•  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Obstetrie en Gynaecologie

Print 

​Ellen Lammerink

Naam en specialisme?

Ellen Lammerink, 3e jaars AIOS Obstetrie & Gynaecologie

Wie ben je? (Waar kom je vandaan? Heb je bijzondere hobby's of passies?)

Ik ben Ellen Lammerink, geboren en getogen in het kleine Twentse stadje Ootmarsum. Naast mijn werk, onderneem ik graag sportieve dingen. In de zomermaanden ga ik graag wielrennen en hardlopen, in de wintermaanden spinning en heerlijk skiën in Oostenrijk! Als ik de rust er voor kan vinden, lees ik graag literaire thrillers, zoals van Karin Slaughter.

Waarom heb je voor deze opleiding gekozen?

Tijdens de studie Geneeskunde voelde ik me direct aangetrokken tot het vak, bij het blok Obstetrie & Gynaecologie. De embryologie, obstetrie en endocrinologie vond ik erg interessante onderdelen. Tijdens mijn coschappen vond ik eigenlijk veel afdelingen wel leuk, totdat ik bij de Gynaecologie aankwam…

Obstetrie en Gynaecologie  

Marian Mourits

Wie bent u?

Mijn naam is Marian Mourits. Ik ben geboren in Elst (Gld) en heb geneeskunde gestudeerd in Nijmegen aan de Radboud Universiteit. Tijdens mij studie raakte ik steeds meer overtuigd van mijn keuze om gynaecoloog te worden. Het was in die tijd erg moeilijk een opleidingsplaats te bemachtigen. Ik nam me voor om overal in het land een poging te wagen, te beginnen in Groningen, waar mijn partner sinds 1983 werkte. En dat lukte meteen! Ik kreeg in 1986 een opleidingsplaats in het cluster Groningen en we verhuisden naar de stad Groningen. Mijn opleiding het ik doorlopen in het voormalig AZG (nu UMCG) en RKZ (nu Martiniziekenhuis).

Wonen en vrije tijd?

We wonen inmiddels in een dorp vlak bij Groningen in een mooie groene omgeving. We hebben twee kinderen (zoon 1990, dochter 1993). Ik heb, naast mijn gezin, de gebruikelijke hobby’s als lezen, film, kunst, muziek en sport (hardlopen).

Toen wist ik het helemaal zeker! Ik vind het een bijzonder vak omdat je een compleet zorgproces aan je patiënt kan bieden: van diagnostiek tot behandeling en nazorg. In ons vak krijg je daarnaast de unieke kans om een groot life event (zoals een zwangerschap en bevalling) van de patiënt te begeleiden en meemaken. Als gynaecoloog lever je daarmee dus integrale zorg, waarbij ik ook mijn communicatieve vaardigheden goed kan benutten.

Waarom heb je voor Groningen gekozen?

Ik denk dat hier onder andere mijn herkomst een grote rol speelt. Ik heb in Rotterdam Geneeskunde gestudeerd en een super studententijd gehad. Toch voel ik me het meeste thuis in het noorden van het land. Dat heeft vooral te maken met het verschil in mentaliteit en de laagdrempelige manier van omgang. Het fijne opleidingsklimaat in Groningen en daarnaast de moderne manier van opleiden daar, heeft mij doen besluiten terug te gaan naar het noorden. Ik houd van nuchtere en duidelijke mensen en vind de relatieve rust in het noorden ook heerlijk!

Hoe is het om AIOS te zijn?

AIOS zijn is een voorrecht! Je krijgt elke dag de kans om iets te leren en in het nieuwe opleidingssysteem zitten ook steeds meer mogelijkheden om hierin je eigen individuele voorkeuren aan te geven. Dit zorgt steeds meer voor een optimale ontwikkeling van een specialist. Het is zeker hard werken, maar je oogst wat je zaait… Door voortdurende reflectie op jezelf en de frequente feedback die je krijgt, wordt je al werkende een steeds betere dokter.

Wat was je eerste indruk van je opleider?

