• Tekstgrootte
 Mijn UMCG  

Invloed van genen en omgeving op ADHD

Print 
Datum: 23 januari 2017
Tijd: 16:15
Locatie: Aula Academiegebouw Rijksuniversiteit Groningen
Adres: Broerstraat 5 te Groningen
Promotor: prof. dr. P.J. Hoekstra, prof. dr. J.K. Buitelaar

​Dennis Van der Meer: Neural correlates of gene-environment interactions in ADHD

De kans dat iemand ADHD-klachten ontwikkelt kan afhangen van een samenspel tussen stress en bepaalde genvarianten. Dit concludeert neurowetenschapper Dennis van der Meer in zijn promotieonderzoek. Hij laat zien dat risicofactoren voor ADHD niet geïsoleerd van elkaar werken, maar elkaar beïnvloedende onderdelen zijn van de complexe biologische ‘machinerie’ die gedrag produceert. Als we deze machinerie echt willen leren begrijpen moeten we daarom rekening houden met dit soort interacties. Het bestuderen hiervan is waardevol en levert een meer genuanceerd beeld op van de invloed van genen en omgevingsfactoren op ADHD en de hersenen, aldus Van der Meer.

Menselijk gedrag ontstaat doorgaans door een wisselwerking tussen omgevingsinvloeden en genen. Sommige kinderen kunnen onder invloed van stress bijvoorbeeld ADHD ontwikkelen, terwijl dit bij andere kinderen niet gebeurt. Het onderzoek van Dennis van der Meer richtte zich op deze relatie tussen genen, stress en ADHD.

ADHD is in belangrijke mate erfelijk, maar welke genen een rol spelen is nog grotendeels onduidelijk. Het meeste bewijs is er voor betrokkenheid van genen die de signalen van de neurotransmitter dopamine in de hersenen reguleren, wat ondersteund wordt door het feit dat ADHD-medicijnen ingrijpen op dit neurotransmittersysteem. Ook is er waarschijnlijk invloed van genen die betrokken zijn bij de regulatie van een andere neurotransmitter, serotonine.

Van der Meer laat in zijn onderzoek zien dat stressgevoeligheid gedeeltelijk verklaard kan worden door bepaalde varianten van genen die betrokken zijn bij de reactie van de hersenen op stress. Zo vond hij een sterkere relatie tussen blootstelling aan stress en ADHD-symptomen bij mensen met specifieke varianten van het gen voor de serotonine transporter (5-HTT) en het gen voor een glucocorticoide receptor (NR3C1). Deze relatie hing verder samen met volume en activiteit van frontale hersengebieden die belangrijk zijn voor regulatie van gedrag. Verder vond Van der Meer dat bepaalde statistische technieken, die in staat zijn om rekening te houden met gelijktijdige interacties tussen diverse genen en stressvolle gebeurtenissen, goed zijn in het voorspellen van het optreden van ADHD.

Curriculum Vitae

Dennis van der Meer (1987) studeerde moleculaire neurowetenschappen en neuroimaging aan de Rijksuniversiteit Groningen. Zijn promotieonderzoek werd gefinancierd door Accare en werd uitgevoerd in het UMCG binnen onderzoeksprogramma ANDDI (Abnormal Neurological Development: Early Diagnosis and Intervention) van de onderzoekschool Behavioural and Cognitive Neurosciences (BCN). Hij werkt nu als Research Fellow aan de universiteit van Oslo. De titel van het proefschrift is “Neural correlates of gene-environment interactions in ADHD”.

Volg ons op sociale mediaFacebook LinkedIn Twitter Youtube Instagram