•  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Bevorderen van de gezondheid van mensen met een lage sociaaleconomische status

Print 
04 juni 2020

​Achtergrond 

Nederlanders worden steeds ouder en leven steeds langer in gezondheid (loket gezondleven.nl), maar de (gezondheids)verschillen tussen mensen zijn groot. Mensen met een laag inkomen en een lagere opleiding leven gemiddeld zeven jaar korter en negentien jaar in minder goede gezondheid dan hoger opgeleiden. Deze verschillen blijken door uiteenlopende factoren verklaard te worden, zoals woon- en werkomstandigheden (loket gezondleven.nl).

Mensen met een lage sociaaleconomische status zijn mensen met een meer praktisch georiënteerde opleiding (basisonderwijs, lo, vmbo, avo, mavo) en/of mensen met een laag inkomen. Ongeveer 30% van de mensen in Nederland voldoet aan dit criterium. Behalve dat deze groep kampt met een slechtere gezondheid, wordt deze groep mensen vaak ook geconfronteerd met armoede en werkloosheid (www.rivm.nl). Bovendien is deze groep vaak moeilijk te bereiken. Ze zijn mogelijk al vermoeid door initiatieven, hebben geen of beperkte kennis over gezondheid en/of vaardigheden en mogelijkheden om de eigen gezondheid positief te beïnvloeden. Ze staan vaak aan de zijlijn als over gezondheid wordt gesproken en als er activiteiten of initiatieven worden ontplooid die gericht zijn op het verbeteren van gezondheid.

​Coevorden / Hardenberg

De gemeente Coevorden heeft zich als doel gesteld het sociale domein te ontwikkelen, waarbij vooral aandacht zal worden besteed aan preventie en het realiseren van een 'blue zone': een gebied waar mensen gemiddeld langer leven en in goede gezondheid.

In Coevorden kan een relatief hoog deel van de bewoners worden geschaard onder de groep mensen met een praktijkgerichte opleiding en lagere sociaaleconomische status (SES). In het streven van huisartsensamenwerkingsverband Coevorden-Dalen (HasCoDa) naar een verbetering van de gezondheid van de bewoners, vormen inwoners met een lage SES een bijzondere groep. Over het algemeen vinden gemeenten en zorgprofessionals het lastig om in contact te komen met inwoners met een lage SES. En als men de inwoners met een lage SES weet te bereiken dan is het ook de vraag hoe men hen het beste kan betrekken bij bijvoorbeeld het uitwerken van acties of interventies en de uitvoering daarvan.

Dit resulteert in de volgende onderzoeksvraag: Hoe kunnen lage SES-groepen in Coevorden en Dalen gestimuleerd/gemotiveerd worden tot gezond gedrag. Daarbij staat gedrag binnen de BRAVO-factoren centraal. BRAVO staat voor meer Bewegen, niet Roken, minder Alcohol, gezondere Voeding en voldoende Ontspanning.

Om tot een duurzame en effectieve verandering te komen is het van belang gebruik te maken van verschillende vormen van kennis; wetenschappelijke kennis, praktijkkennis (professionals) en ervaringskennis (burgers). Bij het verbeteren van de gezondheid van mensen wordt nog te vaak uitgegaan van alleen wetenschappelijke kennis. Kennis over wat voor mensen zelf belangrijk is speelt vaak nog geen of een ondergeschikte rol. Om de gezondheid van mensen duurzaam te veranderen is het van belang de wensen en behoeften en mogelijkheden van mensen zelf centraal te stellen en daarover met de bewoners zelf en hun netwerk in gesprek te gaan.

​Doel

Doel van het huidige voorstel is tweeledig:

Allereerst is het doel het verkrijgen van inzicht in de kennis die er bestaat over manieren om het gezonde gedrag van bewoners (jongeren en ouderen) met een lage sociaal economische status te bevorderen.

Daarnaast is het doel het schrijven van een (breed gedragen) plan van aanpak voor het uitvoeren van een project gericht op het bevorderen van de gezondheid van de eerder genoemde groep op basis van wetenschappelijke en vakliteratuur en in samenwerking (co-creatie) met bewoners, het eigen netwerk en andere belangrijke stakeholders.​

Voor het beantwoorden van deze vraag wordt samengewerkt met Social Envoy. 

 Werkwijze​

Literatuuronderzoek

Stap 1: Beknopte literatuurstudie naar de ervaringen van gezondheid bevorderende interventies voor mensen met een lage sociaaleconomische status. Studies worden geïdentificeerd door een gestructureerde elektronische literatuurstudie van alle studies die over dit onderwerp zijn verschenen in Medline. De zoektermen die hierbij worden gebruikt zijn onder andere "socioeconomic *" OR "SES" AND "Health" AND "intervention" AND "review*" OR "meta-analysis". De zoekactie wordt beperkt tot Engelstalige studies.