Ik leerde Marian kennen tijdens mijn sollicitatie voor een AGNIO baan in het UMCG op de afdeling Gynaecologische Oncologie. Mijn eerste indruk was vriendelijk en recht door zee.

Hoe is je relatie met je opleider nu?

Prima! Ik ken Marian ondertussen vanuit verschillende rollen. Onze verstandhouding is uitstekend, en ook een voorwaarde om alle verschillende rollen samen te spelen: Uiteraard ben ik aios en is zij mijn opleider. Daarnaast ben ik ook AIOS vertegenwoordiger en overleggen en vergaderen wij regelmatig samen. Tot slot doe ik ook nog onderzoek bij Marian, en is zij mijn promotor. Overall denk ik dat wij een open houding verstandhouding hebben, waarin we beiden vrij direct zijn en tegen elkaar kunnen zeggen wat we denken.

Wat is het belangrijkste dat je tot nog toe geleerd hebt als AIOS?

Naast de medisch inhoudelijke kennis en technische vaardigheden, denk ik dat ik vooral heb geleerd om de juiste balans te vinden tussen effectief doelen bereiken en tegelijkertijd hierbij ook mezelf te blijven. Deze balans bereik je door continu bezig te zijn met je eigen ontwikkelingen en veranderingen en feedback hierop te vragen. Mijn algemene competenties heb ik hierdoor goed ontwikkeld. Dit heeft een positieve invloed op mijn werk en op mijzelf als persoon: het maakt me een betere dokter en een beter mens!

Welke doelen heb je voor jezelf gesteld?

Dat ligt er aan over welk tijdsbestek we praten…
Ik probeer elk jaar rond oud en nieuw één groot doel op persoonlijk gebied en één groot doel op werkgebied te stellen: de goede voornemens voor het nieuwe jaar! Voor 2013 zal het werkgerelateerde doel bestaan uit het publiceren van een groot controle onderzoek naar seksueel functioneren, waarvan ik op dit moment de vragenlijsten terug ontvang uit 4 gemeenten in Noord Nederland. Daarnaast hoop ik als AIOS het komende jaar er achter te komen welke differentiatie ik te zijner tijd wil gaan doen.

Welke tip wil je anderen die nog AIOS moeten worden geven?

Probeer zo goed als mogelijk een plan uit te stippelen voor je opleiding, waarbij je duidelijk maakt aan je opleider wat je doelen zijn. Vergeet daarbij niet de doelen die buiten de kennis en vaardigheden vallen (zoals samenwerking, management, communicatie etc), deze zijn namelijk essentieel voor je persoonlijke ontwikkeling en ook voor later als specialist.

Waarom hebt u ervoor gekozen opleider te worden?

Als academisch werkend medisch specialist ben je vanaf het begin ook meteen ‘opleider’, in de zin dat je in een omgeving werkt waar permanent mensen worden opgeleid tot arts, specialist, of verpleegkundige. Als dat je niet aanspreekt zit je er niet goed. Ik vond het werken in een academisch opleidingsziekenhuis meteen erg leuk. In de loop van de jaren, kreeg ik steeds meer plezier in het overdragen van mijn eigen kennis, vaardigheden en ervaring. Toen ik in 2005 de kans kreeg om plaatsvervangend opleider te worde, hoefde ik daar niet lang over na te denken. In die tijd begon de modernisering van de medische vervolgopleiding vorm te krijgen en dat veranderingsproces vond ik erg boeiend. Nog geen twee jaar later vertrok ons afdelingshoofd (die tevens opleider was) naar elders en kwam de functie van opleider vrij. Het nieuwe afdelingshoofd koos ervoor om het opleiderschap niet zelf te vervullen en ik liet weten dat ik graag mijn rol van plaatsvervangend opleider wilde ruilen voor die van opleider. Sindsdien ben ik opleider O&G in het UMCG, en ook hoofd van het opleidingscluster O&G binnen de regio. Het is een buitengewoon leuke functie waarin je veel van je enthousiasme voor het vak en ambitie als arts en opleider kwijt kunt. Het levert ook veel voldoening op om richting te kunnen geven aan de opleiding Obstetrie en Gynaecologie, in een veranderd tijdsgewricht. De samenleving verandert, en de dokter/specialist moet mee veranderen.

