• Tekstgrootte

Kindergeneeskunde

Print 
​​Kindergeneeskunde

“Kies je voor het UMCG, dan word je beloond. Omdat we zo’n grote regionale functie hebben, is hier van alles voorhanden op medisch gebied. Wij hebben alle specialismen in huis. Verder kun je hier prachtig wonen en voelen velen zich snel thuis. We moeten soms iets meer moeite doen mensen binnen te halen maar eenmaal binnen wil niemand meer weg.”

Opleider Eduard Verhagen

Anneloes Lusthusz

Naam en specialisme?

Anneloes Lusthusz, kinderarts in opleiding in het Beatrix Kinderziekenhuis

Wie ben je?

Ik heb mijn studie geneeskunde in Groningen gevolgd, waarna ik aansluitend mijn co-schappen in Enschede heb gedaan. Na een wetenschapsstage in Zuid-Afrika en een tijdje in Enschede als ANIOS gewerkt te hebben ben ik aangenomen voor de opleiding in Groningen. Hier woon en werk ik met héél veel plezier!

Waarom heb je voor deze opleiding gekozen?

Als kind twijfelde ik tussen diergeneeskunde en kindergeneeskunde. Omdat ik liever in een team werk en het ziekenhuis als werkomgeving prettig vind, ben ik geneeskunde gaan studeren. Kindergeneeskunde is een vak waar de patiënt afhankelijk is van jou, als dokter maar ook als mens. Je komt zo veel te weten door gewoon te kijken en te luisteren naar het kind, dat vind ik mooi!

Kindergeneeskunde  

Eduard Verhagen

Naam, functie + specialisme?

(mr dr) Eduard Verhagen, kinderarts en opleider. Op dit moment afdelingshoofd a.i. van het Beatrix Kinderziekenhuis

Wie bent u?

Mijn schooltijd doorliep ik in en om Leiden, ik studeerde Nederlands Recht en Geneeskunde in Utrecht en deed mijn specialistenopleiding in het AMC in Amsterdam. Mijn klinische werkzaamheden vinden plaats in het Beatrix Kinderziekenhuis als algemeen kinderarts en op de neonatale intensive care.
Het onderzoek dat ik doe gaat vrijwel altijd over het interessante raakvlak van geneeskunde ethiek en recht. Daarover schreef ik ook mijn proefschrift. De laatste jaren ben ik erg veel bezig met palliatieve zorg voor kinderen: deze zorg, die gegeven wordt aan kinderen met een levensbedreigende ziekte en gericht is op kwaliteit van leven en van sterven, is zo belangrijk voor patiënten, ouders en gezinsleden, en tegelijk zie ik dat er nog zo weinig kennis en ervaring in Nederland mee is. Dat moet echt beter! Daar zet ik me voor in.

Waarom heb je voor Groningen gekozen?

Ik had hier natuurlijk gestudeerd, dus wist al dat het een erg leuke stad is. Als ANIOS kwam ik in aanraking met opleidingsassistenten die wisten hoe het er hier in het UMCG aan toe ging. Het feit dat er binnen het Beatrix Kinderziekenhuis een fijne sfeer heerst en er een leuke staf zit die makkelijk benaderbaar is, trok mij erg aan.

Hoe is het om AIOS te zijn?

Leuk en leerzaam, maar ook iets wat je moet leren te zijn. Een tijd waar je veel uit kunt halen, en dat ligt met name bij jezelf. Het wordt wel eens een afhankelijke positie genoemd, dat klinkt zo negatief. Ik denk dat je met name afhankelijk bent van jezelf. Er zijn hier zoveel mensen die je kunnen en willen helpen te leren, maar die moet je wel gebruiken!

Het is hard werken; lange en vaak intensieve dagen met veel onregelmatige diensten. Dit vraagt veel van jezelf en je omgeving, maar tot nu toe vind ik het meer dan waard!

Wat was je eerste indruk van je opleider?

Hij denkt zo anders! Niet alleen omdat hij meer ervaring heeft of opleider is. Hij laat je nadenken over je eigen handelen en betrekt hierin ook het perspectief van ouders en patiënt.

Hoe is je relatie met je opleider nu?

Prima, hij denkt erg met je mee. Wat wil je en hoe wil je dat bereiken, zo kom je samen tot een goed persoonlijk opleidingsplan.