​Stap 2: Daarnaast wordt een beknopte literatuurstudie gedaan naar ' grijze' (niet wetenschappelijke) literatuur, initiatieven, 'best and worse practice' en expertise (PHAROS, SEGV, Platform31). Collega's vanuit de afdeling Toegepast Gezondheidsonderzoek en Sociale Geneeskunde van het UMCG zijn betrokken bij andere grootschalige onderzoeksprojecten (IROHLA[1], Kans voor de Veenkoloniën[2]) die op dit gebied worden uitgevoerd en kunnen worden geraadpleegd voor advies.

​Plan van aanpak voor Coevorden en Hardenberg

Op basis van de kennis die is opgedaan met de literatuurstudie wordt in samenwerking met alle stakeholders, inclusief bewoners met een laag sociaal economische status en het eigen netwerk, een plan van aanpak uitgewerkt. Dat wil zeggen, de literatuurstudie is het fundament om onderzoeksgebieden te benoemen. De onderzoeksvragen definiëren we samen met de doelgroep en het eigen netwerk. Immers, vragen geven richting aan de toekomst. Een voorwaarde om de doelgroep daadwerkelijk in beweging te krijgen is dat de doelgroep zich moet herkennen in de vragen. Sterker nog, ze zijn mede-eigenaar van de vraag.

Op basis van eerdere praktijkprojecten in SES omgevingen (Woensel-West en Geuzenveld) is het voorstel om ons (ook) te richten op jongeren. Immers, jongeren zijn goed benaderbaar via formele kanalen zoals scholen, buurtverenigingen. Bovendien kan het onderzoek daardoor in de bestaande infrastructuur plaatsvinden. Het benaderen van kinderen (en hun ouders) via scholen en buurten heeft daarnaast als voordeel dat mensen niet benaderd worden op basis van hun sociaaleconomische status (stigmatiserend), maar als lid van een groep (school/wijk). Dan ontstaat er draagvlak en betrokkenheid binnen een bestaand netwerk (community) om nieuw gedrag te laten zien en het plan duurzaam te implementeren.

Bij het beschrijven van het plan van aanpak wordt in het bijzonder aandacht besteed aan:

  • De manier waarop bewoners met een laag sociaaleconomische status worden bereikt en gemotiveerd om deel te nemen
  • De instrumenten en methoden die aansluiten bij het in kaart brengen van de wensen en behoeften van burgers. Positieve ervaringen zijn er bijvoorbeeld met 'customer journey/trail', waarbij het leven van mensen uit de doelgroep in kaart wordt gebracht en er begrip ontstaat voor de leefwereld van de doelgroep. Daarnaast worden er methodes beschreven die op basis van het begrip van de leefwereld kunnen worden ingezet om interventies/initiatieven te ontwikkelen en/of faciliteren. Een voorbeeld van een dergelijke methode is de 'design thinking' methode. Tevens maken we gebruik van visualisatie om het plan toegankelijk te maken voor een brede groep (storytelling). We werken met beeldmateriaal (film en foto's) om het proces vast te leggen en te kunnen delen met alle betrokken (transparant proces) 
  • Het beschrijven van de partijen en mensen die betrokken worden bij de uitvoering van het plan van aanpak, gebaseerd op de drie eerdergenoemde vormen van kennis
  • Beschrijven van de manier waarop het uitvoeren (proces) en de resultaten (effect) van het plan van aanpak worden geëvalueerd

Resultaat

Een tussentijdse terugkoppeling op basis van de eerste bevindingen middels een beknopte presentatie gevolgd door discussie met een in te stellen klankbordgroep.

Eindresultaat

De eindrapportage bestaande uit een hoofddocument van max. 10 pagina's (exclusief bijlagen) waarin antwoorden worden gegeven op de hierboven geformuleerde onderdelen en kennisvragen.

De antwoorden op de kennisvragen leiden tot duidelijke actiepunten voor HasCoda om, in samenwerking met alle partijen, de opgeleverde kennis en lessen in de vorm van een experiment direct in de praktijk toe te passen.​

Samenwerking

Het project wordt uitgevoerd in actieve samenwerking met Social Envoy.

Vervolg

Budget

10.000 euro

Looptijd

September 2018 -  december 2018

Link met andere projecten:

Kans voor de Veenkoloniën

Maak ruimte voor gezondheid – Urban Design for Improving Health in Groningen (UDIHiG\​

[1] IROHLA is a project dat wordt uitgevoerd binnen het UMCG en dat is gericht op het verbeteren van de gezondheid van mensen met verminderde gezondheidsvaardigheden in Europa

[2] Kans voor de Veenkoloniën (Veenkoloniaal gebied van Groningen en Drenthe) is een acht jaar durend programma, waarmee inwoners met eigen initiatieven en met steun van uiteenlopende organisaties hun leefsituatie kunnen verbeteren. Het doel dat daarmee centraal staat is de gezondheidsverschillen in deze regio aanzienlijk en duurzaam te verkleinen.

Volg ons op sociale mediaTwitter