Hoe bevalt het opleiden van jonge artsen?

Zoals al eerder aangegeven is het heel inspirerend om met jonge mensen te werken. We hebben nog steeds ieder jaar tijdens de sollicitatierondes een ruim aanbod aan hooggekwalificeerde jonge, artsen met ambitie. Het is leuk om hen in een paar jaar tijd zich te zien ontwikkelen tot zelfstandige, zelfverzekerde specialisten die hun weg vinden binnen het vakgebied. Daarbij hebben aios momenteel de mogelijkheid om een individueel opleidingsplan op te stellen, waarin ze al vroeg in de opleiding richting geven aan hun eigen ontwikkeling. De een kiest daarbij voor verdieping in de wetenschap, terwijl een ander zich extra verdiept in een deelgebied van het vak.

Wat was de eerste indruk die u had van deze AIOS?

In het sollicitatiegesprek met Ellen spraken haar enthousiasme en gedrevenheid me meteen aan. Een onderwerp dat tijdens het sollicitatiegesprek aan bod kwam was dat ze goed is in het scheppen van orde in chaos. Omdat we tijdelijk een zaalarts zochten was dat echt een pre! Ellen is een leergierige, sociale, hardwerkende arts. Tijdens haar baan als Anios solliciteerde ze naar een opleidingsplaats, en die kreeg ze. Daarbij speelde onze goede ervaring met haar als zaalarts een rol, en ook haar positieve motivatie voor Groningen. Ellen past hier.

Hoe is de relatie met uw AIOS?

We hebben een goede en open werkrelatie. Ellen zie ik in verschillende rollen. Ze is aios, en ik ben haar opleider. Ellen doet ook wetenschappelijk onderzoek en daarbij ben ik haar begeleider/promotor. Verder is Ellen een van de Aios-vertegenwoordigers en behartigt als zodanig de belangen van de aios, en ook die rol speelt ze met verve.

Wat probeert u uw AIOS mee te geven?

Een aantal dingen:
Probeer er zo vroeg mogelijk achter te komen wat je wilt leren en wat je wilt bereiken, om zo het beste uit jezelf en je opleiding te halen.
In je rol als arts gaat goede en veilige patiëntenzorg voor alles.
En ten slotte vinden we het belangrijk dat aios goed leren samenwerken, communiceren en reflecteren, en dat ze naast hun werk ook goed in balans zijn als mens.

Hoe zijn de onderlinge (werk-)verhoudingen?

Het leerklimaat in onze kliniek is goed, zoals recent weer bleek uit onze opleidingsvisitatie. We hebben veel overlegsituaties binnen de opleiding, waarbij de aios als volwaardige gesprekspartners dienen, en dus ook mede verantwoordelijk zijn voor hun eigen opleiding. Alle stafleden binnen onze kliniek werken samen met en dragen bij aan het opleiden van de aios. Iedereen is didactisch geschoold, zowel de staf (als opleiders van aios) alsook de aios (als opleiders van de co-assistenten). Dit zorgt voor een goed didactisch leer- en werkklimaat, waar iedereen voordeel bij heeft.

Welke tip zou u toekomstige AIOS mee willen geven?

Probeer alles uit je opleiding te halen wat erin zit en goed te zijn in wat je doet. Maar ook: doe niet teveel tegelijk, zorg voor een goede balans werk- prive en voorkom te ‘stapelen’. Toch is dit soms ook een fase waarin aios wetenschappelijk een enorme groei doormaken, en naast hun klinisch werk toch energie over hebben. Als dat mogelijk is, ga ervoor!

 

 

Volg ons op sociale mediaFacebook LinkedIn Twitter Youtube Instagram