Wat is het belangrijkste dat je tot nog toe geleerd hebt als AIOS?

Luisteren! Zowel naar de patiënt als ook naar de ouders. Ze hebben niet altijd, maar wel heel vaak gelijk.

Welke doelen heb je voor jezelf gesteld?

Ik werk part-time zodat ik een goede balans heb tussen werk en privé. Op deze manier ga ik met plezier naar mijn werk en blijf ik gemotiveerd om het beste uit mezelf te halen.

Welke tip wil je anderen die nog AIOS moeten worden geven?

Ik heb er zelf heel veel aan gehad om met enige werkervaring de academie binnen te komen. Het kost tijd en energie om te wennen aan het arts zijn, met de verantwoordelijkheden die daarbij komen en de eisen die er aan je gesteld worden. In de academie is het lastiger om deze tijd te nemen en hieraan te wennen, dit gaat naar mijn idee ten koste van je eigen werkplezier.

Wanneer en waarom heeft u voor Groningen gekozen?

Na een aantal jaren in Curaçao als kinderarts met heel veel plezier te hebben gewerkt kwam ik in contact met Groningse kinderartsen die me in 2000 een hele mooie baan aanboden in een heel mooi (Beatrix) kinderziekenhuis. Ik ben met mijn gezin verhuisd en heb er nooit spijt van gehad.

Waarom hebt u ervoor gekozen opleider te worden?

Ik kon niets bedenken dat leuker was dan dat: onderwijs geven is zo leuk, het gezamenlijk zorgen voor een mooie opleiding voor aios, en het samen optrekken bij het verrichten van klinische werk is geweldig stimulerend.

Hoe bevalt het opleiden van jonge artsen?

Geweldig goed, maar het is niet altijd makkelijk. Je staat er gelukkig niet alleen voor: integendeel, er zijn zoveel andere mensen bij de opleiding betrokken!

Wat was de eerste indruk die u had van deze AIOS?

Bijzondere arts! Een aanwinst voor de groep, een aanwinst voor het kinderziekenhuis en ik ben blij deat ze ‘on board’ is; we gaan ervoor!

Hoe is de relatie met deze AIOS nu?

Volgens mij is die prima.

Wat probeert u uw AIO's mee te geven?

Misschien wel deze drie dingen: 1. kinderen (en hun ouders) moeten op je kunnen rekenen en vertrouwen. Je hebt een mooie baan, maar het is er een met aanzienlijke verantwoordelijkheden. 2. Reflectie op je eigen handelen is een heel belangrijk instrument. Het helpt je om de moeilijkste beslissingen te nemen en de meest complexe dilemma’s te ontwarren. Samenwerken is daarbij een noodzakelijk onderdeel van het werk; Het is erg leuk en je kunt het leren. En tenslotte: 3. Neem je eigen opleiding en professionele ontwikkeling serieus, nu en straks nadat je de kinderartsenbul hebt gekregen.

Hoe is de onderlinge (werk-)verhouding?

Volgens mij heel goed, maar natuurlijk zijn we steeds op zoek naar verbeterpunten.

Welke tip zou u toekomstige AIO's mee willen geven?

De huidige opleiding geeft je heel veel kansen voor professionele ontwikkeling; probeer ze te gebruiken, je wordt er een betere kinderarts door. De opleiding vraagt best veel van je: energie en tijd, je wordt soms geconfronteerd met ingewikkelde problemen en verdriet, maar ook met vreugde en succes. Probeer je goed te orienteren op wat je te wachten staat en als je er klaar voor bent, zijn wij dat ook!

Afdeling

Het Beatrix Kinderziekenhuis is een onderdeel van het Universitair Medisch Centrum Groningen. Er werken hoogopgeleide kinderartsen en verpleegkundigen die topklinische en topreferente zorg bieden aan kinderen met uiteenlopende aandoeningen. Het kinderziekenhuis is onder andere gespecialiseerd in:

  • de verzorging van baby’s die te vroeg zijn geboren of ernstig ziek zijn;
  • de behandeling van kinderen met kanker;
  • de behandeling van kinderen met een aangeboren hartafwijking;
  • lever-, dunne darm- en longtransplantaties bij kinderen (het Beatrix Kinderziekenhuis is hiervoor het enige ziekenhuis in Nederland).

