• Tekstgrootte
 Mijn UMCG  

Voorvoetproblemen worden vaak onderschat en niet goed behandeld

Print 
Datum: 03 juli 2017
Tijd: 11:00
Locatie: Aula Academiegebouw Rijksuniversiteit Groningen
Adres: Broerstraat 5 te Groningen
Promotor: prof. S.K. Bulstra

​Joost Schrier: Forefoot disorders

Bijna een kwart (22%) van alle Nederlandse volwassenen heeft gedurende korte of langere tijd last van pijnklachten in de voet, bijvoorbeeld door reumatoïde artritis of teenafwijkingen. Orthopedisch chirurg Joost Schrier concludeert op basis van zijn proefschrift dat er veel te weinig bekend is over voorvoetproblemen. Er wordt weinig onderzoek naar gedaan, de problemen worden in de klinische praktijk onderschat en daardoor mogelijk ook niet goed behandeld. Met zijn eigen onderzoek probeert hij bij te dragen aan het vergroten van de kennis van voorvoetproblemen, zodat de behandeling verbetert.

Joost Schrier startte zijn onderzoek door 101 Nederlandse orthopedische chirurgen een digitale vragenlijst voor te leggen over de definitie en behandeling van kleine teenafwijkingen. Na evaluatie van de resultaten stelt hij vast dat er geen consensus bestaat op dit gebied; orthopeden blijken hamer-, klauw- en mallettenen verschillend te benoemen en behandelen. Ook in de wetenschappelijke literatuur blijken er nauwelijks overeenkomsten te bestaan in de definities en behandeling van kleine teenafwijkingen. Dat zijn twee opvallende conclusies, aangezien er heel veel mensen rondlopen met voorvoetklachten. Om bij te dragen aan meer uniformiteit, doet de promovendus in zijn proefschrift een voorzet voor nieuwe definities om beter verschil te kunnen maken tussen bijvoorbeeld hamer- en klauwtenen (verschillende teenafwijkingen van de kleine tenen).

Om meer duidelijkheid te krijgen over hoe teenafwijkingen in de praktijk behandeld worden, verrichte Schrier twee studies naar klauwtenen en patienten met reuma-voorvoetafwijkingen. In beide studies vergeleek hij twee verschillende behandelingen. Die vergelijking maakt duidelijk dat voor iedere individuele patient een bepaalde behandeling het meest geschikt is. De promovendus concludeert tot slot dat er behoefte is aan een speciale vragenlijst waarmee voorvoetklachten kunnen worden geïnventariseerd. Dit moet leiden tot meer uniformiteit en betere zorg aan deze groep patiënten.

Curriculum Vitae

Joost Schrier (1978) studeerde geneeskunde aan de Universiteit van Maastricht. Hij verrichte zijn promotieonderzoek binnen onderzoeksinstituut SHARE van het Universitair Medisch Centrum Groningen. Schrier is orthopedisch chirurg in de Medinova Kliniek Breda. De titel van zijn proefschrift is: “Forefoot disorders”.

Volg ons op sociale mediaFacebook LinkedIn Twitter Youtube Instagram