie.
  • alle kinderen mogen tot het moment van de operatie elk uur wat heldere, vloeibare dranken drinken. Heldere, vloeibare dranken zijn bijvoorbeeld: water, ranja, appelsap, suikerwater, thee of koffie met suiker, maar zonder melk. Je mag niks drinken waar prik in zit. Hoeveel je mag drinken hangt af van je gewicht: maximaal 10 ml per kilo lichaamsgewicht. 10 ml is ongeveer 1 eetlepel. Voor iedereen geldt dat het maximaal 100 ml per uur mag zijn.

De narcose

Tijdens de operatie word je goed in de gaten gehouden. Daarvoor staan er verschillende apparaten in de operatiekamer. Om je in de gaten te houden, zal het volgende gebeuren:

  • je krijgt stickers op je borst geplakt. Hiermee houdt een apparaat je hart in de gaten
  • om je bovenarm krijgt je een band. Hiermee wordt automatisch je bloeddruk gemeten
  • met een klemmetje op je teen of je vinger wordt de zuurstof in je bloed gemeten. Ook wordt je hartslag door dit apparaat geteld

Uitslaapkamer

Als de operatie klaar is ga je naar de uitslaapkamer om goed wakker te worden. Als je dan wakker wordt, is je vader of moeder er ook weer.