Het Beatrix Kinderziekenhuis beschikt over 150 bedden. Een deel bestaat uit normale ziekenhuisbedden en een deel bestaat uit speciale bedden, zoals Intensive Care-bedden en wiegen. De meeste kinderen worden niet opgenomen op een van de vijf verpleegafdelingen, maar worden behandeld op de poliklinieken van het kinderziekenhuis

De opleiding tot kinderarts duurt vijf jaar. Het is een competentiegerichte opleiding. De aios begint altijd in het UMCG. Na een jaar vervolgt de aios zijn opleiding voor twaalf tot achttien maanden in één van de aangesloten algemene ziekenhuizen in de regio.

Opleidingsplaats

SpecialismeKindergeneeskunde
Duur5 jaar
OpbouwDe opleiding tot kinderarts duurt vijf jaar. Het is een competentiegerichte opleiding. De aios begint altijd in het UMCG. Na een jaar vervolgt de aios zijn opleiding voor twaalf tot achttien maanden in één van de aangesloten algemene ziekenhuizen in de regio.
De opleiding bestaat uit een basisblok van vier jaar. Daaronder vallen ook de stage in het algemene ziekenhuis en een verdiepingsblok van twaalf maanden. Verplichte stages zijn onder meer: neonatologie, intensive care, polikliniek en eerste hulp. Ook zijn de stages op verschillende verpleegafdelingen verplicht. In die stages komen veel algemene kindergeneeskundige maar ook deelspecialistische aspecten aan de orde.
PlaatsEerste jaar Groningen, daarna algemeen ziekenhuis in de regio.
VacaturesJaarlijks 5 of 6 plaatsen in Oornoordoost
VerdiepingsstagesVerplichte stages zijn onder meer: neonatologie, intensive care, polikliniek en eerste hulp. Ook zijn de stages op verschillende verpleegafdelingen verplicht. In die stages komen veel algemene kindergeneeskundige maar ook deelspecialistische aspecten aan de orde.
In het laatste jaar van de opleiding kunt u twee keer drie maanden een verdiepingsstage volgen. De laatste zes maanden kunt u zich profileren. Die profilering is soms het begin van een fellowship. Soms is het een stage in een voorkeursgebied, ook is een stage academische kindergeneeskunde mogelijk.

Opleider

Dr. B.L. Rottier

Opleider (plaatsvervangend)

Prof. mr. dr. A.A.E. (Eduard) Verhagen

Prof. mr. dr. A.A.E. (Eduard) Verhagen


Mednet aios special

Interview met Eduard Verhagen in Mednet Carrierespecial AIOS, 18/11

Het UMCG en de opleidingsziekenhuizen in Noord-Oost Nederland hebben opleidingsvernieuwing hoog in het vaandel staan. Er is een opleidingsfonds gecreëerd om regionale opleidingsvernieuwing mogelijk te maken, ten behoeve van het aios-onderwijsprogramma.

‘Als regieziekenhuis in de regio werken wij nauw samen met perifere ziekenhuizen in de regio’, zegt Eduard Verhagen. Hij is hoofd algemene kindergeneeskunde en opleider binnen het UMCG. ‘Omdat wij willen dat alle opleiders dezelfde taal spreken, faciliteren wij ‘docent professionalisering’ waarbij opleiders uit de perifere ziekenhuizen scholing kunnen aanvragen bij het UMCG. En de perifere ziekenhuizen ontwikkelen ook dit soort programma’s waar het UMCG bij aan kan sluiten. Drang naar kennisvergroting en -vernieuwing speelt een grote rol binnen ons aios-onderwijsprogramma. Zo kunnen de samenwerkende perifere ziekenhuizen opleidingsinitiatieven indienen, die de opleiding verbeteren, iets dat nergens anders gebeurt.’

Verhagen realiseert zich dat de afstand naar Groningen door sommigen als barrière wordt ervaren. Maar benadrukt dat aios die kiezen voor het UMCG beloond worden. ‘Omdat we zo’n grote regionale functie hebben, is hier van alles voorhanden op medisch gebied. Wij hebben alle specialismen in huis en ik hoef bijna nooit door te verwijzen naar een andere regio. Verder kun je hier prachtig wonen en voelen velen zich snel thuis. We moeten soms iets meer moeite doen mensen binnen te halen maar eenmaal binnen wil niemand meer weg.’

