• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Cochleair implantaat bij doofheid

Print 

​​Lezing dinsdag 8 april 2014

Sprekers:
Ir. A. (Bert) Maat KNO
Dr. R.H. (Rolien) Free KNO

Samenvatting

Goed kunnen horen is zo gewoon. Een goed functionerend gehoor is belangrijk om te kunnen spreken, in de sociale omgang en om van muziek te genieten. Slecht horen is een probleem dat deels gecompenseerd kan worden met hoortoestellen. Bij doofheid lukt dat niet meer. Het slakkenhuis is niet meer in staat het geluid door te geven naar de gehoorzenuw. In dat geval kan deze taak worden overgenomen door het cochleair implantaat (CI). 

Cochleaire implantatie vindt in het UMCG plaats bij doof geboren kinderen vanaf de leeftijd van 8 maanden tot aan volwassenen van boven de 90 jaar. Het is bijzonder dat jong geïmplanteerde kinderen, die zonder CI niet zouden kunnen horen en leren praten, in staat zijn regulier onderwijs te volgen met CI.  En hoe ouderen met CI meer betrokken blijven bij hun omgeving, en soms zelfs weer opbloeien.  

Kan een CI het ‘oude’ gehoor weer teruggeven? Helaas niet. Een gesprek in een rustige omgeving gaat prima, in rumoer gaat moeilijk en luisteren naar muziek is zeer beperkt. 

In het UMCG doen we onderzoek naar het verbeteren van de omzetting van het geluid naar de gehoorzenuw. Daartoe onderzoeken we luisterinspanning, emotieherkenning, muziekbeleving, stemherkenning en het luisteren in lawaai met en zonder CI.  In de voordrachten gaan we in op wie in aanmerking komt voor CI, de werking van het CI, de operatieve ingreep en de hoortraining na de implantatie. Verder zullen we voorbeelden van het geluid met CI laten horen en uitkomsten van lopend onderzoek presenteren. Ten slotte komt
ook implantatie aan één of twee oren aan de orde: zouden we het niet beter doen met twee CI-oren?​

 Praktisch
Volg ons op sociale mediaFacebook LinkedIn Twitter Youtube Instagram