Opleiding met elkaar systematisch verbeteren

Opleiding verbeteren
In OORzaken, de nieuwsbrief van de OOR N&O, vertelt Verhagen hoe hij samen met stafleden en aios continue werkt aan verbetering van de opleiding.

Eduard Verhagen is opleider Kindergeneeskunde in het UMCG. Hij vertelt hoe de opleidingsgroep werkt aan een systematiek waarmee ze op verschillende tijdstippen de kwaliteit van de opleiding kunnen meten. ‘We hebben natuurlijk de visitaties, maar daar zit vijf jaar tussen. Dat vinden wij te lang.’

Cyclus

Verhagen legt uit dat hij een cyclus wil opzetten van opleiden – meten – aanpassen – opleiden. ‘We zoeken naar simpele methoden om regelmatig te meten. De digitale vragenlijsten D-Rect en Set-Q, die nu in de OOR beschikbaar zijn, passen daar goed in. Meten is noodzakelijk om te kunnen verbeteren, maar we moeten er voor waken dat mensen "meting-moe" worden.'

Supervisoren beoordelen

De kindergeneeskunde heeft vorig jaar ervaring opgedaan met de beoordeling van supervisoren. Daarvoor is niet de Set-Q gebruikt maar een gemodificeerde versie van de CTEI vragenlijst. Verhagen: ‘Supervisoren weten dat ze beoordeeld worden, en ze vinden dat ook belangrijk. Maar er was wel een drempel, voor de supervisoren én voor de aios.’ Supervisoren kunnen een individuele beoordeling als bedreigend zien, ze vroegen zich af of het veilig was. Krijgt iedereen inzage? Wordt ik er op afgerekend? Voor aios was er ook een drempel. Zij waren niet gewend om supervisoren te beoordelen en waren wel eens bang dat een beoordeling hen gedurende de hele opleiding zou achtervolgen. Verhagen: ‘De vragenlijst is voldoende geanonimiseerd zodat aios daar niet bang voor hoeven te zijn. Deze drempels en vrees moet je voordat je gaat meten verlagen. En dat is bij ons gelukt. Supervisoren zijn er nu blij mee dat ze beoordeeld worden en aios zijn overtuigd dat de enquête voldoende geanonimiseerd is.’

Proefvisitatie

Ook de proefvisitatie is onderdeel van de cyclus. Kindergeneeskunde heeft in juli een proefvisitatie gedaan, een jaar voor de werkelijke visitatie. Het is een oefening in het verzamelen van informatie en de opleidingsgroep bereidt zich mentaal voor op de visitatie. ‘Tijdens de proefvisitatie hebben we iedereen bij elkaar, supervisoren en aios. Het gebeurt haast nooit dat alle 28 aios bijeen zijn, ook daarom is de proefvisitatie heel waardevol. We gaan met elkaar in gesprek en dat levert informatie op. Van het gesprek maken we een verslag. Dat bespreken we met elkaar en dan komen concrete verbeterpunten op tafel. We maken samen een verbeterplan en voeren dat plan samen uit.’

Een voorbeeld voor een verbeterpunt naar aanleiding van de laatste proefvisitatie is het cursorisch onderwijs. Aios hebben één dag in de maand cursorisch onderwijs dat zij zelf organiseren. ‘Uit de proefvisitatie kwam naar voren dat de organisatie en logistiek problemen opleveren en dat de inhoud niet voldoende aansluit bij het nieuwe opleidingsplan. We gaan een logistieke en een inhoudelijke slag maken.’

Nieuwe doelen

Verhagen: ‘Het gaat natuurlijk om de verbeterpunten, maar we genieten ook van onze successen. We hebben daarom vorig jaar de supervisor van het jaar gekozen. We gebruiken de kwaliteitsinstrumenten om nieuwe doelen te stellen. Ik stimuleer en initieer, maar kan het niet alleen oplossen, dat doen we met elkaar. Met elkaar werken we aan verbetering van de opleiding.’

Tekst: Marjo Keijer

Volg ons op sociale mediaFacebook LinkedIn Twitter Youtube Instagram